Gebruiksaanwijzing voor geavanceerde kenmerken Digitale Camera Model Nr. DMC-FT10 Gelieve deze gebruiksaanwijzing volledig door te lezen alvorens dit apparaat in gebruik te nemen.
Inhoudsopgave Voordat u de camera gaat gebruiken Beknopte handleiding ........................... 4 Voorbereidingen ............................................4 Opname ........................................................5 Voordat u de camera gaat gebruiken... 6 Lees eerst dit.................................................6 Schade, defecten en storingen voorkomen...7 (Belangrijk) De water-, stof- en schokbestendigheidsprestaties van de camera ...............................................
Beknopte handleiding Lees om te voorkomen dat er water in de camera komt ‘(Belangrijk) De water-, stof- en schokbestendigheidsprestaties van de camera’ (→8) en ‘Onderhoud van de camera en waterbestendigheidsprestaties’ (→10) voordat u de camera onder water gebruikt. Voorbereidingen Laad de batterij op De batterij is niet opgeladen wanneer de camera wordt geleverd. Laad vóór gebruik de batterij op en stel de klok in.
Voordat u de camera gaat gebruiken Lees eerst dit ■ De water-, stof- en schokbestendigheidsprestaties De waterbestendigheidsprestaties van deze camera voldoen aan IEC 60529 ‘IPX8’ en de stofbestendigheidsprestaties aan IEC 60529 ‘IP6X’. Volgens deze norm kunnen er 60 minuten opnamen worden gemaakt tot op een diepte van 3 m. Deze camera voldoet ook aan ‘MIL-STD 810F (Method 516.5-Shock)’∗ en heeft een valtest doorstaan van een hoogte van 1,5 m op 3 cm dik multiplex.
(Belangrijk) De water-, stof- en schokbestendigheidsprestaties van de camera • Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht en gebruik de camera niet op locaties met een hoge waterdruk. De water- en stofbestendigheidsprestaties van de camera voldoen aan IPX8 en IP6X. Mits de voorzorgsmaatregelen voor gebruik en opslag die in dit document worden beschreven, strikt worden nageleefd, kan de camera onder water worden gebruikt in een diepte tot 3 m, voor een periode van maximaal 60 minuten.
Onderhoud van de camera en waterbestendigheidsprestaties Zorg om te voorkomen dat er water in de camera komt dat u het volgende in acht neemt voordat u de camera gaat gebruiken. ■Open of sluit het klepje voor kaart/batterij of het aansluitingenklepje niet in locaties met veel stof of zand, in de buurt van water of met natte handen.
Onderhoud van de camera en waterbestendigheidsprestaties (vervolg) Oorzaken van water in de camera De rubberen afdichtingen reinigen Wanneer de camera in de volgende situaties wordt gebruikt, kan er een opening ontstaan tussen de camera en het klepje voor kaart/batterij of het aansluitingenklepje, zodat er water in de camera komt en een storing wordt veroorzaakt.
Onderhoud van de camera en waterbestendigheidsprestaties (vervolg) Verwijder verontreinigingen die blijven plakken, met het bijgeleverde borsteltje : Borsteltje (bijgeleverd) Lang borsteltje Voor verwijdering van stoffen zoals fijn of droog zand. Kort borsteltje Voor verwijdering van grote verontreinigingen en stoffen zoals nat zand.
Onderhoud van de camera en waterbestendigheidsprestaties (vervolg) Onderhoud na gebruik van de camera op het strand, in zee of in een rivier Voer de volgende onderhoudsprocedure uit binnen 60 minuten nadat u de camera op het strand, in zee of in een rivier enzovoort hebt gebruikt. Spoel de camera af met water terwijl het klepje voor kaart/batterij en het aansluitingenklepje dicht zijn.
Standaardaccessoires Controleer of alle accessoires aanwezig zijn voordat u de camera in gebruik neemt. ●De accessoires en de vormgeving ervan kunnen verschillen, afhankelijk van het land of de regio waar de camera is aangeschaft. Raadpleeg de standaardgebruiksaanwijzing voor meer informatie over de accessoires. ●De bijgeleverde accessoires zijn niet waterbestendig (behalve het polsbandje en het siliconen hoesje). ●Houd het borsteltje buiten bereik van kinderen om te voorkomen dat ze dit inslikken.
