Operating Instructions

Functies Systeemtoestellen 4-137
4.3 Servicefuncties voor de Telefonist(e)
1
2
7
9
3
3
toestelnummer
4
Bijstatus
1. Neem de hoorn op of druk op de HANDENVRIJ/MONITOR-
toets.
2. Kies het functienummer (793).
3. Kies het toestelnummer.
U hoort de bevestigingstoon en daarna de kiestoon.
Het display toont:
xxxx: Secondary — (xxx: toestelnummer)
4. Haak de hoorn in of druk op de HANDENVRIJ/MONITOR-
toets.
Programmeerverwijzing
Systeemprogrammering - Installatiehandleiding
[100] Flexibele nummers, Toewijzen COS Hoofdstatus, Toewijzen COS Bijstatus
[601] Service Klasse
[991] Randinformatie COS
Externe sensor
Als een apparaat dat met de externe sensor is verbonden geactiveerd wordt, krijgt
telefonist(e) 1 een alarmsignaal te horen.
U hoort het alarmsignaal:
Het display toont:
Ext. Sensor x — (x: Nummer Externe Sensor)
—Als u met een KX-TD1232 werkt, toont het display externe
sensor nr. 1 of 2.
1. Neem de hoorn op of druk op de HANDENVRIJ/MONITOR-
toets.
U hoort een speciale kiestoon (toon 3).
Voorwaarden
U kunt één externe sensor op het systeem aansluiten.
Het alarmsignaal stopt automatisch als u het niet binnen de 60 seconden beantwoordt.
Neemt u de hoorn op terwijl het alarmsignaal klinkt, dan hoort u een speciale kiestoon in
uw hoorn.
Als de lijn van telefonist(e) 1 bezet is terwijl de externe sensor een alarmsignaal stuurt, dan
zal het alarm pas afgaan als de lijn weer vrijgemaakt wordt.
1