Operating Instructions
- 88 -
≥ Als u inzoomt op een gedraaide foto met een beeldverhouding van 4:3
of 16:9 wordt de foto weergegeven zoals deze was voordat de rotatie
plaatsvond. Met een panoramafoto wordt de gedraaide foto
weergegeven. (l 94)
2 Verplaats de positie
van het ingezoomde
deel met gebruik van
de SET-toets.
Uitzoomen van de ingezoomde foto
Verplaats de zoomhendel naar de -kant om uit te zoomen.
Druk op de SET-toets om het gewone weergavescherm (100%) opnieuw
weer te geven.
∫ Bewaren van de gezoomde foto
Druk de -toets volledig in als ingezoomd is.
≥ Door het ingezoomde stilstaand beeld te bewaren terwijl [CREATIEVE
OPTIES] (l 93) ingesteld is, wordt het mogelijk foto's met
toegevoegde filtereffecten te bewaren.
≥ De informatie over de rotatie wordt bewaard voor gedraaide foto's met
beeldverhouding 4:3 en 16:9. De informatie over de rotatie wordt niet
bewaard voor panoramafoto's maar de gedraaide foto wordt wel
bewaard.
≥ In het geval van foto's die met gezichtsdetectie opgenomen zijn,
worden de gegevens van de gezichtsdetectie niet bewaard.
≥ Hoe meer het beeld vergroot wordt, hoe slechter de beeldkwaliteit.
≥ De datum en de tijd van de opname van de origineel worden
opgeslagen als de datum en de tijd van ongeacht welke foto die na het
zoomen bewaard is.
190%190%190%
SET
WW
TT
100%100%100%