Namen van onderdelen (vervolg) Vrijgavehendel (→11) Klepje voor kaart/batterij (→11) Statiefaansluiting • Zorg ervoor dat het statief stabiel staat. [LOCK]-schakelaar (→11) Bevestiging van het polsbandje Haal het polsbandje door het oogje voor het polsbandje op de camera • Als het polsbandje los is, kan het bij het openen of sluiten van het aansluitingenklepje tussen het klepje komen.
Bevestiging van het siliconen hoesje Wanneer u de camera in de bergen of in de buurt van water gebruikt, is het gebruik van het bijgeleverde siliconen hoesje aan te bevelen om te voorkomen dat het klepje voor kaart/batterij of het aansluitingenklepje per ongeluk open gaat. ●Zorg dat de camera uit is. ●Bevestig het siliconen hoesje in een locatie zonder zand of stof. Bevestig het siliconen hoesje stevig aan de camera Luidsprekergat • Bevestig het siliconen hoesje voorzichtig.
Batterij opladen (vervolg) Richtlijnen voor het aantal foto’s dat kan worden gemaakt en de opnametijd De waarden kunnen lager uitvallen wanneer de flitser, de zoomfunctie of de [LCD MODE] vaak of in koudere klimaten wordt gebruikt. Aantal te nemen foto’s Opnameduur Ongeveer 300 foto’s Ongeveer 150 minuten Volgens de CIPA-norm ●Opnameomstandigheden volgens de CIPA -normen • CIPA is een afkorting van [Camera & Imaging Products Association].
De kaart (optioneel)/ de batterij plaatsen en verwijderen ■Verwijdering Controleer of er geen verontreinigingen aan de camera plakken. (→15) • Verwijdering van de batterij: beweeg de hendel in de richting van de pijl. Schakel de camera uit en open het klepje voor kaart/batterij Klepje voor kaart/batterij en aansluitingenklepje openen en sluiten (→11) • Verwijdering van de kaart: druk de kaart in het midden omlaag.
De kaart (optioneel)/ de batterij plaatsen en verwijderen (vervolg) Bestemming voor het opslaan van foto’s (kaarten en ingebouwd geheugen) Foto’s worden opgeslagen op een kaart als er een kaart aanwezig is, of in het als dat niet zo is. ingebouwde geheugen ■ Ingebouwd geheugen (ongeveer 40 MB) ●Foto’s kunnen van een kaart naar het ingebouwde geheugen worden gekopieerd en omgekeerd (→94). ●De toegangstijd voor het ingebouwde geheugen kan langer zijn dan de toegangstijd voor een kaart. ●[QVGA] onder [OPN.
De klok instellen Bij aflevering van de camera is de klok nog niet ingesteld. Druk op de aan/uit-knop De camera wordt ingeschakeld. Als het taalkeuzescherm niet wordt weergegeven, gaat u naar stap .
Zie het onderstaande procedurevoorbeeld wanneer u het menu [SET-UP], het menu [OPNAME] en het menu [AFSPELEN] gebruikt. Het menu instellen ■Het menuscherm ■Menubedieningsvolgorde Voorbeeld: [LCD MODE] wijzigen in het menu [SET-UP] in de modus [NORMALE FOTO] (→46) Het menuscherm weergeven Bediening: [MENU/SET] Druk op [MENU/SET] Het menutype selecteren (→34) Bediening: ◄→▲▼→► Geef het menu [SET-UP] weer Het menuscherm wordt weergegeven. Druk op ◄ De achtergrondkleur verandert.
Het menu instellen (vervolg) Menutype Menu [OPNAME] (alleen opnamemodus) Voorkeuren voor foto’s wijzigen (→73 - 79) • Hiermee kunt u kleur, gevoeligheid, pixelniveau en andere instellingen opgeven. • In de modus [INTELLIGENT AUTO] is het pictogram . Gebruik van het Quick-menu Hierin vastgelegde menu-onderdelen kunnen gemakkelijk weer opgeroepen worden.
