Operating instructions
64 VQT2X66 VQT2X66 65
Een scène selecteren (→59)
Flitser gebruiken in scènemodi (→55)
Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène
[SCÈNE MODE] (vervolg)
Opnamemodus:
Scène Toepassingen, Tips Opmerkingen
[H. GEVOELIGH.]
Voorkomt dat onderwerpen in donkere
omgevingen binnen onscherp worden.
Selecteer met ▲▼ de aspectratio
(beeldverhouding) en fotoresolutie en druk op
[MENU/SET].
Tips
• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger
Max. T: 50 cm en hoger
• Foto’s kunnen soms iets korrelig
overkomen vanwege de hoge
gevoeligheid.
• Belangrijke vaste instelling
[GEVOELIGHEID]: ISO1600 -
6400
• De volgende functies zijn niet te
gebruiken.
Extra-optische zoom/
[DIG. ZOOM]
[HI-SPEED
BURST]
Foto’s maken van snelle bewegingen of
beslissende momenten.
Selecteer met ▲▼ de aspectratio
(beeldverhouding) en fotoresolutie en druk op
[MENU/SET].
Maak foto’s. (Houd de ontspanknop
ingedrukt.)
Er worden continu foto’s gemaakt zolang de
ontspanknop volledig is ingedrukt.
Maximale
snelheid
∗
Ongeveer 4,6 foto’s/sec.
Aantal te
nemen
foto’s
∗
Ingebouwd
geheugen
Ongeveer 15 of
meer
Kaart
Ongeveer 15 tot 100
(Het maximum is 100)
∗
De burstsnelheid en het aantal foto’s dat
kan worden gemaakt, is afhankelijk van
de opnameomstandigheden en het type
geheugenkaart.
Tips
• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger
Max. T: 50 cm en hoger
• Het aantal foto’s dat u met de
burstfunctie kunt maken, is direct
na formattering groter.
• De beeldkwaliteit wordt iets
minder.
• Belangrijke vaste instellingen
[FLITS]:
[GEDWONGEN UIT]
[GEVOELIGHEID]: ISO500 - 800
• De scherpstelling, zoom,
belichting, witbalans, sluitertijd en
ISO-gevoeligheid zijn gelijk aan
die van de eerste foto.
• U kunt de volgende functies niet
gebruiken.
Extra optische zoom/
[DIG. ZOOM]/
[ZELFONTSPANNER]/
[BURSTFUNCTIE]
• Als het opnemen wordt
herhaald, kan er onder bepaalde
omstandigheden enige vertraging
zijn voordat de camera weer fot
o’s neemt.
Scène Toepassingen, Tips Opmerkingen
[FLITS-
BURST]
Voor doorlopend opnemen op plaatsen met
weinig licht.
Gebruik ▲▼om het beeldformaat en de
beeldverhouding te kiezen en druk dan op
[MENU/SET] om die vast te leggen.
Neem uw foto’s (Houd de ontspanknop
ingedrukt).
Er worden doorlopend foto’s gemaakt zolang
u de ontspanknop ingedrukt houdt.
Aantal achtereenvolgende foto’s: Max. 5
Tips
• Te gebruiken binnen de effectieve reikwijdte
van de flitser. (→55)
• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger
Max. T: 50 cm en hoger
• De beeldkwaliteit wordt iets
minder.
• Belangrijke vaste instellingen
[FLITS]:
[FLITS ALTIJD AAN]
[GEVOELIGHEID]: [
]
(automatisch ingesteld in een
bereik tot 3200)
• De scherpstelling, zoomstand,
belichtingscompensatie, sluitertijd
en ISO-gevoeligheid worden
allemaal vastgesteld op de
waarde voor de eerste foto.
• De sluitertijd wordt 1/60 seconde
tot 1/1600 seconde.
• De volgende functies zijn niet te
gebruiken.
Extra-optische zoom/
[DIG. ZOOM]/[BURSTFUNCTIE]
• Zie voor meer informatie over de
flitser (→54)
[STERRENHEMEL]
Duidelijke foto’s maken van de sterrenhemel
of van donkere onderwerpen.
• Sluitertijdinstellingen
Selecteer met ▲▼ en druk op [MENU/
SET].
• U kunt het aantal
seconden wijzigen via
de snelle instelmodus.
(→35)
Druk op de ontspanknop.
Het aftellen begint
Tips
• Stel langere sluitertijden in voor donkerdere
omstandigheden.
• Gebruik altijd een statief.
• Zelfontspanner aanbevolen.
• Beweeg de camera niet totdat het aftellen (zie
hierboven) is voltooid. (Het aftellen voor de
verwerking wordt later opnieuw weergegeven)
• Belangrijke vaste instellingen
[FLITS]:
[GEDWONGEN UIT]
[STABILISATIE]: [OFF]
[GEVOELIGHEID]: ISO80
• De volgende functies zijn niet te
gebruiken.
[BURSTFUNCTIE]/
[BELICHTING]










