Operating Instructions

Diversen
Accessoiresysteem voor digitale camera
- 201 - VQT4J19
Gebruik van de externe flitser (optioneel)
Wanneer u een externe flitser (DMW-FL220, DMW-FL360, DMW-FL500; optioneel)
gebruikt, biedt deze een breder effectief flitsbereik dan de ingebouwde flitser.
Voorbereiding:
• Zet de ON/OFF-schakelaar van de camera op [OFF] en sluit de ingebouwde flitser.
• Verwijder de bescherming flitsschoen die op de camera is aangesloten. (→9)
Bevestig de flitser aan de flitsschoen en zet de camera en de
flitser aan
Selecteer [Flitser] in het menu [Opname]
• Voor de instelprocedures van het menu. (→25)
Gebruik de cursortoets om de instelling voor flitsermodus te
selecteren en druk op [MENU/SET]
• Terwijl de externe flitser is aangesloten, worden de volgende pictogrammen
weergegeven.
: AUTO
: AUTO/Rode-ogenreductie
: Flitser altijd aan
: Langzame synchronisatie/Rode-ogenreductie
: Flitser altijd uit
Wanneer u een andere in de handel verkrijgbare externe flitser zonder
communicatiefuncties met de camera (DMC-LX7) gebruikt
• U moet de belichting op de externe flitser instellen wanneer deze wordt gebruikt.
Wanneer u een externe flitser in de automatische modus gebruikt, gebruikt u een
externe flitser waarop u de diafragmawaarde en de ISO-gevoeligheid in kunt stellen
op dezelfde instellingen als op de camera.
• Stel de camera in op de modus [Lensopeningspr.] of [Handm. belicht.] en stel
vervolgens dezelfde diafragmawaarde en ISO-gevoeligheid in op de externe flitser.
(De juiste belichting kan niet worden bereikt omdat de diafragmawaarde verandert
in de modus [Sluiterprioriteit]. Het licht van de externe flitser kan niet naar behoren
worden aangepast, omdat de diafragmawaarde niet kan worden vastgezet in de
modus [Program AE].)