Operating Instructions
Table Of Contents
- Veiligheidsinstructies
- Inhoudsopgave
- Voorbereiding
- Opname
- Afspelen
- Bewerken
- Menu
- Display
- Overige

- 47 -
Voer de instellingen voor diafragma/gain uit door aan de diafragmaring te draaien.
Pas de lensopening aan als het scherm te helder of te donker is.
≥ Schakel de handmatige werking in. (l 39)
1 Druk op de IRIS A/M toets om naar manuele diafragmamodus te
schakelen.
≥ verdwijnt.
≥ De gain wordt in dB weergegeven.
2 Stel het diafragma in door aan de diafragmaring te draaien.
Diafragma/Gain-waarde:
CLOSE
!#
(F11 tot F1.6)
!#
OPEN
!#
(0dB tot 30dB)
≥ Waarde dichtbij CLOSE resulteert in een donkerder beeld.
≥ Een waarde dichter bij 30dB zal het beeld helderder maken.
≥ Wanneer de diafragmawaarde wordt ingesteld op helderder dan OPEN, verandert de
gain-waarde.
≥ Om terug te keren naar automatische diafragmamodus drukt u op de toets IRIS A/M.
≥ Als de gain-waarde is gestegen, stijgt ook de ruis op het scherm.
≥ Afhankelijk van het zoombereik, kan het diafragma niet worden weergegeven.
≥ Wanneer de instelling van [3D/2D Opn. stand] verandert, gaat dit toestel over naar de
standaardmodus automatische diafragmaregeling ( ).
Opname
Diafragma-instelling
IRIS A/M
MNL
F4.0
A Gain-waarde
B Diafragmawaarde
C Icoon automatisch diafragma
*
* Dit wordt in de automatische
diafragmamodus weergegeven.
1 IRIS A/M toets
2 Diafragmaring










