Operating Instructions
- 57 -
Gebruik van het menu [Opname]
[Witbalans]
• Instelprocedures voor het menu [Opname] (→33)
Pas bij onnatuurlijke kleuren de kleuring aan de lichtbron aan.
■
Opnamemodus:
■
Instellingen: [AWB] (automatisch) / (buitenshuis, heldere hemel) /
(buitenshuis, bewolkt) / (buitenshuis, schaduw) /
(kunstlicht) / (gebruikt de waarden ingesteld in ) /
(handmatig instellen)
[AWB]-instelbereik:
10000K
9000K
8000K
7000K
6000K
5000K
4000K
3000K
2000K
Bewolkte lucht (regen)
Schaduw
Gloeilamplicht
Zonsondergang/zonsopgang
Kaarslicht
Zonlicht
Wit tl-licht
Blauwe lucht
K=Kelvin-kleurtemperatuur
■
Witbalans handmatig instellen ( )
Selecteer en druk op [MENU/SET].
Richt de camera op een wit voorwerp (bijvoorbeeld
papier) en druk op [MENU/SET].
• De witbalans wordt ingesteld op .
• De witbalans die u instelt, blijft behouden, zelfs
nadat de camera is uitgeschakeld.
•
De witbalansinstelling is niet altijd mogelijk als het
onderwerp te licht of te donker is. In dergelijke
gevallen past u het onderwerp op de juiste helderheid
aan en stelt u vervolgens de witbalans opnieuw in.
Maakt alleen een foto van witte
objecten binnen het frame (stap
)
●
Een beeld kan rood- of blauwachtig worden wanneer de witbalans buiten het [AWB]-
instelbereik valt. Zelfs als de witbalans binnen het [AWB]-instelbereik ligt, werkt deze
functie mogelijk niet goed als er meerdere lichtbronnen zijn.
●
Onder tl-verlichting, LED-lampen enzovoort kan de juiste witbalans variëren, afhankelijk
van het soort verlichting, dus gebruik [AWB] of [ ].
●
De witbalansinstelling wordt vast ingesteld op [AWB] in de volgende scènemodi:
[Landschap], [Nachtportret], [Nachtl.schap], [Voedsel] en [Zonsonderg.]
●
Als de scènemodus wordt gewijzigd, keert de instelling voor witbalans automatisch
terug naar [AWB].










