Gebruiksaanwijzing Digitale Fotocamera Model Nr. DMC-LX1EG Gelieve deze gebruiksaanwijzing volledig door te lezen alvorens dit apparaat in gebruik te nemen. Web Site: http://www.panasonic-europe.
Vóór gebruik Geachte Klant, Wij willen van de gelegenheid gebruik maken u te bedanken voor de aanschaf van deze Panasonic digitale fotocamera. Leest u deze handleiding met aandacht en bewaar hem binnen handbereik voor toekomstige raadpleging. Informatie voor uw veiligheid WAARSCHUWING OM HET RISICO OP BRAND OF SCHOKKEN EN STORENDE INTERFERENTIES TE BEPERKEN, DIENT U ALLEEN GEBRUIK TE MAKEN VAN DE AANBEVOLEN ACCESSOIRES EN DE APPARATUUR NIET BLOOT TE STELLEN AAN REGEN OF VOCHT.
Vóór gebruik • Indien het toestel buitengewoon koud is wanneer u het inschakelt, zal het beeld op het LCD-scherm iets donkerder zijn dan normaal. Naarmate de binnentemperatuur toeneemt, keert ook de gewone helderheid terug. Er wordt gebruik gemaakt van zeer hoge precisietechnologie bij de productie van het LCDscherm. Het resultaat is meer dan 99,99% effectieve beeldpunten met slechts 0,01% inactieve of altijd brandende beeldpunten. Dit zal echter niet op de afbeeldingen op de kaart worden opgenomen.
Vóór gebruik Hoe werkt de gebruiksaanwijzing De beschrijving op deze pagina is slechts bij wijze van voorbeeld en niet alle pagina’s worden op deze manier beschreven. Met de hier aangegeven standen kunt u de functies of instellingen gebruiken die op deze pagina worden beschreven. Stel de functiekeuzeschakelaar in op een van de standen om de functies of instellingen te gebruiken.
Inhoud Vóór gebruik Informatie voor uw veiligheid . . . . . . . . . .2 Hoe werkt de gebruiksaanwijzing . . . . . . .4 Voorbereiding Standaard accessoires . . . . . . . . . . . . . . .7 Namen van onderdelen . . . . . . . . . . . . . .8 Beknopte handleiding . . . . . . . . . . . . . . .10 De batterij laden met de lader . . . . . . . .11 Batterij . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .12 Batterij plaatsen/verwijderen . . . . . . . . .13 Kaart plaatsen/verwijderen . . . . . . . . . . .14 De kaart .
Foto’s nemen met de extra optische zoom . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86 Weergave (geavanceerd) Beelden weergeven met geluid/Bewegende beelden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87 Werken met het modusmenu [PLAY] . . 88 • Weergeven met een diashow [SLIDE SHOW] . . . . . . . . . . . . . . . . 89 • Favorieteninstelling [FAVORITE] . . . 90 • Beelden weergeven in de richting waarin ze zijn opgenomen [ROTATE DISP.] . . . . . . . . . . . . . . . 91 • Het beeld draaien [ROTATE] . .
Voorbereiding Standaard accessoires Controleer de inhoud voordat u de camera gebruikt.
Voorbereiding Namen van onderdelen 1 2 4 7 12 1 Lens 2 Zelfontspannerlampje (P42) AF-assistentielamp (P75) 3 Flitser (P30, 38) 3 8 5 6 9 10 11 4 Joystick (P32, 47, 81) 5 AF/AE vergrendelknop (P83) 6 Cursorknoppen w/Zelfontspannerknop (P42) r/[REV] knop (P35) q/Flitsfunctieknop (P38) e/Backlight-compensatie in Automodus (P34)/Belichtingscompensatie (P43)/Auto-bracket (P44)/Fijnafstelling witbalans (P70) knop 7 LCD-scherm (P25, 110) 8 Statusaanduiding 9 [MENU] knop (P21, 59, 88) 10 [DISPLAY/PWR LCD
Voorbereiding 14 17 18 19 20 15 16 21 23 24 25 26 14 15 16 17 18 19 20 21 22 Aspectratioschakelaar (P85) Zoomhendel (P35, 36, 48, 49) Knop Optical Image Stabilizer (P45) Flitsopener (P38) Luidspreker (P87) Microfoon (P57, 73) Modusknop (P28) Ontspanknop (P29) Aan-/uitknop (P21) 22 23 Oog voor lensdop/riem (P19) 24 [DIGITAL/AV OUT] aansluiting (P102, 104, 106) 25 [DC IN] aansluiting (P104, 106) • Gelieve er zeker van zijn de echte Panasonic AC Adapter (DMW-AC5; optioneel) te gebruiken.
Voorbereiding Beknopte handleiding Hier vindt u een overzicht van de werkwijze voor het maken van opnames met deze camera. Lees voor elke functie de bijbehorende pagina’s. 3 Zet de camera aan om foto’s te nemen. • Stel de klok in. (P20) 1 Batterij opladen. (P11) 1 • De batterij is bij levering niet geladen. Laad de batterij voor gebruik op. 3 2 2 Plaats de batterij en de kaart. (P13, 14) 1 Stel de modusknop in op [L]. 2 Open de flitser.
