Operating Instructions
Table Of Contents
- Inhoud
- Voor Gebruik
- Voorbereiding
- Basiskennis
- Selecteren van de [OPNAME]-functie en opnemen van stilstaand beeld of bewegend beeld
- Beelden maken m.b.v. de automatische functie (Intelligente Automatische Functie)
- Het maken van beelden met uw favoriete instellingen (AE-programmafunctie)
- Foto’s maken met gebruik van de Touch Shutter functie
- Opnames maken met scherpte en belichting ingesteld op het onderwerp (Touch AF/AE)
- Beelden maken met de zoom
- Beelden terugspelen ([NORMAAL AFSP.])
- Beelden wissen
- Geavanceerd (Opnamebeelden)
- Over de LCD-monitor
- Beelden maken met de ingebouwde flits
- Close-up’s maken
- Opnamen maken met de zelfontspanner
- Beelden Maken met Ingestelde Opening (Openingsprioriteit AE)
- Beelden maken met Instellen Sluitertijd (Sluiterprioriteit AE)
- Beelden Maken met Belichting Handmatig Ingesteld (Handmatige belichting)
- Belichtingscompensatie
- Beelden maken met Auto Bracket
- Opnamen maken met de burstfunctie
- Beelden maken die met de scène die opgenomen wordt overeenkomen (Scènefunctie)
- [PORTRET]
- [GAVE HUID]
- [TRANSFORMEREN]
- [ZELFPORTRET]
- [LANDSCHAP]
- [PANORAMA ASSIST]
- [SPORT]
- [NACHTPORTRET]
- [NACHTL. SCHAP]
- [NACHTOP. UIT HAND]
- [VOEDSEL]
- [PARTY]
- [KAARSLICHT]
- [BABY1]/[BABY2]
- [HUISDIER]
- [ZONSONDERG.]
- [H. GEVOELIGH.]
- [FLITS-BURST]
- [STERRENHEMEL]
- [VUURWERK]
- [STRAND]
- [SNEEUW]
- [LUCHTFOTO]
- [SPELDENPRIK]
- [ZANDSTRAAL]
- [HOGE DYNAMIEK]
- [FOTO FRAME]
- Opname Bewegend Beeld
- Een beeld maken met Gezichtsdetectie functie
- Nuttige functies op reisbestemmingen
- Het functiemenu [OPNAME] gebruiken
- Het functiemenu [BEWEGEND BEELD] gebruiken
- Tekst Invoeren
- Geavanceerd (Terugspelen)
- Aansluiten op andere apparatuur
- Overige

Geavanceerd (Terugspelen)
- 141 -
∫ Operaties die uitgevoerd worden tijdens terugspelen van bewegend beeld
1 Geef bedieningspaneel weer door het scherm aan te raken.
•
Als er 2 seconden lang geen operatie uitgevoerd wordt, zal deze terugkeren naar zijn
originele status.
2 Bedieningspaneel hanteren door aan te raken.
• Over vooruit spoelen/terug spoelen afspelen
– Raak [ ] aan tijdens het afspelen om snel vooruit te spoelen (raak [ ] aan om snel terug
te spoelen). De snelheid van snel vooruit/achteruit spoelen neemt toe als u [ ]/[ ]
opnieuw aanraakt (de weergave op het scherm verandert van [ ] in [ ].)
– Raak [ ] aan om de gewone weergavesnelheid te hervatten.
• Met een hoge-vermogenskaart is het mogelijk dat de snel-achteruitterugspoelfunctie
langzamer dan normaal gaat.
Aantekening
•
Gebruik voor het afspelen van bewegende beelden die met dit toestel op een PC opgenomen
zijn, de “QuickTime” of de “PHOTOfunSTUDIO 5.2 HD Edition” software op de (bijgeleverde)
CD-ROM.
• QuickTime Motion JPEG-bewegende beelden die opgenomen zijn met een PC of andere
apparatuur zouden lagere beeldkwaliteit kunnen hebben of zouden niet in staat kunne zijn
afgespeeld te kunnen worden met dit apparaat.
Aantekening
•
U kunt het geluid horen uit de speaker. Lees [VOLUME] (P26) voor informatie over hoe u het
volume regelt in het [SET-UP] menu.
• Beelden met geluid opgenomen met andere apparatuur zouden niet teruggespeeld kunnen
worden op dit apparaat.
C Snel terugspoelen, Frame-per-frame
terugspoelen
¢
2
D Spelen/Pauze
E Snel verder spoelen, Frame-per-frame verder
spoelen
¢
2
F Stop
G Verlaagt het niveau van het volume
¢1
H Verhoogt het niveau van het volume
¢1
¢1 U kunt het volumeniveau bijstellen met gebruik
van de zoomhendel.
¢2 Deze handelingen kunnen alleen in de
pauzefunctie uitgevoerd worden en de
volgende iconen worden weergegeven.
– Frame-by-frame achteruit:[ ]
– Frame-by-frame vooruit:[ ]
Beelden met geluid
Selecteer een beeld met de audio-icoon [ ] en raak
vervolgens [ ] aan om het af te spelen.
A Geluidsicoon
• Lees [AUDIO OPNAME] (P124) voor informatie over hoe u niet
bewegende opnamen maakt met geluid.
A










