Operating Instructions

4-66 Functies Systeemtoestellen
4.2 Functies Systeemtoestellen
3. Kies het deurintercom nummer (1) of (1–2).
— 1: als u bent aangesloten op de KX-TD816.
— 1–2: als u bent aangesloten op de KX-TD1232.
U hoort de bevestigingstoon.
De deur blijft 5 seconden lang open.
Het display toont:
Deur 1 Open
4. Leg de hoorn op de haak of druk HANDENVRIJ/MONITOR-
toets.
De deur openen tijdens gesprek vanaf willekeurig toestel
1. Kies 5.
U hoort de bevestigingstoon.
De deur blijft 5 seconden lang open.
Het display toont:
Deur 1 Open
2. Leg de hoorn op de haak of druk op de HANDENVRIJ-toets.
Voorwaarden
Als u 5 kiest, terwijl de deur open is, blijft de deur 5 seconden langer geopend.
Als u een oproep via de deurintercom niet binnen 30 sec. beantwoordt, wordt de verbinding
verbroken.
U dient in de Dag- en Nacht modus te programmeren welke toestellen een deurintercom-
gesprek kunnen voeren.
Alle interne toestellen kunnen naar de deurintercom bellen.
Deur 1 en 2 kunnen met het functienummer worden geopend. Deuren aangesloten op
deurintercom 1 of 2 kunnen worden geopend terwijl u in gesprek bent met de deurintercom.
Deur 1 en deurintercom 1 zijn het hoofdtoestel. Deur 2 en deurintercom 2 zijn het
neventoestel.
Met “Service Klasse” bepaalt u het toestel dat de deur kan openen.
Programmeerverwijzing
Systeemprogrammering — Installatiehandleiding
[100] Flexibele nummers, openen deur
[122] Toewijzen Automatisch Openen Deur
[511] Toegang tot Deur Openen
[607]–[608] Toewijzen Belsignaal Deurintercom — Dag/Nacht
3
1
2
1
2
of
4
5