Operating Instructions

Table Of Contents
- 54 -
Instelling van het audio-invoerniveau
Instelling van het ingangsniveau van de ingebouwde microfoon
(5.1 ch)
Zet [MIC INSTELLEN] op iets anders dan [2ch]. (l 50)
1 Selecteer het menu.
2 (Als [Instel.]/[Instel.r ] geselecteerd is)
Raak / aan om het invoerniveau
van de microfoon in te stellen.
Raak aan om ALC te activeren/deactiveren. Is
ALC geactiveerd dan is de icoon omgeven door een
gele kleur en kan de hoeveelheid geluidsvervorming
gereduceerd worden. Is ALC gedeactiveerd dan kan
een natuurlijke opname gemaakt worden.
Stel het gevoeligheidsniveau van de microfoon
zodanig in dat de laatste 2 balken van de gain-waarde
niet rood zijn. (Anders wordt het geluid vervormd.)
Selecteer een lagere instelling voor het
gevoeligheidsniveau van de microfoon.
3 Raak [ENTER] aan om het
ingangsniveau van de microfoon in te stellen en raak vervolgens
[STOP] aan.
wordt op het opnamescherm weergegeven als ALC ingeschakeld is.
Als [MIC INSTELLEN] op [ZOOM MIC] staat, zal het volume anders zijn afhankelijk van de
zoomverhouding.
U kunt niet opnemen met het geluid volledig onderbroken.
: [OPNAME INST.] # [5.1ch Mic. Niveau] # gewenste instelling
[AUTO]: ALC wordt geactiveerd en het opnameniveau wordt
automatisch ingesteld.
[Instel.]/[Instel.
r
]:
Het gewenste gevoeligheidsniveau van de microfoon voor
opnemen kan worden ingesteld.
MENU
A Midden
B Linksvoor
C Linksachter
D Rechtsvoor
E Rechtsachter
F
Microfoongevoeligheidsniveau