Operating instructions

48
Functie
Algemene instellingen (voor de beheerder) (vervolg)
Nr. Modes Functie
Standaard
instelling
25
26
27
28
29
30
31
HARDDISK FORMAT.
1
HARDDISK FOUTCONTR.
1
VERK. GROEP ID
COMMUNITYNAAM(1)
2
COMMUNITYNAAM(2)
2
APPARAATSNAAM
2
APPARAATSLOCATIE
2
Voor formatteren van de vaste schijf.
SET OM TE STARTEN
Voor keuze van de voorwaarden voor de vaste-
schijf foutcontrole.
SET OM TE STARTEN
Voor invoer van de groeps-ID voor het adresboek:
0 - 99
0
Voor wel of niet wijzigen van de
gemeenschapsnaam (1) SNMP.
Mogelijkheid tot alleen lezen
public
public
Voor wel of niet wijzigen van de
gemeenschapsnaam (2) SNMP.
Mogelijkheid tot lezen/schrijven
Voor invoer van de apparaatnaam wanneer die
vereist is.
(voor monitor status)
Voor invoer van de apparaatnaam wanneer die
vereist is.
(voor monitor status)
Opmerking
1 Alleen beschikbaar wanneer de optionele vaste schijfeenheid is aangebracht.
2 Als de parameters 28 tot en met 31 zijn ingesteld, kunt u het apparaat aan en uit schakelen door de
stroomschakelaar aan de linkerkant van het appparaat AAN en UIT te zetten.