Voorbereiding De batterij laden met de lader De batterij is bij levering niet geladen. Laad de batterij voor gebruik op. 3 Verwijder de batterij. 1 Plaats de batterij en let daarbij op de batterijrichting. 2 Sluit de netspanningskabel aan. • Vergeet niet om na afloop van het laden het snoer uit het stopcontact te halen. • De batterij wordt warm na gebruik/laden of tijdens het laden. Ook de camera wordt warm tijdens het gebruik. Dit is echter geen storing van de camera.
Voorbereiding Batterij n Batterijaanduiding De resterende batterijlading wordt op het scherm weergegeven. [De aanduiding verschijnt niet als u de camera gebruikt met de netadapter (DMW-AC5; optioneel).] De aanduiding wordt rood en knippert: Vervang de batterij of laat hem opnieuw op. n Levensduur van de batterij Het aantal opnames volgens CIPAnormen (In de modus Program AE) • CIPA is een afkorting van [Camera & Imaging Products Association]. Aantal opnames Circa 240 foto’s (Circa 120 min.
Voorbereiding Batterij plaatsen/verwijderen • Controleer of de camera uitstaat en de lens ingeschoven is. • Sluit de flitser. 1 Schuif het klepje van de kaart/ batterij open. 3 1 Sluit het kaart-/batterijklepje. 2 Schuif het kaart/batterijklepje naar het einde en sluit het stevig. 2 • Gelieve er zeker van zijn de echte Panasonic batterijen (CGA-S005E) te gebruiken. 2 Plaatsen: Plaats de opgeladen batterij en let daarbij op de batterijrichting.
Voorbereiding Kaart plaatsen/verwijderen • Controleer of de camera uitstaat en de lens ingeschoven is. • Sluit de flitser. 1 Schuif het klepje van de kaart/ batterij open. 3 1 Sluit het kaart-/batterijklepje. 2 Schuif het kaart/batterijklepje naar het einde en sluit het stevig. 2 1 2 Plaatsen: Plaats de kaart met het etiket naar de achterkant van de camera gericht tot het klikt. • Als het kaart-/batterijklepje niet helemaal dichtgaat, verwijder de kaart dan en plaats hem opnieuw.
Voorbereiding De kaart n Toegang tot de kaart Bij het opslaan van foto’s op de kaart, gaat de kaartaanduiding 1 rood branden. 19 worden geformatteerd. Deze functies worden weer beschikbaar als de schuif ontgrendeld wordt.) SD geheugenkaart 2 1 U kunt SD-geheugenkaarten met de volgende capaciteiten gebruiken (van 8 MB tot 2 GB). Als de kaartaanduiding brandt, betekent dit dat foto’s worden ingelezen of gewist, of dat de kaart wordt opgeschoond (P101) of geformatteerd.
Voorbereiding Aantal opneembare foto’s en formaat bij benadering Aspectratio Beeldformaat j 8M (3840×2160 beeldpunten) 5.
Voorbereiding Aspectratio Beeldformaat 4.5M EZ (2560×1712 beeldpunten) 2.
Voorbereiding Aspect ratio Beeldformaat h 3M EZ (2048×1536 beeldpunten) 2M EZ (1600×1200 beeldpunten) Kwaliteit TIFF G H TIFF G H 16 MB 32 MB 64 MB 128 MB 256 MB 512 MB 1 GB 2 GB 1 3 6 12 24 48 96 195 9 19 39 79 150 300 610 1220 17 37 75 150 290 590 1180 2360 2 4 10 20 39 78 155 310 14 30 62 125 240 480 970 1920 28 59 120 240 470 940 1880 3610 Aspect ratio h Beeldformaat 1M EZ (1280×960 beeldpunten) Kwaliteit TIFF G H 16 MB 32 MB 64 MB 128 MB 256 MB 512 MB 1 GB 2 GB 3 7 15 31 61
Voorbereiding De lensdop/-draagriem bevestigen n Lensdop n Draagriem 1 Leid het draagriem door de 1 Leid het draagriem door het oog opening op de lensdop. voor de koordbevestiging. 2 Leid het draagriem door de opening op de camera. • Controleer of het draagriem goed is verbonden met de camera. 3 Breng het lensdopje aan. • Als u de camera uitzet, vervoert of foto’s weergeeft, breng de lensdop dan aan om het lensoppervlak te beschermen.
Voorbereiding Datum/Tijd instellen (Clock Set) n Fabrieksinstelling De klok is niet ingesteld bij levering. Als u de camera aanzet, verschijnt het volgende scherm. 2 Selecteer [D/M/Y], [M/D/Y] of [Y/M/D]. CLOCK SET 10 : 00 20. DEC. 2005 DM Y SELECT • Neem de lensdop af voordat u datum en tijd instelt. • Druk op de knop [MENU], het scherm in stap 1 verschijnt. • Het instelscherm verdwijnt na ongeveer 5 seconden. Zet het toestel opnieuw aan om bovenstaand scherm opnieuw weer te geven.
Voorbereiding Setupmenu Wijzig de instellingen indien nodig. (Zie de pagina’s 22 tot 24 voor informatie over de instellingen.) 1 Verwijder de lensdop en zet de camera aan. A 3 Selecteer het menu [SETUP]. REC SETUP 14 MONITOR AUTO REVIEW POWER SAVE MF ASSIST BEEP SELECT EXIT MENU • Als u de zoomhendel A naar T draait, bladert u naar de volgende pagina van het menuscherm. (vice versa) 4 Selecteer het gewenste item.
