Operating Instructions

Geavanceerd (weergeven)
- 109 -
[FAVORIETEN]
U kunt het volgende doen nadat u opnamen hebt gemarkeerd als favorieten.
Alleen de opnamen weergeven die zijn ingesteld zijn als favorieten. ([FAVORIET AFSP.])
Als diashow alleen de opnamen weergeven die zijn gemarkeerd als favorieten.
Alle opnamen wissen die niet zijn gemarkeerd als favorieten.
([ALLES WISSEN BEHALVEz])
1
Selecteer [FAVORIETEN] in het [AFSPELEN]-functiemenu. (P22)
2
Raak [ON] aan.
U kunt opnamen niet markeren als favorieten als
[FAVORIETEN] is ingesteld op [OFF]. Ook zal [z] niet
verschijnen wanneer [FAVORIETEN] is ingesteld op
[OFF], zelfs als deze optie eerder was ingesteld op [ON].
3
Raak [EXIT] aan om het menu te sluiten.
4
Raak [w]/[q] aan om de opname te selecteren, en
raak [z] aan.
Herhaal de bovenstaande procedure.
De favorietinstelling wordt geannuleerd als u [z] opnieuw
aanraakt.
Alle [FAVORIETEN]-instellingen annuleren
1 Raak [ANNUL] aan bij stap 2.
2 Raak [JA] aan.
U kunt [ANNUL] niet selecteren als geen enkele opname als favoriet is gemarkeerd.
Opmerking
U kunt maximaal 999 opnamen markeren als favoriet.
Wanneer u opnamen wilt laten afdrukken door een fotowinkel, dan is de optie
[ALLES WISSEN BEHALVEz] (P48) handig, omdat hiermee alleen de opnamen op de
kaart overblijven die u wilt afdrukken.
Opnamen die met andere apparatuur zijn gemaakt, kunt u mogelijk niet markeren als
favorieten.