Operating Instructions
Table Of Contents
- Inhoud
- Voor Gebruik
- Voorbereiding
- Basiskennis
- Selecteren van de opnamemodus
- Beelden maken m.b.v. de automatische functie (Intelligente Automatische Functie)
- Het maken van beelden met uw favoriete instellingen (Normale beeldfunctie)
- Het focussen
- Opname Bewegend Beeld
- Beelden terugspelen ([Normaal afsp.])
- Bewegende beelden terugspelen
- Beelden wissen
- Menu instellen
- Over het set-up Menu
- Opnemen
- Over de LCD-monitor
- Gebruik van de Zoom
- Beelden maken met de ingebouwde flits
- Close-up’s maken ([Macro-AF]/[Macro zoom])
- Opnamen maken met de zelfontspanner
- Belichtingscompensatie
- Beelden maken die eruit zien als diorama's (Miniatuureffect-functie)
- Beelden maken die met de scène die opgenomen wordt overeenkomen (Scènefunctie)
- Tekst Invoeren
- Gebruik van het [Opname] Menu
- Gebruik van het [Bewegend beeld] Menu
- Afspelen/Bewerken
- Aansluiten op andere apparatuur
- Overige

Opnemen
- 46 -
Opnemen
Over de LCD-monitor
Druk op [DISP.] om te wijzigen.
A LCD-monitor
• Wanneer het menuscherm verschijnt, wordt de [DISP.]
knop niet geactiveerd. Tijdens de Afspeelzoom, als u
bewegende beelden terugspoelt en tijdens een
diavoorstelling, kunt u alleen kiezen tussen
“Normale
weergave H
” of “Geen weergave J”.
∫ Opnamerichtlijn
Wordt gebruikt als referentie voor de beeldcompositie, zoals uitbalancering, wanneer een
foto genomen wordt.
•
In [Panorama-opname] of [Foto frame] in de scènemodus wordt de richtlijn niet weergegeven.
In opnamefunctie
B Normale weergave
C Aantal opnames
D Normale weergave
E Beschikbare opnametijd
F Geen weergave
G Geen weergave (Opnamerichtlijn)
BD
GF
In terugspeelfunctie
H Normale weergave
I Display met opname-informatie
J Geen weergave
HI
J
C
E