Voorbereiding Zie pagina 21 voor het instellen. Menu x MONITOR Functies Pas de helderheid van het LCD-scherm aan in 7 stappen. P AUTO REVIEW [OFF]: De opname wordt niet automatisch weergegeven. [1 SEC.]: De opname wordt gedurende ongeveer 1 seconde automatisch op het scherm weergegeven. [3 SEC.]: De opname wordt gedurende ongeveer 3 seconden automatisch op het scherm weergegeven. [ZOOM]: De opname wordt gedurende ongeveer 1 seconde automatisch op het scherm weergegeven.
Voorbereiding Zie pagina 21 voor het instellen. Menu Functies 6 BEEP Stel in om het volume van het gebruiksgeluid te selecteren. [7 ]: Geen gebruiksgeluid [8 ]: Zacht gebruiksgeluid [9]: Luid gebruiksgeluid B SHUTTER Stel in om het volume van het sluitergeluid te selecteren. [C]: Geen sluitergeluid [E]: Zacht sluitergeluid [D]: Luid sluitergeluid 9 VOLUME Het volume van de luidsprekers kan in 7 stappen worden bijgesteld.
Voorbereiding Zie pagina 21 voor het instellen. Menu Functies X VIDEO OUT [NTSC]: Video-uitgang wordt ingesteld op NTSC-systeem. (Alleen in [PAL]: Video-uitgang wordt ingesteld op PAL-systeem. (P102) weergavemodus) [j]: Selecteer of uw televisie een breedte/diepteverhouding TV ASPECT van 16:9 heeft. (Alleen in • Deze modus is de beste voor het weergeven van weergavemodus) afbeeldingen met een aspectratio van [j] op een televisie met een aspectratio van 16:9.
Voorbereiding Het LCD-scherm n Selecteer van het te gebruiken scherm In opnamemodus (P28) * A DISPLAY/PWR LCD A LCD-scherm (LCD) Druk op de knop [DISPLAY/PWR LCD] om naar het te gebruiken scherm over te schakelen. • Als het menuscherm verschijnt, is de knop [DISPLAY] niet actief. Tijdens multiweergave (P48) of zoomweergave (P49), kunnen de aanduidingen op het scherm aan- en uitgezet worden.
Voorbereiding n Voor het bekijken van het LCD-scherm buiten op een heldere zonnige dag (Power LCD-functie) Als u de knop [DISPLAY/PWR LCD] gedurende 1 seconde indrukt, wordt de Power LCD-functie geactiveerd. Het LCDscherm wordt helderder dan normaal en is buiten beter te zien.
Voorbereiding n Histogram • Een histogram is een grafiek waarbij de helderheid op de horizontale as wordt weergegeven (van zwart naar wit) en het aantal beeldpunten (beeldpunten) bij elk helderheidsniveau op de verticale as. • Zo kan de cameragebruiker snel de belichtingswijze van een foto controleren. • Als de waarden zich concentreren op links A, is de foto onderbelicht. Foto’s met veel zwart, zoals avondopnames, leveren dit soort histogrammen op.
Opnames maken (basis) Foto’s nemen n De modusknop Deze camera heeft een programmaknop waarmee vele soorten scènes kunnen worden vastgelegd. Selecteer de gewenste modus en geniet van de vele opnamemogelijkheden. Draai de modusknop langzaam en rustig. L : Program AE-modus (P29) De belichting wordt automatisch bepaald door de camera. M : Diafragma-prioriteit AE (P52) De sluitertijd wordt automatisch bepaald door het door u ingestelde diafragma.
Opnames maken (basis) n Program AE 2 Richt het AF-gebied 1 op het De camera stemt automatisch de sluitertijd en het diafragma af op de helderheid van het onderwerp. punt waarop u wilt scherpstellen en druk de ontspanknop half in. 1 2 1 1 Verwijder het lensdopje. 2 Zet de camera aan. 3 Stel de modusknop in op program AE [L]. 4 Schuif de focusschakelaar naar [AF]. F2.8 1/25 2 A 3 4 • A : Druk de ontspanknop tot halverwege in om scherp te stellen.
Opnames maken (basis) n Juiste houding voor het nemen van foto’s Voor het nemen van duidelijke foto’s: • Houd de camera voorzichtig met beide handen beet, de armen stationair langs uw lijf en plaats uw voeten iets uiteen. • Zorg dat u de camera niet beweegt op het moment dat u de ontspanknop indrukt. • Dek de microfoon of de AFassistentielamp niet af met uw vinger of andere voorwerpen. • Raak de lens niet aan. • Dek de flitser niet af met uw vinger of andere voorwerpen.
Opnames maken (basis) n Jitter (cameratrilling) • Zorg dat u niet beeft als u de ontspanknop indrukt. • De jitter-waarschuwing 1 verschijnt bij een langzame sluitertijd en een verhoogd risico op wazige opnames. 1 F2.8 1/8 • Let vooral extra op als de jitterwaarschuwing verschijnt bij een van de opnamemethoden die staan beschreven op P30, of gebruik een statief voor de beste resultaten.
