Operating Instructions

Basiskennis
- 42 -
Opnamen maken met de zoom
[OPNAME]-functie: 4 1
MS
5 6
Gebruik van de optische zoom/gebruik van de extra optische zoom (EZ)/
gebruik van de digitale zoom
U kunt inzoomen om personen en voorwerpen naar u toe te halen, of uitzoomen om
landschappen in groothoek vast te leggen. Als u onderwerpen nog dichter naar u toe wilt
halen (maximaal 16,9×), stel de beeldgrootte dan in op 10M of minder.
Zelfs hogere vergrotingsniveaus zijn mogelijk als [DIG. ZOOM] is ingesteld op [ON] in het
menu [OPNAME].
Gebruik (Tele) om onderwerpen naar u toe te halen
W T
Draai de zoomregelaar naar Tele (T).
Gebruik Groothoek om objecten verder weg te doen lijken (W)
W T
Draai de zoomregelaar naar Groothoek (W).
Zoomtypes
Eigenschap
Optische
zoom
Extra optische zoom
(EZ)
Digitale zoom
Maximale
vergroting
16,9×
32× (inclusief optische zoom 8×)
67,5× (inclusief extra optische
zoom 16,9×)
Foto
kwaliteit
Geen
verslechtering
Geen verslechtering
Hoe hoger het
vergrotingsniveau, hoe groter
de verslechtering.
Condities Geen
[FOTO RES.]
metP(P83) is
geselecteerd.
[DIG. ZOOM] (P91) in het menu
[OPNAME] is ingesteld op
[ON].
Schermdisplay
A[P] wordt
afgebeeld.
BHet digitale zoombereik
wordt afgebeeld.
Wanneer u de zoomfunctie gebruikt, zal een schatting verschijnen van het
focusbereik in combinatie met de zoomweergavebalk. (Voorbeeld: 0,5 m –7)
¼
Het vergrotingsniveau hangt af van de instelling van [FOTO RES.].