Operating Instructions
Table Of Contents
- Inhoud
- Voor Gebruik
- Voorbereiding
- Basiskennis
- Selecteren van de [OPNAME]-functie en opnemen van stilstaand beeld of bewegend beeld
- Beelden maken m.b.v. de automatische functie (Intelligente Automatische Functie)
- Het maken van beelden met uw favoriete instellingen (AE-programmafunctie)
- Foto’s maken met gebruik van de Touch Shutter functie
- Opnames maken met scherpte en belichting ingesteld op het onderwerp (Touch AF/AE)
- Beelden maken met de zoom
- Beelden terugspelen ([NORMAAL AFSP.])
- Beelden wissen
- Geavanceerd (Opnamebeelden)
- Over de LCD-monitor
- Beelden maken met de ingebouwde flits
- Close-up’s maken
- Opnamen maken met de zelfontspanner
- Beelden Maken met Ingestelde Opening (Openingsprioriteit AE)
- Beelden maken met Instellen Sluitertijd (Sluiterprioriteit AE)
- Beelden Maken met Belichting Handmatig Ingesteld (Handmatige belichting)
- Belichtingscompensatie
- Beelden maken met Auto Bracket
- Opnamen maken met de burstfunctie
- Beelden maken die met de scène die opgenomen wordt overeenkomen (Scènefunctie)
- [PORTRET]
- [GAVE HUID]
- [TRANSFORMEREN]
- [ZELFPORTRET]
- [LANDSCHAP]
- [PANORAMA ASSIST]
- [SPORT]
- [NACHTPORTRET]
- [NACHTL. SCHAP]
- [NACHTOP. UIT HAND]
- [VOEDSEL]
- [PARTY]
- [KAARSLICHT]
- [BABY1]/[BABY2]
- [HUISDIER]
- [ZONSONDERG.]
- [H. GEVOELIGH.]
- [FLITS-BURST]
- [STERRENHEMEL]
- [VUURWERK]
- [STRAND]
- [SNEEUW]
- [LUCHTFOTO]
- [SPELDENPRIK]
- [ZANDSTRAAL]
- [HOGE DYNAMIEK]
- [FOTO FRAME]
- Opname Bewegend Beeld
- Een beeld maken met Gezichtsdetectie functie
- Nuttige functies op reisbestemmingen
- Het functiemenu [OPNAME] gebruiken
- Het functiemenu [BEWEGEND BEELD] gebruiken
- Tekst Invoeren
- Geavanceerd (Terugspelen)
- Aansluiten op andere apparatuur
- Overige

- 146 -
Geavanceerd (Terugspelen)
U kunt de opnamedatum/tijd, naam, plaats, reisdatum of titel op de gemaakte beelden
afdrukken.
Dit gaat voor printen van normale afmetingen. (Beelden met een afmeting groter dan
[ ] worden verkleind als u de datum enz. erop wil laten afdrukken.)
Selecteer [TEKST AFDR.] op het [AFSPELEN] functiemenu. (P23)
Raak het item aan.
• Als u [ÉÉN IN BURSTGROEP] of [MEER IN
BURSTGROEP] geselecteerd heeft, selecteer dan
de burst-beeldengroep en ga verder met stap
3.
[TEKST AFDR.]
Selecteer een beeld dat u wilt afdrukken met tekst.
• [‘] verschijnt op het scherm als het beeld afgedrukt wordt met tekst.
Instelling [ENKEL]
1 Versleep het scherm horizontaal en
selecteer het beeld.
2 Raak [INST.] aan.
•
U kunt de beelden continu vooruit of achteruit spoelen
door uw vinger op de linker of rechterzijde van het
scherm te houden nadat een beeld vooruit/achteruit
gespoeld is. (De beelden worden in gereduceerd
formaat weergegeven.)
[ENKEL]
Instelling [MULTI]
1 Raak een beeld aan om het te selecteren
(herhalen)
•
Verander van beeldscherm door [3]/[4] aan te raken
als deze op de schuifbalk weergegeven worden.
• De selectie zal geannuleerd worden door hetzelfde
beeld opnieuw aan te raken.
2 Raak [UITVOER.] aan.
[MULTI]