Opnames maken (basis) n Programmawisseling In de modus Program AE kunt u het vooringestelde diafragma en de sluitertijd wijzigen bij dezelfde belichting. Dit heet programmawisseling. Met deze functie maakt u de achtergrond vager (door het diafragma te verkleinen) of legt u het bewegende onderwerp dynamischer vast (door een langzame sluitertijd in te stellen) in de modus Program AE.
Opnames maken (basis) Foto’s nemen in automatische modus De automatische modus maakt het onervaren gebruikers gemakkelijk. Er worden slechts eenvoudige menuinstellingen getoond waarmee u zonder fouten foto’s kunt nemen. 1 Selecteer de gewenste optie en stel de gewenste waarde in. REC Focusbereik ([AF]/[AFw]/ [MF]) Witbalans 30 cm tot Z (tele) 5 cm tot Z (groothoek) [AUTO] P69 ISO-gevoeligheid [AUTO] PICT.SIZE QUALITY D.
Opnames maken (basis) n Compenseren van achtergrondlicht (backlight) Achtergrondlicht doet zich voor als er licht vanachter het onderwerp komt. Onderwerpen zoals personen worden donker bij het vastleggen van foto’s met achtergrondlicht. Als u drukt op e, [0] gaat de aanduiding (compensatie backlight) aan en wordt de backlightcompensatiefunctie actief. Met de functie wordt het achtergrondlicht gecompenseerd door de hele foto helderder te maken.
Opnames maken (basis) Opnames controleren (Review) 2 Uitvergroten en foto verschuiven 1 Druk op r. REVIEW 4X REVIEW A 1X EXIT 4X 8X DELETE DELETE • 3 :1×J4×J8× • De laatste opname wordt ongeveer 10 seconden weergegeven. • Druk nogmaals op r om de controle te annuleren. • De vorige of volgende foto controleert u met w/q. • Zijn de opnames te licht of donker, compenseer dan de belichting.
Opnames maken (basis) Optische zoom gebruiken n Onderwerpen zien er uit of ze verder weg zijn met (Wide - groothoek) U kunt mensen en onderwerpen dichterbij laten lijken met de viervoudige zoomfunctie, en landschappen kunnen in groothoek worden vastgelegd. 19 1X T 1X 2X n Onderwerpen zien er uit of ze dichterbij zijn met (Tele) 3X 19 4X T 4X n De zoominstelling verder vergroten • Gebruik de extra optische zoom. (P86) • Gebruik de digitale zoom (P76).
Opnames maken (basis) • De optische zoom staat op Wide (1x) bij het inschakelen van de camera. • Indien u de zoomfunctie gebruikt nadat u al hebt scherpgesteld op het onderwerp, moet u dit nogmaals doen. • De lenscilinder (P8) schuift afhankelijk van de zoompositie in of uit. • Hinder de beweging van de lens niet terwijl u de zoomhendel draait. • Als u bewegende beelden opneemt [i], wordt de zoomvergroting vastgezet op de ingestelde waarde bij de start van de opname.
Opnames maken (basis) Foto’s nemen met de ingebouwde flitser Als u flits instelt, kunt u foto’s nemen met de ingebouwde flitser afhankelijk van de opnamecondities. n De flitser openen Verschuif de schakelaar [< OPEN] A. A B Flitser • Dek de flitser niet af met uw vingers of andere voorwerpen. n De flitser sluiten Druk op de flitser tot deze klikt. • Zorg dat u de flitser sluit als u hem niet gebruikt. • De flitser wordt vast ingesteld op Forced OFF [v] als hij wordt afgesloten.
Opnames maken (basis) r : AUTO De flitser wordt automatisch geactiveerd afhankelijk van de opnamecondities. s : AUTO/Rode-ogenreductie De flitser wordt automatisch geactiveerd afhankelijk van de opnamecondities. Hierbij wordt het rode-ogeneffect (ogen van het onderwerp worden rood weergegeven bij gebruik van de flitser) verminderd door de flitser al te activeren voordat u de eigenlijke foto neemt. Daarna wordt de flitser nogmaals geactiveerd voor de daadwerkelijke opname.
Opnames maken (basis) n Beschikbare flitsinstellingen per opnamemodus De beschikbare flitsinstellingen hangen af van de opnamemodus.
Opnames maken (basis) n Sluitertijd voor elke flitsmodus Flitsmodus r : AUTO s : AUTO/Rode-ogenreductie t : Forced ON q : Forced ON/Rode-ogenreductie u : Slow sync./Rode-ogenreductie v : Forced OFF • De instellingen kunnen afwijken van de hier getoonde als u gebruikmaakt van de scènemodi. – [NIGHT SCENERY] : 8 tot 1/2000 (sec.) – [STARRY SKY] : 15, 30 of 60 (sec.) • Staar niet dichtbij het flitslicht.
Opnames maken (basis) Foto’s nemen met de zelfontspanner 1 Stel de zelfontspanner in. 19 4 : Zelfontspanner ingesteld op 10 seconden L 5 : Zelfontspanner ingesteld op 2 seconden L Geen weergave (geannuleerd) 2 Richt op het onderwerp om de foto te nemen. 19 CANCEL MENU • Het zelfontspannerlampje 1 1 knippert en de sluiter wordt na 10 seconden (of 2 seconden) geactiveerd. • Drukt u op de knop aan [MENU] tijdens het instellen van de zelfontspanner, wordt de instelling geannuleerd.
