Operating Instructions
Aansluiten op andere apparatuur
- 117 -
Als u het toestel aansluit op een printer die PictBridge ondersteunt, kunt u op de LCD-
monitor van de camera de af te drukken opnamen selecteren en aangeven dat moet
worden begonnen met afdrukken.
• Als de opnamen zijn opgeslagen op een kaart, kunt u de kaart ook gebruiken door deze
rechtstreeks aan te sluiten op een SD-geheugenkaartsleuf van uw printer. Raadpleeg
voor details de handleiding van de printer.
Voorbereiding:
Zet het toestel en de printer aan.
Verwijder de kaart voordat u opnamen afdrukt vanuit het ingebouwde geheugen.
Voer de instelling van de afdrukkwaliteit en andere instellingen uit op de printer voordat u
de opnamen afdrukt.
AV OUT
DIGITAL
AUSB-kabel (bijgeleverd)
•
Controleer de richtingen van de connectors, en steek deze recht naar binnen of haal deze er
recht uit. (Anders zouden de connectors verbogen kunnen worden, wat tot problemen leidt.)
BLijn de markeringen uit en sluit de connectors aan.
• Gebruik een batterij met voldoende batterijstroom of de AC-adapter (optioneel) en het
DC-koppelstuk (optioneel). Als de resterende batterijstroom laag wordt terwijl het toestel
en de printer aangesloten zijn, knippert het statuslampje en hoort u een alarm. Als dit
gebeurt tijdens het afdrukken, zet het afdrukken dan onmiddellijk stop. Als u niet aan het
afdrukken bent, koppel dan de USB-kabel los.
1
Sluit de camera aan op een printer via de USB-kabel A (bijgeleverd).
• Wanneer het toestel aangesloten is op de printer, verschijnt een pictogram dat
aangeeft dat de kabel niet mag worden verwijderd [1]. Koppel de USB kabel
niet los terwijl [1] wordt afgebeeld.
USB MODE
SEL. USB MODE
PictBridge(PTP)
PC
2
Raak [PictBridge(PTP)] aan.
[AFSPELEN]-functie: 5
De opnamen afdrukken










