Operating Instructions
- 111 -
Wi-Fi
1 Druk op [Wi-Fi].
2 Druk op 3/4/2/1 om [Nieuwe verbinding] te selecteren en druk vervolgens op
[MENU/SET].
3 Druk op 3/4 om [Afbeeldingen versturen tijdens opname]
te selecteren en druk vervolgens op [MENU/SET].
4 Druk op 3/4 om [Smartphone] te selecteren en druk
vervolgens op [MENU/SET].
5 Op [MENU/SET] drukken.
6 Op [MENU/SET] drukken.
•
Raadpleeg voor details over de verbindingsmethoden P104, 105.
7 Druk op 3/4 om het apparaat te selecteren waarmee u een verbinding wilt maken
en druk vervolgens op [MENU/SET].
8 Controleer de instelling van de verzending en druk vervolgens op [MENU/SET].
•
Om de instelling van de verzending te veranderen, drukt u op 2. (P127)
9 Opnamen maken.
•
De beelden worden automatisch verzonden nadat ze genomen zijn.
• Om de instelling te veranderen of om af te sluiten, drukt u op [Wi-Fi]. (P100)
U kunt de instellingen niet veranderen terwijl u beelden verzendt. Wacht tot het verzenden klaar
is.
• U kunt geen bewegende beelden opnemen als de camera verbonden is met gebruik van
[Afbeeldingen versturen tijdens opname].
Versturen van een beeld telkens wanneer een opname gemaakt wordt ([Afbeeldingen
versturen tijdens opname])
Cancel
Select
Set
Select a function
Remote Shooting & View
Send Images While Recording
Send Images Stored in the Camera