Opnames maken (basis) De belichting compenseren 1 Druk meerdere keren op e tot Gebruik deze functie als u niet de juiste belichting gerealiseerd krijgt door verschil in helderheid tussen het onderwerp en de achtergrond. Overbelicht [CEXPOSURE] verschijnt en compenseer dan de belichting. EXPOSURE SELECT Compenseer de belichting in negatieve richting. Juiste belichting Onderbelicht EXIT • U kunt compenseren van –2 EV tot +2 EV in stappen van 1/3 EV.
Opnames maken (basis) Foto’s nemen met Auto Bracket In deze modus worden bij elke druk op de ontspanknop automatisch 3 foto’s genomen conform het compensatiebereik van de belichting. U kunt de gewenste belichting voor de drie soorten foto’s selecteren. 1 Druk meerdere keren op e tot [BAUTO BRACKET] verschijnt en stel dan het compensatiebereik van de belichting in. AUTO BRACKET SELECT EXIT • U kunt een belichting van –1 EV tot +1 EV selecteren in stappen van 1/3 EV.
Opnames maken (basis) Optisch beeldstabilisatiesysteem [STABILIZER] Deze modus herkent en compenseert trillingen. U kunt de kans op onduidelijke foto’s veroorzaakt door cameratrillingen verminderen, met name wanneer u de optische zoomlens instelt op Tele of wanneer u binnenshuis foto’s neemt met een langzame sluitertijd. A A Knop optisch beeldstabilisatiesysteem 1 Druk op de stabilisatieknop tot [STABILIZER] verschijnt en selecteer dan de stabilisatiefunctie. STABILIZER OFF MODE1 MODE2 SELECT DEMO.
Opnames maken (basis) Foto’s nemen met de burstmodus 1 Druk op de modusknop Single/ Burst om over te schakelen naar de burstmodus en neem dan foto’s. 19 D: Hoge snelheid E: Lage snelheid F: Onbegrensd Geen weergave (geannuleerd) • Hou de ontspanknop helemaal ingedrukt om de burstmodus te activeren. n Aantal opnames in burstmodus Aantal mogelijke opnames (foto’s) Burstsnelheid (foto’s/ seconde) G H D 3* max. 5 max. 9 E 2* max. 5 max.
Weergave (basis) Weergeven van foto’s • Als u een groot aantal foto’s vooruit- of terugspoeld, laat w/q dan eenmaal los voordat u de weer te geven foto bereikt, druk dan op w/q om de foto’s stapje voor stapje vooruit- of achteruit te spoelen. 1 Selecteer de foto. 100-0001 1/19 10:00 20.DEC.2005 of • w : Geef de vorige foto weer. • q : Geef de volgende foto weer. • De foto die volgt op de laatste is de eerste foto. • Als [ROTATE DISP.
Weergave (basis) 9/16/25 foto’s Multi-weergave n 16/25 foto’s multi-scherm 1 Selecteer het aantal foto’s. Voorbeeld: Als u weergave van 9 foto’s hebt gekozen 20.DEC.2005 5/25 CANCEL 20.DEC.2005 20.DEC.200 4/18 20.DEC.2005 5/25 CANCEL CANCEL MENU 1 fotoJ9 foto’sJ 16 foto’sJ25 foto’s • Als u multi-weergave kiest, wordt de schuifbalk A weergegeven zodat u de positie van de geselecteerde foto kunt controleren in het geheel van de foto’s. 2 Selecteer de foto’s.
Weergave (basis) Zoomweergave gebruiken n Een foto tijdens zoomweergave wissen Druk op de knop [A]. Druk op r als het bevestigingsscherm verschijnt om [YES] te selecteren en druk op q. (P50) 1 De foto vergroten. 2X 4X CANCEL A DELETE 1×J2×J4×J 8×J16× • Als u de zoomhendel richting de W draait nadat de foto is vergroot, wordt de vergroting minder. • Als u de vergrotingsfactor wijzigt, verschijnt de aanduiding zoompositie A ongeveer 1 seconde zodat u de positie van het uitvergrote deel kunt controleren.
Weergave (basis) Foto’s wissen n Meerdere foto’s wissen n Een enkele foto wissen 1 Selecteer de te wissen foto. 100-0001 1/19 1 Selecteer [MULTI DELETE]. MULTI/ALL DELETE MULTI DELETE ALL DELETE SELECT CANCEL 10:00 20.DEC.2005 2 keer • w : Geef de vorige foto weer. • q : Geef de volgende foto weer. 2 Wis de foto. DELETE SINGLE VQT0S25 7 8 10 11 9 DELETE EXIT MENU MULTI/ALL • Tijdens het wissen van de foto, verschijnt [A] op het scherm.
Weergave (basis) n Alle foto’s wissen 3 Wis de foto’s. 1 Selecteer [ALL DELETE]. MULTI DELETE MULTI/ALL DELETE DELETE THE PICTURES YOU MARKED? NO YES SELECT SET • Er kunnen max. 50 foto’s ineens worden gewist. MULTI DELETE ALL DELETE SELECT CANCEL 2 keer 2 Wis alle foto’s. ALL DELETE DELETE ALL PICTURES? NO YES SELECT SET • Eenmaal gewist, kunnen de foto’s niet meer worden teruggehaald. Controleer nogmaals voor u de foto’s wist. • Zet de camera tijdens het wissen niet uit.
