Operating instructions
36 VQT3P18
INSTELLEN
1 Functie voor beeldstabilisatie
(pagina 67)
h Compenseer voor het trillen
van de camera tijdens het
opnemen.
2 Scherpstelling (pagina 68)
h Pas de scherpstellingsmodus
aan op basis van de afstand
tot het onderwerp.
3 Focusmodus
4 Lichtmeetmodus
5 ISO-gevoeligheid (pagina 69)
h
De aangegeven ISO-waarde is de
standaarduitvoergevoeligheid.
6 Witbalans (pagina 70)
7 Aanduiding voor resterende
batterijlading (pagina 114)
:Tijdens het opnemen van
videobeelden is de functie
voor beeldstabilisatie altijd
actief.
: Het trillen van de camera
wordt in de gemaakte foto
gecorrigeerd.
:Het trillen van de camera
tijdens het opnemen van
videobeelden en het
maken van foto's wordt
gecompenseerd en
gecorrigeerd.
:De functie voor
beeldstabilisatie is niet
actief.
*
: De camera stelt
automatisch scherp op het
onderwerp binnen een
bereik van 10 cm tot ∞
(normaal).
-
:
De scherpstelling kan
handmatig worden ingesteld.
:
De camera stelt scherp op het
onderwerp binnen een bereik
van 1 cm tot
∞
(macro).
:9-puntsfocus
:Puntfocus
Een focusmarkering '
verschijnt in het midden
van de LCD-monitor.
n: Multi-meting
W
: Lichtmeting in middelpunt
Y
:
Lichtmeting op specifiek punt
Een lichtmeetpunt @
verschijnt in het midden
van de LCD-monitor.
=
: Gevoeligheid wordt
automatisch ingesteld
*
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 50
u
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 100
v
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 200
w
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 400
6
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 800
-
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 1600
z
: Gevoeligheid wordt
ingesteld op ISO 3200 (HX-
DC10)
>:
De witbalans wordt
automatisch aangepast
afhankelijk van de
omgevingsverlichting (auto).
:Voor opnamen bij mooi
weer (zonnig).
o
: Voor opnamen bij bewolkt
weer (bewolkt).
:Voor opnamen binnenshuis
bij gloeilampen (gloeilicht).
:Voor het instellen van de
meest nauwkeurige
witbalans (witset).