Gebruik van het menu [SET-UP] Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→32) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→32) Algemene camera-instellingen uitvoeren zoals de klok instellen, de gebruiksduur van de batterij verlengen en de geluidssignalen wijzigen. [KLOKINST.], [AUTO REVIEW] en [AUTOM. UIT] zijn belangrijk voor de instelling van de klok en de gebruiksduur van de batterij. Controleer deze instellingen voordat u de camera gebruikt.
Gebruik van het menu [SET-UP] (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→32) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→32) Onderdeel [FOCUS ICOON] Instellingen, opmerkingen / / / / / Een ander scherpstelpictogram kiezen. [AUTOM. UIT] De camera automatisch uitschakelen na een opgegeven periode van inactiviteit. [AUTO REVIEW] Foto’s automatisch weergeven direct nadat u ze hebt gemaakt.
Gebruik van het menu [SET-UP] (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→32) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→32) Onderdeel [TV-ASPECT] Hiermee past u de aspectratio (beeldverhouding) aan wanneer u de camera aansluit op een tv enzovoort. (Alleen Terugspeelfunctie) [VERSIE DISP.] Instellingen, opmerkingen / • Werkt als er een AV-kabel is aangesloten. Gebruik dit wanneer er [FOUT INT.
Opnamevolgorde ■ Lijst met opnamemodi Stel de klok in voordat u gaat opnemen. (→30) Aan/uit-knop -knop Afspeelknop Druk op de aan/uit-knop Modus [INTELLIGENT AUTO] De camera wordt ingeschakeld. ■ Camera inschakelen in de afspeelmodus Houd de afspeelknop ingedrukt Modus [NORMALE FOTO] Selecteer de gewenste opnamemodus ■ Instellingen gebruiken die automatisch door de camera worden geselecteerd Druk op de -knop. ■ Opnamemodus handmatig selecteren [MODE]-knop [MENU/SET] Druk op de knop [MODE].
Foto’s nemen met automatische instellingen Modus [INTELLIGENT AUTO] Opnamemodus: Er wordt automatisch voor de optimale instellingen gekozen op basis van informatie zoals ‘gezicht’, ‘beweging’, ‘helderheid’ en ‘afstand’ door de camera op het onderwerp te richten. Dit betekent dat u duidelijke foto’s kunt maken zonder dat u handmatig iets hoeft in te stellen. Ontspanknop Druk op de aan/uit-knop De camera wordt ingeschakeld.
Foto’s maken met uw eigen instellingen Modus [NORMALE FOTO] Opnamemodus: Via het menu [OPNAME] instellingen wijzigen en uw eigen opnameomgeving instellen. Ontspanknop Druk op de aan/uit-knop De camera wordt ingeschakeld. Ga naar het scherm voor selectie van de opnamemodus Selecteer de modus [NORMALE FOTO] Scherpstellen voor de gewenste compositie Handig als het onderwerp zich niet in het midden van de foto bevindt.
Foto’s maken met zoom Opnamemodus: ‘Optische zoom’ biedt een vergroting van 4 x. Bij een lager opnamepixelniveau kan met ‘Extra optische zoom’ maximaal 8,4 x worden ingezoomd. Voor nog verder inzoomen is ‘Digital zoom’ beschikbaar. In-/uitzoomen Groter gebied fotograferen (groothoek) Verder vergroten [DIG. ZOOM] De zoomfactor is 4 maal groter dan met optische/extra optische zoom. (Let op: bij vergroting met digitale zoom neemt de beeldkwaliteit af.
Uw foto’s bekijken [NORMAAL AFSP.] Foto’s verwijderen Afspeelmodus: Afspeelmodus: Wanneer er een kaart in de camera aanwezig is, worden de beelden van de kaart afgespeeld. Zonder een kaart worden de beelden vanuit het ingebouwde geheugen afgespeeld. De foto’s worden van de kaart verwijderd als de kaart in de camera is geplaatst, of uit het ingebouwde geheugen als deze niet is geplaatst. (Verwijderde foto’s kunnen niet worden teruggehaald.