Opnames maken (geavanceerd) De modusknop gebruiken M Diafragma-prioriteit AE Als u de achtergrond scherper wilt hebben, stel het diafragma dan in op een hogere waarde. Hoe hoger het diafragma, hoe kleiner de lensopening. Voor een minder scherpe achtergrond stelt u het diafragma in op een lager getal dat overeenkomt met een grotere lensopening. 1 Stel het diafragma in en neem de foto. ISO100 00 19 A F2.
Opnames maken (geavanceerd) N Sluitertijd-prioriteit AE Als u een scherpe foto van een snel bewegend object wilt maken, stel dan een snellere sluitertijd in. Wilt u een sleepeffect creëren, stel dan een langzamere sluitertijd in. 1 Stel de sluitertijd in en neem de foto. 19 A 1/30 • Zie P56 voor het beschikbare bereik van diafragma en sluitertijd. • De helderheid van het scherm kan afwijken van die van de eigenlijke foto’s. Controleer dit met de review-functie of in de weergavemodus.
Opnames maken (geavanceerd) O Handmatige belichting 3 Neem de foto. Bepaal de belichting door het diafragma en de sluitertijd handmatig in te stellen. 1 Stel het diafragma en de sluitertijd in. F5.6 1/125 19 F2.8 1/30 A B • e/r: Stel het diafragma A en de sluitertijd B in. • w/q: Selecteer het diafragma en de sluitertijd. 2 Druk de ontspanknop half in. F4.0 1/125 • De aanduiding van de belichtingscondities C (hulp bij handmatige belichting) verschijnt ongeveer 10 seconden.
Opnames maken (geavanceerd) • Zie P56 voor het beschikbare bereik van diafragma en sluitertijd. • Bij handmatige belichting kunt u de volgende opties niet instellen. –Slow sync./Rode-ogenreductie [u] (P39) –[AUTO] bij ISO-gevoeligheid (P71) (Als de opnamemodus wordt gewijzigd naar handmatige belichting, wordt de ISOgevoeligheid automatisch ingesteld op [ISO100] ook al was dit eerst ingesteld op [AUTO].
Opnames maken (geavanceerd) n Diafragma en sluitertijd Diafragma-prioriteit AE Beschikbaar diafragmagetal (Per 1/3 EV) F8,0 F7,1 F6,3 F5,6 F4,9 F4,5 F4,0 F3,6 F3,2 F2,8 Sluitertijd (in sec.) 8 tot 1/2000 8 tot 1/1600 8 tot 1/1300 8 tot 1/1000 Sluitertijd-prioriteit AE Beschikbare sluitertijd (in sec.
Opnames maken (geavanceerd) i Bewegend beeldmodus U kunt bewegende beelden met geluid opnemen. 1 Selecteer [PICT.MODE]. bestanden zijn geschikt om als bijlage bij e-mail te versturen. • fps (frame per second); Dit verwijst naar het aantal gebruikte beelden per 1 seconde. 2 Druk de ontspanknop half in. 1 REC 1 2 W.BALANCE 30fps PICT.MODE 16:9 METERING MODE 10fps16:9 AF MODE C-AF CONT.
Opnames maken (geavanceerd) n Beschikbare opnameduur (in seconden) Capaciteit SD geheugenkaart 16 MB 32 MB 64 MB 128 MB 256 MB 512 MB 1 GB 2 GB Beeldsnelheid 30fps VGA 6 17 39 83 165 330 660 1350 10fps VGA 26 59 120 250 490 980 1970 4020 30fps QVGA 26 59 120 250 490 980 1970 4020 10fps QVGA 83 175 360 740 1440 2870 5700 11700 30fps 16:9 5 14 33 71 140 280 560 1160 10fps 16:9 22 50 106 215 420 840 1690 3450 • De opnameduur is bij benadering.
Opnames maken (geavanceerd) RS T : [PORTRAIT] (P60) Scènemodus U : [SPORTS] (P60) Stel de modusknop in op [R] of [S] om het menu [SCENE MODE] weer te geven. Wanneer [SCENE MODE] (P24) staat ingesteld op [OFF] in het menu [SETUP], druk dan op de knop [MENU] om het menu [SCENE MODE] weer te geven.
Opnames maken (geavanceerd) T Portretmodus U Met deze functie kunt u het onderwerp duidelijk laten uitkomen tegen een onscherpe achtergrond en de belichting en kleur bijstellen om het onderwerp een gezond uiterlijk te geven. Sportmodus Met deze modus kunt u foto’s nemen van een snel bewegend onderwerp. (Bijv. bij het nemen van sportfoto’s buiten.) 19 19 n Techniek voor portretmodus Voor een effectief gebruik van deze modus: 1 Draai de zoomhendel zo ver mogelijk naar Tele.
Opnames maken (geavanceerd) f Voedselmodus V Gebruik deze modus voor het nemen van foto’s in restaurants, ongeacht de belichting, zodat de natuurlijke kleuren van het onderwerp goed uitkomen. Landschapsmodus Met deze modus neemt u foto’s van een uitgestrekt landschap. De camera richt u bij voorkeur op een ver verwijderd onderwerp. 19 19 • De ISO-gevoeligheid wordt automatisch ingesteld op de optimale waarde. • Het focusbereik is 5 m tot Z.
