Operating instructions
- 151 -
Gebruikt u de camera op een zanderige of stoffige plek,
bijvoorbeeld op het strand, zorg er dan voor dat er geen zand of fijn
stof in de camera of in de aansluitingen van de camera kan komen.
Houd het toestel ook uit de buurt van zeewater.
≥ Zand of stof kan het toestel beschadigen (let op bij het plaatsen en
verwijderen van een SD-kaart).
≥ Veeg zeewater dat op het toestel is gespat weg met een goed
uitgewrongen doek. Veeg het toestel daarna af met een droge doek.
Laat de camera niet vallen en stoot hem ook nergens tegenaan.
≥ De behuizing van het toestel kan door een ernstige schok breken
waardoor de camera niet meer goed functioneert.
Reinigen
≥ Voordat u begint met reinigen, de batterij loskoppelen of de netadapter
uit het stopcontact halen en vervolgens het toestel met een zachte,
droge doek afnemen.
≥ Als het toestel erg vuil is, dompelt u een doek in water, wringt u deze
goed uit, en veegt u het toestel af met de vochtige doek. Daarna droogt
u het toestel met een droge doek.
≥ Als u wasbenzine, thinner, alcohol of afwasmiddel gebruikt, kan de
behuizing van de camera vervormen of de afwerklaag eraf bladeren.
Gebruik dergelijke oplosmiddelen niet.
≥ Bij gebruik van een chemisch reinigingsdoekje dient u de bijbehorende
instructies nauwkeurig op te volgen.










