Operation Manual

- 85 -
Opnemen
Stel de ingestelde witbalanswaarde in. Een gebruik voor het overeen doen komen van de
omstandigheid waarin u foto’s maakt.
1 Kies [Ó] en druk dan op [MENU/SET].
2 Richt de camera op een wit stuk papier of iets dergelijks zodat het
frame in het middel gevuld is met het witte object en druk dan op
[MENU/SET].
De witbalans zou niet correct ingesteld kunnen zijn wanneer het
onderwerp te helder of te donker is. Stel de Witbalans opnieuw in nadat u
de juister helderheid afgesteld heeft.
Verlaat het menu nadat het ingesteld is.
U kunt de witbalans fijn instellen als u de gewenste tint niet krijgt met de gewone witbalans.
Fijne afstelling is alleen mogelijk wanneer de Witbalans ingesteld is op [V]/[Ð]/[î]/[Ñ]/[Ò].
1 Selecteer de Witbalans om fijn af te stellen en druk vervolgens op [DISP.] om
[Instellen] af te beelden.
2 Druk op 2/1 om de witbalans te regelen.
Kies [0] om de oorspronkelijke Witbalans weer in te stellen.
3 Op [MENU/SET] drukken om te eindigen.
De witbalansaanduiding op het scherm wordt rood of blauw.
De instelling voor het nauwkeurig afstellen van de Witbalans wordt door het beeld gebruikt wanneer
u de flits gebruikt.
U kunt de witbalans onafhankelijk nauwkeurig afstellen voor elke witbalansfunctie.
De fijnafstelling van de Witbalans blijft ook opgeslagen als u de camera uitzet.
Het niveau van de instelling voor het nauwkeurig afstellen van de Witbalans in [Ò] keert terug naar
[0] wanneer u de Witbalans opnieuw instelt met behulp van [Ó].
De fijne instelling van de witbalans kan niet ingesteld worden voor [B&W] en [SEPIA] in
[Kleurfunctie].
De witbalans handmatig instellen
De witbalans fijn afstellen
2 [Rood]: Indrukken wanneer de tint blauwachtig is.
1 [Blauw]: Indrukken wanneer de tint roodachtig is.