Weergave informatie voor opname wijzigen Fotograferen met de zelfontspanner Opnamemodus: U kunt schakelen tussen verschillende gegevens op het lcd-scherm, zoals richtlijnen en opnamegegevens. We raden u aan een statief te gebruiken. Deze optie is ook effectief om trillingen te voorkomen wanneer de ontspanknop wordt ingedrukt, door de zelfontspanner in te stellen op 2 seconden. Indrukken om de weergave te wijzigen Geef [ZELFONTSPANNER] weer Selecteer de tijdsduur (Kan ook worden geselecteerd met ◄.
Fotograferen met een flitser Opnamemodus: Geef [FLITS] weer ■Beschikbare typen per modus (○: beschikbaar, —: niet beschikbaar, ○ : standaardinstelling) [SCÈNE MODE] Selecteer het gewenste type (Kan ook worden geselecteerd met ►.) ●Zorg voor een minimale afstand van 1 m. als u flitsopnamen maakt van kleine kinderen. Type, bewerkingen [AUTO] • Bekijkt automatisch of er moet worden geflitst. [AUTO/RODE-OG]∗1 • Bekijkt automatisch of er moet worden geflitst (met rode-ogenreductie).
Close-upfoto’s maken Opnamemodus: Wanneer u het onderwerp van dichtbij beeldvullend wilt opnemen, kunt u door instellen op [MACRO-AF] ( ) onderwerpen dichter benaderen dan bij de normale scherpstelafstand (tot op 10 cm in de maximale W groothoekstand). Open de [MACRO STAND] Fotograferen van nóg dichterbij Om uw onderwerp nog dichter te benaderen, kunt u instellen op [MACRO ZOOM] zodat uw onderwerp nog groter in beeld verschijnt dan bij de [MACRO-AF].
Foto’s maken met belichtingscompensatie [SCÈNE MODE] Opnamemodus: Opnamemodus: Corrigeert de belichting wanneer een goede belichting niet mogelijk is (bij grote verschillen tussen de helderheid van het object en de achtergrond enzovoort). Afhankelijk van de helderheid is dit in sommige gevallen niet mogelijk. Onderbelicht Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène Optimale belichting Met [SCÈNE MODE] kunt u fotograferen met optimale instellingen voor specifieke scènes (belichting, kleur enzovoort).
Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène [SCÈNE MODE] (vervolg) Opnamemodus: Scène Toepassingen, Tips Opmerkingen • Standaardinstelling voor [AF Verbetert de huidskleur van onderwerpen MODE] is voor een gezonder uiterlijk in helder daglicht. (gezichtsdetectie). [PORTRET] Tips • Ga zo dicht mogelijk bij het onderwerp staan. • Zoom: Zo telescopisch mogelijk (richting T) Verzacht de kleuren van de huid in helder daglicht buiten (portretten vanaf de borst).
Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène [SCÈNE MODE] (vervolg) Opnamemodus: Scène Toepassingen, Tips Duidelijke foto’s maken van nachtscènes. Tips • Ga op minstens 5 m afstand staan. • Statief en zelfontspanner aanbevolen [NACHTL. SCHAP] Opmerkingen • Als de camera is ingesteld op [STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als [STABILISATIE] is ingesteld op [OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal 8 seconden. • Er kan interferentie optreden bij donkere scènes.
Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène [SCÈNE MODE] (vervolg) Opnamemodus: Scène Toepassingen, Tips Voorkomt dat onderwerpen in donkere omgevingen binnen onscherp worden. Selecteer met ▲▼ de aspectratio (beeldverhouding) en fotoresolutie en druk op [MENU/SET]. [H. GEVOELIGH.] Tips • Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger Max. T: 50 cm en hoger Foto’s maken van snelle bewegingen of beslissende momenten. Selecteer met ▲▼ de aspectratio (beeldverhouding) en fotoresolutie en druk op [MENU/SET].
Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène [SCÈNE MODE] (vervolg) Opnamemodus: Scène Toepassingen, Tips Duidelijke foto’s maken van vuurwerk in de nachtlucht. Tips • Ga op minstens 10 m afstand staan. • Statief aanbevolen. [VUURWERK] Het heldere blauw van de lucht en de zee naar voren halen zonder dat de foto te donker wordt. Ook kunnen natuurlijke kleuren worden opgenomen, zelfs onder water in ondiep water.
