Operating Instructions

Basiskennis
- 38 -
Menu [SET-UP]
[KLOKINST.]/[WERELDTIJD]/[TOON]/[TAAL]/[O.I.S. DEMO]
De instellingen van de volgende items zijn vastgesteld.
¢1 De instellingen die geselecteerd kunnen worden kunnen geselecteerd worden verschillen
van wanneer er andere [OPNAME] functies gebruikt worden.
¢2 Als [ANTI-BEW.WAAS] op [ON] staat en het maximum ISO-gevoeligheidsniveau [ISO5000]
wordt.
¢3 Vaststellen op [AUTO] tijdens opname van bewegend beeld
¢4 Dit zal op [Ø] gezet worden wanneer tijdens het opnemen van bewegende beelden geen
gezichten gedetecteerd kunnen worden.
¢5 [i.ZOOM] zal niet werken als [ANTI-BEW.WAAS] op [ON] gezet is.
¢6 Vaststellen op [MODE 1] tijdens opname van bewegend beeld
De volgende functies kunt u niet gebruiken.
[BELICHTING]/[AUTO BRACKET]/Witbalans, fijnafstelling/[KORTE SLUITERT.]/[DIG.
ZOOM]/[AUDIO OPNAME]/[HISTOGRAM]
De andere items op het [SET-UP] menu kunnen ingesteld worden in een functie zoals de
normale beeldfunctie. Wat ingesteld wordt, zal invloed hebben op de intelligent auto mode.
Onderdeel Instellingen
[RICHTLIJNEN] (P27) ([OPNAME INFO.]: [OFF])
[BESPARING] ([SLAAPSMODUS]) (P28) [5MIN.]
[AUTO REVIEW] (P28) [2SEC.]
Flits (P56) /Œ
[KWALITEIT] (P105) A
[GEVOELIGHEID] (P106) (Intelligent ISO)
(De maximum ISO -gevoeligheid:
ISO1600)
¢2, 3
[ISO-LIMIET] (P107) 1600
¢
2
[WITBALANS] (P107) [AWB]
[AF MODE] (P110) š (Instellen op [ ] wanneer een gezicht
niet opgespoord kan worden
¢4
)
[PRE AF] (P113)
[I. EXPOSURE] (P114) [ON]
[I.RESOLUTIE] (P115) [i.ZOOM]
¢
5
[STABILISATIE] (P117) [AUTO]
¢
6
[AF ASS. LAMP] (P119) [ON]
[RODE-OGEN CORR] (P119) [ON]
[CONTINU AF] (P120) [ON]
[WINDREDUCTIE] (P120) [OFF]