Operating instructions
Toetsen
Hoofdletters/symbolen
#&’() ,–./1
ABC2ÄÀÂÅÆÇ
DEF3ËÉÈÊ
GHI4ÏÎ
JKL 5
MNO6ÖÑÓÔØ
PQR S 7
TUV8ÜÚÙÛ
WX Y Z 9
0
spatie
Basis bedieningsfunkties
Hoofdstuk 2
23
Het invoeren van namen
De cijfertoetsen kunnen worden gebruikt voor het invoeren van letters, cijfers en symbolen.
De letters staan op de cijfertoetsen afgebeeld. Elke toets vertegenwoordigt een teken zoals hieronder
staat aangegeven. Door op te drukken, kunt u kiezen voor hoofdletters of kleine letters.Telkens
wanneer u op drukt, verandert de modus.
F
F
Als u zich vergist tijdens het invoeren van een naam
Gebruik of om de cursor naar het foutieve teken te verplaatsen, en corrigeer vervolgens
de fout.
Als u op I drukt, wist u het teken dat links van de cursor staat.Om alle tekens te wissen, drukt u
stevig op I.
I
0
9
8
7
6
5
4
3
2
1
De cursor naar links verplaatsen.
De cursor naar rechts verplaatsen.
Tekens wissen
Kleine letters/symbolen
#&’() ,–./1
abc2äàâåæç
def3ëéèê
ghi4ïî
jkl5
mno6öñóôø
pq r s7ß
tuv8üúùû
wxyz9
0
spatie
•Druk op om de cursor naar de volgende positie te verplaatsen voor het invoeren van een
ander teken met behulp van dezelfde cijfertoets.
A
An
Ann
Anne
Als voorbeeld, het invoeren van “Anne”:
# Druk op .
$ Druk TWEEMAAL op , vervolgens op .
% Druk op , en vervolgens TWEEMAAL op .
& Druk TWEEMAAL op .
3
6
F
6
2
KX-TCD955NLC(22~27) 99.12.15 6:02 PM Page 23