Veelgebruikte scènes registreren Filmen van bewegende beelden [MY SCENE MODE] Modus [BEWEGEND BEELD] Opnamemodus: Opnamemodus: U kunt een veelgebruikte scènemodus in registreren. Nadat u deze hebt geregistreerd, schakelt u over naar [MY SCENE MODE] en kunt u opnemen in de geregistreerde scènemodus. Zoomknop U maakt als volgt films met geluid. (U kunt geen films zonder geluid opnemen.
Filmen van bewegende beelden Nuttige functies voor op reis [BEWEGEND BEELD] modus (vervolg) Opnamemodus: Opnamemodus: ∗ Alleen bij opnemen. (Niet instelbaar.) [REISDATUM] (Reisdatum en bestemming vastleggen) [OPN. KWALITEIT] Gebruik wanneer u een film opneemt een kaart met een SD-snelheidsklasse∗1 van ‘klasse 6’ of hoger. ∗1 Met SD-snelheidsklasse wordt een specificatie voor constante schrijfsnelheden bedoeld.
Nuttige functies voor op reis (vervolg) ∗ Opnamemodus: ∗ Alleen bij opnemen. (Niet instelbaar.) [WERELDTIJD] (Lokale tijd registreren op een overzeese bestemming) Gebruik van het [OPNAME] menu Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→32) Het ‘Quick-menu’ (→35) is handig voor het vlot oproepen van vaak gebruikte menu’s. Instellen: • U moet van tevoren de klok instellen (→30).
Gebruik van het [OPNAME] menu (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→32) [WITBALANS] [GEVOELIGHEID] U kunt de ISO-gevoeligheid (lichtgevoeligheid) handmatig instellen. We raden hogere instellingen aan om scherpe foto’s te maken op donkere locaties.
Gebruik van het [OPNAME] menu (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→32) [AF MODE] De scherpstelmethode kan worden gewijzigd afhankelijk van de positie en het aantal onderwerpen. ■ Modus: ■ Instellingen: / / Mensen van voren fotograferen (Gezichtsdetectie) Onderwerp niet in het midden van de foto (AF-gebied wordt pas weergegeven als er is scherpgesteld) Herkent gezichten (max. 15 personen) en past de belichting en scherpstelling hierop aan.
Gebruik van het [OPNAME] menu (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→32) [AF ASS. LAMP] [KLEURFUNCTIE] Kleureffecten instellen. ■ Modus: ■ Instellingen: [STANDARD] / [NATURAL] (zacht) / [VIVID] (scherp) / [B/W] / [SEPIA] / [COOL] (meer blauw) / [WARM] (meer rood) ●Wanneer er duidelijk sprake is van interferentie: instellen op [NATURAL]. ●In de ([INTELLIGENT AUTO] modus) kunnen alleen [STANDARD], [B/W], en [SEPIA] worden gekozen.
Bekijken als lijst (Meerdere afspelen/Kalender afspelen) Tekst invoeren Afspeelmodus: Met de cursorknoppen kunt u namen invoeren in de scènemodi [BABY] en [HUISDIER] of namen invoeren van een [LOCATIE] in [REISDATUM]. U kunt 12 (of 30) foto’s tegelijk bekijken (meerdere afspelen), of alle foto’s bekijken die op een bepaalde datum zijn gemaakt (afspelen op kalender).
Films bekijken Verschillende afspeelmethoden (Afspeelmodus) Afspeelmodus: Afspeelmodus: Films kunnen net als foto’s worden afgespeeld. Opgenomen beelden kunnen worden weergegeven op diverse manieren.
Verschillende afspeelmethoden (Afspeelmodus) (vervolg) Zie voor meer informatie over de overschakelingsprocedure voor de afspeelmodus (→83) Afspeelmodus: ■Bediening tijdens de diavertoning [DIASHOW] Pauze/weergave Foto’s automatisch op volgorde en met muziek afspelen. Aanbevolen voor het bekijken van uw beelden op een TV-scherm. Selecteer een weergavemethode [ALLE] Stoppen Alle foto’s afspelen [CATEGORIESELECTIE] Selecteer een categorie en speel af.
