Operating Instructions
Probleem Oorzaak en oplossing
De andere partij klaagt over de
kwaliteit van de ontvangen docu-
menten.
R Probeer het document te kopiëren. Als de kopie helder is, kan er iets mis zijn met
de machine van de andere partij.
Zie “10.3.2 Problemen met afdrukken”, pagina 86 als de gekopieerde afbeelding
niet scherp of te donker is of als er zwarte lijnen, witte lijnen of vlekken verschijnen.
R Het originele document is te donker of te licht. Wijzig het contrast (pagina 44) en
probeer het opnieuw.
De andere partij klaagt dat de ont-
vangen documenten te donker en
onleesbaar zijn.
R U hebt gekleurd papier voor het afdrukken van het document gebruikt. Wijzig het
contrast (pagina 37) en maak een lichtere kopie van het document, met “TEXT”
resolutie (pagina 37), en probeer het opnieuw.
Ik kan geen documenten ontvan-
gen.
R De telefoonlijn is verbonden met de [EXT]-aansluiting van het apparaat. Sluit de
telefoonlijn aan op de [LINE]-connector (pagina 17).
R Als het apparaat via het LAN met de computer is verbonden en de instelling voor
pc-faxen (functie #442 op pagina 69) is ingeschakeld, worden de ontvangen faxdo-
cumenten automatisch naar de computer overgezet. Geef de ontvangen documen-
ten weer op de computer (pagina 55).
R De faxvoorbeeldmodus (functie #448 op pagina 55) is geactiveerd en de ontvangen
faxen worden automatisch in het geheugen opgeslagen. Bekijk de ontvangen do-
cumenten in de webbrowser (pagina 55).
R Zet de maximale faxsnelheid op “14.4Kbps” (functie #418 op pagina 67).
R Het afdrukpapier is in de lade voor handmatige papierinvoer geplaatst. Verwijder het
afdrukpapier uit de lade voor handmatige papierinvoer.
Ik kan documenten niet automa-
tisch ontvangen.
R De ontvangstmodus is ingesteld op TEL. Stel in op FAX ONLY-modus (pagina 50)
of TEL/FAX-modus (pagina 51).
R De voor het beantwoorden van het gesprek benodigde tijd is te lang. Verminder het
aantal keer dat het apparaat moet overgaan voordat het een gesprek beantwoordt
(functie #210 op pagina 63).
Op de display wordt
“CONNECTING.....” weergege-
ven, maar er worden geen faxen
ontvangen.
R Het gesprek is geen fax. Wijzig de ontvangstmodus in TEL-modus (pagina 51) of
TEL/FAX-modus (pagina 50).
De afdrukkwaliteit van de ontvan-
gen documenten is slecht.
R Als u goed documenten kunt kopiëren, werkt het apparaat normaal. De andere partij
kan een vaag document hebben verzonden, of er kan iets mis zijn met de fax van
de andere partij. Vraag hen een duidelijkere kopie van het document te sturen of
hun fax te controleren.
R Zie “10.3.2 Problemen met afdrukken”, pagina 86 als documenten niet goed kunnen
worden gekopieerd.
De andere partij klaagt dat zij
geen document kan verzenden.
R Het geheugen zit vol ontvangen documenten door een tekort aan afdrukpapier of
een papierstoring. Plaats papier (pagina 14) of verwijder het vastgelopen papier
(pagina 93).
R Als het apparaat via het LAN met de computer is verbonden en de instelling voor
pc-faxen (functie #442 op pagina 69) is ingesteld op “ALWAYS”, moet u de verbinding
tussen de computer en het apparaat controleren.
R Als het apparaat via het LAN met de computer is verbonden en de faxvoorbeeld-
modus (functie #448 op pagina 55) is ingesteld op “ON”, moet u de documenten
weergeven, afdrukken of opslaan. Wis vervolgens alle onnodige documenten (pa-
gina 55).
R Het apparaat is niet ingesteld op FAX ONLY. Druk op MFax Auto AnswerN tot het
lampje MFax Auto AnswerN aan gaat.
Ik kan de gewenste ontvangst-
modus niet selecteren.
R U stelt als volgt de modus FAX ONLY in:
– druk op MFax Auto AnswerN tot het lampje MFax Auto AnswerN aan gaat.
R Als u TEL-modus of TEL/FAX-modus wilt instellen:
– stel de gewenste modus in met functie #404 (pagina 66) en druk op MFax Auto
AnswerN tot het lampje MFax Auto AnswerN uitgaat.
88
10. Help










