Operating Instructions
5. Instellingen van beeld- en fotokwaliteit
124
Bijstellen van heldere/donkere delen
([Schaduw markeren])
Toepasbare modi:
U kunt de helderheid van heldere en donkere gedeeltes van een beeld bijstellen terwijl u
de helderheid op het scherm controleert.
1
Selecteer het menu.
2
Druk op 2/1 om het item te selecteren.
3
Draai aan de modusknop op de achterkant
om de helderheid van de heldere/donkere
delen bij te stellen.
A Helder deel
B Donker deel
C Weergave voorvertoning
• Telkens wanneer u op de modusknop op de achterkant
drukt, kunt u tussen de instelling van het donkere
gedeelte en die van het heldere gedeelte schakelen.
• Voor het registreren van een voorkeursinstelling drukt u
op 3 en selecteert u de bestemming waar de klantinstelling op geregistreerd moet
worden ([Klant1] (
)/[Klant2] ()/[Klant3] ()).
4
Op [MENU/SET] drukken.
> [Opname] > [Schaduw markeren]
(Standaard) Er is een status zonder bijstellingen ingesteld.
(Vergroot het
contrast)
Heldere zones worden helderder en donkere zones worden
donkerder.
(Verklein het
contrast)
Heldere zones worden donkerder en donkere zones worden
helderder.
(Donkere zones
helder maken)
Donkere zones worden helder gemaakt.
// (Klant)
Er kunnen geregistreerde klantinstellingen toegepast
worden.
MENU
ヤヤ
ヒ
ヤヤ
ビ
ヤヤ
ピ
A
B C
ヤヤ
ヒ
ヤヤ
ビ
ヤヤ
ピ