Verschillende afspeelmethoden (Afspeelmodus) (vervolg) Afspeelmodus: Gebruik van het menu [AFSPELEN] Afspeelmodus: Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→32) [CATEGOR. AFSP.] Beelden kunnen automatisch worden ingedeeld, zodat u ze per categorie kunt bekijken. De automatische indeling begint u wanneer de [CATEGOR. AFSP.] kiest uit het afspeelfunctie-keuzemenu.
Gebruik van het menu [AFSPELEN] (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→32) Afspeelmodus: ■Onderdelen die kunnen worden afgedrukt [OPNAMEDATUM] [NAAM] [LOCATIE] [REISDATUM] [ZON.
Gebruik van het menu [AFSPELEN] (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→32) Afspeelmodus: [BIJSNIJD.] [LCD ROTEREN] Uw foto’s vergroten en ongewenste gebieden wegsnijden. Instellen: Druk op [MENU/SET] → Menu [AFSPELEN] → Selecteer [BIJSNIJD.] Druk op ◄► om een foto te selecteren en druk dan op [MENU/SET] Portretfoto’s automatisch draaien.
Gebruik van het menu [AFSPELEN] (vervolg) Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→32) Afspeelmodus: [BEVEILIGEN] [PRINT INST.] U kunt de instellingen voor foto/fotonr./datum afdrukken uitvoeren wanneer u afdrukt met DPOF-compatibele printers of in DPOF-compatibele fotocentrales. (Vraag bij de fotozaak of ze DPOF kunnen afdrukken) Instellen: Druk op [MENU/SET] → Menu [AFSPELEN] → Selecteer [PRINT INST.
Gebruik van het menu [AFSPELEN] (vervolg) Afspeelmodus: [KOPIE] U kunt foto’s van het ingebouwde geheugen naar de geheugenkaart kopiëren en omgekeerd. Instellen: Druk op [MENU/SET] → Menu [AFSPELEN] → Selecteer [KOPIE] Selecteer een kopieermethode (richting) : alle foto’s van het ingebouwde geheugen naar de kaart kopiëren (ga naar stap ) : 1 foto tegelijkertijd van de kaart naar het ingebouwde geheugen kopiëren.
Gebruik met computer (vervolg) U kunt foto’s op uw computer opslaan en gebruiken door mappen en bestanden naar aparte mappen op de computer te slepen. ■Map- en bestandsnamen op de computer ●Windows De stations worden weergegeven in de map ‘Deze computer’ of ‘Computer’. ●Macintosh DCIM (Foto’s/bewegende beelden) 100_PANA (maximaal 999 foto’s/map) P1000001.JPG : JPG: foto’s P1000999.
Sommige printers zijn in staat direct af te drukken vanaf de geheugenkaart van de camera. Zie voor nadere details de gebruiksaanwijzing van uw printer. Afdrukken (vervolg) ●Gebruik geen andere USB-kabels, alleen de bijgeleverde kabel. ●Ontkoppel de USB-kabel na het afdrukken. ●Schakel de camera uit voordat u geheugenkaarten plaatst of verwijdert. ●Als de batterij tijdens de communicatie leeg raakt, hoort u een waarschuwingssignaal. Annuleer het afdrukken en ontkoppel de USB-kabel.
Afdrukken (vervolg) Foto’s op tv bekijken Afdrukinstellingen opgeven op de camera (Geef de instellingen op voordat u [PRINT START] selecteert.) Selecteer optie Selecteer instelling U kunt foto’s en films op een tv bekijken door de camera met de AV-kabel (bijgeleverd) op een tv aan te sluiten. ●Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing van de tv. Voorbereiding: • Voer de instelling [TV-ASPECT] uit. • Schakel de camera en de tv uit.
Lijst met symbolen op het lcd-schermen Druk op de knop [DISPLAY] om een andere weergave te kiezen (→19, 52).
Betekenis van en vereiste reacties op belangrijke berichten die op het lcd-scherm worden weergegeven. Weergave berichten [DEZE GEHEUGENKAART KAN NIET WORDEN GEBRUIKT.] ● Er is een MultiMediaCard geplaatst. → Niet compatibel met de camera. Gebruik een compatibele kaart. [GEHEUGENKAART TEGEN SCHRIJVEN BEVEILIGD] ● Ontgrendel het schrijfbeveiligingsschuifje op de kaart. (→28) ● Maak foto’s of plaats een andere kaart die al foto’s bevat in de camera.
