Operating instructions
- 40 -
Basiskennis
•
Wanneer u de camera aansluit op een TV, verandert het volume van de TV-luidsprekers niet.
Bovendien wordt er wanneer er aangesloten is geen geluid uitgegeven vanaf de cameraluidsprekers.
• Het kan zijn dat sommige onderwerpen er op de LCD-monitor anders uitzien dan in werkelijkheid.
Dit heeft echter geen effect op de opgenomen beelden.
• De weergave van de opnamezone van de bewegende beelden is slechts een benadering.
• De weergave van de opnamezone kan verdwijnen wanneer u met Tele zoomt, al naargelang de
instelling van het beeldformaat.
• In de Intelligent auto mode wordt het vast ingesteld op [OFF].
r [Toon]
Hiermee stelt u de pieptoon en sluitertoon in.
r [Toonniveau]: [Shutter vol.]:
[t]
[u]
[s]
([Laag])
([Hoog])
([UIT])
[]
[]
[]
([Laag])
([Hoog])
([UIT])
[Pieptoon]:
[]/[]/[]
[Shutter toon]:
[]/[]/[]
u
[Luidsprekervolume]
Stel het volume af van de luidspreker op één van de 7 niveaus.
[Scherm]
Helderheid, kleur of rode of blauwe tint van de LCD-monitor wordt afgesteld.
[Helderheid]:
Afstellen van de helderheid.
[Contrast · Verzadiging]:
Afstellen van contrast of helderheid van kleuren.
[Roodachtig]:
Afstellen van rode tint.
[Blauwzweem]:
Afstellen van blauwe tint.
1 Selecteer de instellingen door op 3/4 te drukken en stel bij
met 2/1.
2 Op [MENU/SET] drukken om in te stellen.
[Focus icoon]
Verander de focusicoon.
[ ]/[ ]/[ ]/[ ]/[ ]/[ ]
[Video
Opn.gebied]
Zichthoek voor bewegend beeldopname kan gecontroleerd worden.
[ON]/[OFF]
1
2
3
1
2
3










