Operating Instructions

Gevorderd (Opnamen maken)
- 57 -
1
Druk op [Q.MENU] in en houd deze knop ingedrukt (P24).
A
2
Raak het pictogram A aan.
3
Raak het item aan.
Raak [EXIT] aan om het snelmenu te sluiten. U
kunt ook de ontspanknop tot de helft indrukken
om het menu te sluiten.
B
4
Druk de ontspanknop half in om scherp
te stellen en druk de knop vervolgens
helemaal in om de opname te maken.
Het zelfontspannerlampje B knippert en de
sluiter wordt na 10 seconden geactiveerd (of na
2 seconden).
Als u [ANNUL] aanraakt tijdens het instellen van
de zelfontspanner, wordt de instelling van de
zelfontspanner geannuleerd.
Opmerking
Bij gebruik van een statief, etc. komt het van pas om de zelfontspanner in te stellen op
2 seconden, omdat u hiermee de golfbewegingen voorkomt die worden veroorzaakt
doordat de ontspanknop wordt ingedrukt.
Zodra u de ontspanknop helemaal indrukt, wordt vlak vóór het maken van de
opname automatisch op het onderwerp scherp gesteld. Op donkere plaatsen zal het
zelfontspannerlampje knipperen en kan dit vervolgens helder gaan schijnen om als AF-
hulplamp (P93) te dienen, zodat het toestel beter op het onderwerp kan scherp stellen.
Wij raden u aan een statief te gebruiken als u opnamen maakt met de zelfontspanner.
Het aantal opnamen dat met [BURSTFUNCTIE] kan worden gemaakt, staat vast ingesteld op 3.
Het aantal opnamen dat met [FLITS-BURST] van de scènefunctie kan worden gemaakt,
staat vast ingesteld op 5.
De zelfontspanner kan niet worden ingesteld op 10 seconden wanneer
[ZELFPORTRET] van de scènefunctie is geselecteerd.
De zelfontspanner kan niet worden gebruikt wanneer [HI-SPEED BURST] van de
scènefunctie is geselecteerd.
Opnamen maken met de zelfontspanner
[OPNAME]-functie: 4 1 / 5