Weergave berichten (vervolg) [OPNAME BEW. BEELDEN GEANN. SCHRIJFSNELHEID KAART TE BEPERKT] ● Gebruik wanneer u een film opneemt een kaart met een SD-snelheidsklasse∗ van ‘klasse 6’ of hoger. ∗ Met SD-snelheidsklasse wordt een specificatie voor constante schrijfsnelheden bedoeld. ● Als het opnemen wordt gestopt, zelfs als u een kaart gebruikt met een snelheid van ‘klasse 6’ of hoger, is de gegevensschrijfsnelheid laag.
Vraag en antwoord Storingen verhelpen (vervolg) Opnemen (vervolg) Er worden 2-3 foto’s gemaakt terwijl ik maar één keer op de ontspanknop druk. LCD-scherm Het lcd-scherm wordt gedimd tijdens de opname van bewegende beelden. ● De camera is ingesteld voor gebruik van de scènemodus [BURSTFUNCTIE] (→77) of [HI-SPEED ● Het lcd-scherm kan worden gedimd als u gedurende langere tijd bewegende beelden opneemt. Er is niet goed scherpgesteld.
Vraag en antwoord Storingen verhelpen (vervolg) Afspelen (vervolg) Map-/bestandsnummer weergegeven als [-]. Foto is zwart. ● Foto bewerkt op computer of gemaakt op ander apparaat. ● Batterij direct verwijderd na het maken van de foto, of foto gemaakt met bijna lege batterij. → Gebruik [FORMATEREN] om de foto te verwijderen (→40). Onjuiste datum weergegeven bij afspelen kalender. ● Foto bewerkt op computer of gemaakt op ander apparaat. ● [KLOKINST.] is onjuist (→30).
Vraag en antwoord Storingen verhelpen (vervolg) Diversen [VOORZORGSMAATR.] wordt elke keer weergegeven als de camera wordt ingeschakeld. ● Als de voorzorgsmaatregelen voor waterbestendigheid na aanschaf van de camera niet helemaal worden doorgelezen, worden ze elke keer weergegeven als de camera wordt ingeschakeld. Als er op het laatste scherm (11/11) op [MENU/SET] wordt gedrukt, worden de voorzorgsmaatregelen niet meer weergegeven als u de camera de volgende keer weer inschakelt.
Waarschuwingen en opmerkingen tijdens gebruik De water-, stof- en schokbestendigheidsprestaties ●De water-/stofbestendigheidsprestaties voldoen aan IP68. Hierbij zijn maximaal 60 minuten opnamen mogelijk bij een diepte van 3 m.∗1 ∗1 Dit betekent dat de camera de opgegeven tijd onder de opgegeven druk onder water kan worden gebruikt, in overeenstemming met de onderhoudsmethode die door Panasonic wordt beschreven.
Waarschuwingen en opmerkingen tijdens gebruik (vervolg) Onderhoud van uw camera Geheugenkaarten Als u uw camera wilt schoonmaken, verwijdert u de batterij of haalt u de stekker uit het stopcontact en veegt u de camera met een zachte, droge doek af. ●Verwijder hardnekkige vlekken met een goed uitgewrongen natte doek. Wrijf de camera vervolgens na met een droge doek. ●Gebruik geen benzeen, verfverdunner, alcohol of allesreiniger. Deze kunnen de behuizing of coating van de camera beschadigen.
Capaciteit/tijd voor het opnemen van foto’s Capaciteit voor het opnemen van foto’s Het aantal foto’s dat kan worden opgeslagen, varieert, afhankelijk van de instelling [FOTO RES.]. (→73) ●Wanneer het aantal op te nemen beelden meer dan 99.999 is, wordt er ‘+99999’ aangegeven. Beeldverhouding 14 M 10 M EZ 5 M EZ 3 M EZ 0.3 M EZ 12.5 M 10.
• SDXC logo is een handelsmerk van SD-3C, LLC. • QuickTime en het QuickTime-logo zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Apple Inc., onder vergunning gebruikt. • Andere namen, bedrijfsnamen en productnamen die in deze instructies zijn afgedrukt, zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van de respectievelijke bedrijven.