Operating Instructions

- 2 -
Inhoud
Vóór gebruik
Beknopte gebruiksaanwijzingen ............... 4
Standaardaccessoires .............................. 6
Namen van de onderdelen ....................... 7
Hoe u het aanraakpaneel gebruikt ........... 9
Voorbereiding
De batterij opladen ................................. 11
Over de levensduur van de batterij en
de afspeelduur ................................. 14
De kaart (optioneel)/
de batterij plaatsen en verwijderen ..... 15
Over het ingebouwde geheugen/de kaart
.. 17
De datum/tijd instellen (Klokinstelling) .... 19
De klokinstelling veranderen ............ 20
Het menu instellen .................................. 21
Menuonderdelen instellen ............... 22
Gebruik van het snelmenu ............... 24
Over het Set-up-menu ............................ 25
De [OPNAME]-functie selecteren ........... 33
Basiskennis
Opnamen maken met de automatische
functie
(
4
: intelligente automatische functie) .....
35
Scènedetectie .................................. 37
Instellingen van de intelligente
automatische functie ........................ 38
Opnamen maken met uw favoriete
instellingen
(1: Normale beeldfunctie) ................ 39
Scherp stellen .................................. 40
Wanneer er niet op het onderwerp
scherp gesteld is (zoals wanneer deze
zich niet in het midden bevindt van de
compositie van de opname die u wilt
maken) ............................................. 40
Golfbeweging (cameratrilling)
voorkomen ....................................... 41
Richtingdetectiefunctie ..................... 41
Opnamen maken met de zoom .............. 42
Gebruik van de optische zoom/gebruik
van de extra optische zoom (EZ)/
gebruik van de digitale zoom ........... 42
Opnamen weergeven ([NORMAAL AFSP.])
... 44
De afspeelzoom gebruiken .............. 45
Afbeelden van meerdere opnamen
([MEERV. AFSP.]) ............................. 46
Opnamen wissen .................................... 47
Eén enkele opname wissen ............. 47
Meerdere opnamen (tot 50) of alle
opnamen wissen .............................. 48
Gevorderd (Opnamen maken)
Over de LCD-monitor ............................. 49
Opnamen maken met de ingebouwde
itser ................................................... 50
De geschikte itsinstelling selecteren
.... 50
Close-up’s maken ................................... 55
[MACRO-AF] .................................... 55
[MACRO ZOOM] .............................. 56
Opnamen maken met de zelfontspanner
...... 57
Opnamen maken met de aangeraakte
zone scherpgesteld (Selectie van
Aanraking AF-zone) ............................ 58
Belichtingscompensatie .......................... 60
Opnamen maken die overeenkomen
met de scène die wordt opgenomen
(Scènefunctie)..................................... 61
Scènes registreren met de scènefunctie
(
/
: My Scene Mode)
........................ 61
Voor elke opname de scènefunctie
selecteren (5: Scène Mode) ......... 62
[PORTRET] ...................................... 63
[GAVE HUID] .................................... 63
[TRANSFORMEREN] ...................... 64
[ZELFPORTRET] ............................. 64
[LANDSCHAP] ................................. 65
[SPORT] ........................................... 65
[NACHTPORTRET] .......................... 65
[NACHTL. SCHAP] ........................... 66
[VOEDSEL] ...................................... 66
[PARTY] ............................................ 67
[KAARSLICHT] ................................. 67