Operating Instructions

- 70 -
Raadpleeg pagina 57.
Raadpleeg pagina 59.
Als op de -toets gedrukt wordt, wordt de flitser geactiveerd en wordt
het beeld opgenomen. Gebruik de ingebouwde flitser om in donkere
plaatsen foto’s te maken.
Als [FLITS] op ßA (AUTO) of ß (AAN) gezet is, worden [BURST] en
[PANORAMA] op (UIT) gezet.
[De Scène stand] zal op (UIT) gezet worden als [FLITS] op ßA
(AUTO) of ß (AAN) gezet is terwijl de [Scène stand] (l 66) op
(VUURWERK), (NACHTL.SCHAP), (HDR Comp.
Achtergrondlicht), of (DIMLICHT) gezet wordt.
Als u een shortcut-functie (l 77) op de SET-toets registreert, kunt u de
flitserinstelling veranderen vanaf het opnamebeeldscherm.
MENU OPNAME 2
[BURST]
[PANORAMA]
[FLITS]
[MENU]: # [FLITS] # gewenste instelling
ßA (AUTO): Het toestel bepaalt de helderheid van het
onderwerp en flitst indien nodig.
ß (AAN): Het toestel flitst, onafhankelijk van de helderheid
van het onderwerp.
(UIT): Wist de instelling
2
2