Operating Instructions

Toepassing (opname)
Close-upbeelden opnemen
- 102 - VQT4J19
Wanneer u het onderwerp van dichtbij beeldvullend wilt opnemen, kunt u door instellen
op [ ] onderwerpen dichter benaderen dan bij het normale scherpstelbereik (tot 1 cm
voor max. groothoek).
Kortste opnameafstand
De kortste opnameafstand is de afstand van de voorkant van de lens tot het onderwerp.
Deze afstand verandert geleidelijk, afhankelijk van de zoomstand.
Keuzeschakelaar
voor scherpstelling
Zoom
max. groothoek max. tele
50 cm 50 cm
1 cm 30 cm
1 cm 30 cm
Het scherpstelbereik wordt weergegeven wanneer u de zoom gebruikt enz.
Scherpstelbereik
In de modus [Intelligent auto] zal de kortste opnameafstand hetzelfde zijn als die voor
[ ], ongeacht de instelling van de keuzeschakelaar voor scherpstelling.
Het kan even duren totdat onderwerpen op grote afstand scherp worden.
Het verdient aanbeveling een statief en de [Zelfontspanner] te gebruiken. Bovendien
bevelen wij aan, wanneer u een onderwerp vlakbij de camera opneemt, om de flitser
te sluiten om deze op [ ] (Flitser altijd uit) te zetten.
Als u de camera beweegt nadat er is scherpgesteld, kunnen uw beelden onscherp
zijn wanneer uw onderwerp erg dicht bij de camera is, aangezien de scherptediepte
en dus het scherpstelbereik bijzonder gering is.
Het is niet mopgelijk om de AF Macro modus in de volgende gevallen in te stellen.
• In alle Scène Modes, behalve [3D Foto Mode]
Zet de keuzeschakelaar voor
scherpstelling op [ ]
Hiermee kunt u close-up
scherpstellen op een onderwerp.
(Automatische scherpstelfuncties.)
Zet gelijk met de indicator