Opnames maken (geavanceerd) X Nachtportretmodus W Met deze modus neemt u foto’s tegen een nachtelijk landschap. Het onderwerp kan met de helderheid van overdag worden vastgelegd met behulp van de flitser en een langzame sluitertijd. Nachtlandschapsmodus Met deze modus neemt u foto’s van een nachtelijk landschap. Het landschap kan helder worden vastgelegd door een langzame sluitertijd te gebruiken. 19 19 n Techniek voor nachtportretmodus • Open de flitser.
Opnames maken (geavanceerd) h Babymodus Deze modus past de belichting en tint aan om de gezonde kleur van de huid van uw baby er goed uit te laten springen. De flitser is zwakker dan normaal als u deze wilt gebruiken. 19 1 month 10days 10:00 20.DEC.2005 • U kunt ook de leeftijd van uw kind invoeren zodat deze later wordt getoond bij de foto. • U kunt tevens de [LUMIX Simple Viewer] of [PHOTOfunSTUDIO] software op de inbegrepen CD-ROM gebruiken om uw baby’s leeftijd in te voeren.
Opnames maken (geavanceerd) e Zachte huidmodus g Met deze modus maakt u foto’s waarbij de huid van het onderwerp er zachter uitziet. Gebruik deze modus voor het maken van portretten vanaf de borst omhoog. Kaarslichtmodus Gebruik deze modus om de sfeer van kaarslicht over te brengen. 19 19 n Techniek voor zachte huidmodus Voor een effectief gebruik van deze modus: 1 Draai de zoomhendel zo ver mogelijk naar Tele. 2 Ga dicht bij het onderwerp staan.
Opnames maken (geavanceerd) a Partymodus Z Selecteer deze modus als u foto’s wilt nemen op trouwrecepties, feesten binnenshuis, enz. Zowel de mensen als de achtergrond kunnen met de echte helderheid worden vastgelegd met behulp van de flitser en een langzamere sluitertijd. Vuurwerkmodus Met deze modus neemt u prachtige foto’s van vuurwerk dat tegen een nachtelijke hemel wordt afgestoken. De sluitertijd of de belichting wordt automatisch aangepast voor het nemen van foto’s van vuurwerk.
Opnames maken (geavanceerd) b n De sluitertijd instellen Sneeuwmodus Met deze modus neemt u foto’s op locaties zoals ski-oorden en in een besneeuwd berglandschap. De belichting en witbalans worden aangepast om de witte kleur van de sneeuw eruit te laten springen. 19 STARRY SKY 15 SEC. 30 SEC. 60 SEC. SELECT SET MENU MENU CANCEL MENU 15 • De ISO-gevoeligheid wordt automatisch ingesteld op de optimale waarde.
Opnames maken (geavanceerd) c Zelfportretmodus Met deze modus neemt u foto’s van uzelf. 2 19 n Techniek voor zelfportretmodus • Als u hebt scherpgesteld door het indrukken van de ontspanknop, gaat het lampje van de zelfontspanner branden. Houd de camera stevig vast en druk de ontspanknop dan helemaal in. • Het beschikbare focusbereik is 30 cm tot 70 cm. • U kunt een foto van uzelf met geluid nemen (P73). Hierbij brandt het zelfontspannerlampje terwijl het geluid wordt opgenomen.
Opnames maken (geavanceerd) Werken met het modusmenu [REC] K : [W.BALANCE] (P69) Door het instellen van kleur, het aanpassen van de fotokwaliteit, enz. kunt u foto’s nemen met een grote variëteit. • Stel de modusknop in op de gewenste opnamemodus. R : [AUDIO REC.] (P73) 13 W.BALANCE SENSITIVITY PICT.SIZE QUALITY AUDIO REC. SELECT Z : [PICT.SIZE] (P71) Q : [QUALITY] (P72) Menuopties REC J : [SENSITIVITY] (P71) SET R : [METERING MODE] (P73) M : [AF MODE] (P74) EXIT : [CONT.
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. K Witbalans [W.BALANCE] Met deze functie reproduceert u een kleur wit die de tint in het echte leven beter benaderd op foto’s die zijn opgenomen met zonlicht, halogeenverlichting, enz. waarbij de witte kleur er rood- of blauwachtig uit kan zien.
Opnames maken (geavanceerd) n Handmatig instellen van de witbalans (Wit-instelling p) Gebruik deze modus om de witbalans handmatig in te stellen. 1 Stel in op [p] (Wit-instelling) en druk dan op q. 2 Selecteer [:] (Wit-instelling 1) of [;] (Wit-instelling 2) en druk dan op q. 3 Richt de camera op een wit vel papier of een vergelijkbaar wit object zodat het kader in het midden van het scherm wit wordt en druk dan op q.
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. J Zie pagina 68 voor het instellen. ISO-gevoeligheid [SENSITIVITY] ISO-gevoeligheid geeft de lichtgevoeligheid in een waarde weer. Als u de ISOgevoeligheid hoger instelt, wordt de camera beter geschikter voor opnames op donkere plekken. • Bij het instellen op [AUTO], wordt de ISOgevoeligheid automatisch aangepast van [ISO80] tot [ISO200] conform de helderheid. (Bij gebruik van de flitser kan hij worden aangepast van [ISO100] tot [ISO400].
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. Q Kwaliteit [QUALITY] U kunt kiezen uit 4 types kwaliteit (compressieverhouding), afhankelijk van het gebruik van de foto. TIFF TIFF (ongecomprimeerd) Dit type is geschikt voor het bewerken en verwerken van foto’s met beeldbewerkingssoftware. G Fijn (Lage compressie): Bij dit type wordt prioriteit gegeven aan beeldkwaliteit. Beeldkwaliteit is hoog.
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. R Geluidsopname [AUDIO REC.] U kunt een foto met geluid nemen. • Als u [AUDIO REC.] instelt op [ON], verschijnt [I] op het scherm. • Als uw begint met opnemen door scherp te stellen op het onderwerp en de ontspanknop in te drukken, wordt de geluidsopname automatisch gestopt na vijf seconden. Het is niet nodig om de ontspanknop ingedrukt te houden. • Het geluid wordt opgenomen via de ingebouwde microfoon van de camera.
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. M AF-modus [AF MODE] T 9-zone-focussing: De camera stelt scherp op een van de 9 focuszones. U kunt een foto in een vrije compositie vastleggen zonder het onderwerp een bepaalde positie op te dwingen. V 3-zone-focussing (hoge snelheid): De camera stelt scherp op een van de vlakken links, in het midden of rechts op het scherm.
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. Continue AF [CONT.AF] Zie pagina 68 voor het instellen. N SCN1 SCN2 Met deze modus bepaalt u eenvoudiger de compositie van een foto omdat altijd wordt scherpgesteld op het onderwerp. Als de AF-modus wordt ingesteld op 1zone-focussing, 1-zone-focussing (hoge snelheid) of spot-focussing, is er minder tijd nodig voor het scherpstellen als de ontspanknop half wordt ingedrukt. • Als het wordt ingesteld op [ON], verschijnt de aanduiding [ ].
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. O Zie pagina 68 voor het instellen. Digitale zoom [D.ZOOM] T Kleureffect [COL.EFFECT] SCN1 SCN2 Het is mogelijk om een onderwerp waarop al vier keer is ingezoomd nog verder te vergroten met de optische zoom en nogmaals vier keer met de digitale zoom, waarmee een maximum van 16 keer wordt bereikt. (U kunt de extra optische zoom nog benutten.) Zie pagina 86 voor meer informatie over de extra optische zoom.
Opnames maken (geavanceerd) Zie pagina 68 voor het instellen. U Beeldinstelling [PICT.ADJ.] Zie pagina 68 voor het instellen. M Flip-animatie [FLIP ANIM.] SCN1 SCN2 Gebruik deze functie in overeenstemming met de opnamesituatie en de sfeer van de foto. CONTRAST HIGH Verhoogt het verschil tussen licht en donker op de foto. LOW Verlaagt het verschil tussen licht en donker op de foto. SHARPNESS HIGH De foto krijgt een grote scherpte. LOW De foto krijgt een kleine scherpte.
Opnames maken (geavanceerd) 1 Selecteer [FLIP ANIM.]. REC 3 Beelden vastleggen voor flipanimatie. 33 D.ZOOM COL.EFFECT PICT.ADJ. FLIP ANIM. SELECT 8 REMAIN 92 EXIT MENU EXIT MENU • Er wordt een bewegend beeldbestand gemaakt door beelden die zijn opgeslagen in [PICTURE CAPTURE] samen te voegen bij [CREATE MOTION PICTURE]. • Geluid kan niet worden opgenomen. • Het is niet mogelijk om geluid op te nemen met audio-dubbing. (P96) 2 Selecteer [PICTURE CAPTURE].
Opnames maken (geavanceerd) 5 Selecteer [FRAME RATE] en stel het aantal frames (beelden) in. CREATE MOTION PICTURE n Alle stilstaande beelden wissen die zijn gebruikt voor de flip-animatie Bij het selecteren van [DELETE STILL PICTURES] in het menu [FLIP ANIM.], verschijnt er een bevestigingsscherm. Selecteer [YES] met r en druk dan op q. FRAME RATE CREATE MOTION PICTURE SELECT 5fps 10fps SET EXIT MENU 5 frames/sec. 10 frames/sec. (De filmbeelden gaan vloeiender in elkaar over.
Opnames maken (geavanceerd) Werken met het snelmenu U kunt het volgende wijzigen met de joystick tijdens het opnemen. • [W.BALANCE] (P69) • [SENSITIVITY] (P71) • [PICT.SIZE] (P71) • [QUALITY] (P72) • [PICT.MODE] (P57) 1 Houd de joystick ingedrukt om het snelkoppelingsmenu weer te geven in opnamemodus. AUTO AUTO 8M AUTO 2 SELECT EXIT • Het instelmenu Quick verschijnt. 2 Selecteer het menu door erop te drukken.
Opnames maken (geavanceerd) Foto’s nemen met handmatige focus 1 Schuif de focusschakelaar naar [MF]. 2 Beweeg de joystick naar w/q om [MF] te selecteren, beweeg de joystick dan naar e/r om scherp te stellen. 2 D 1 5 F2.88 1/30 M AC B • AF: Autofocus • AFw: Macromodus • MF: Handmatige focus • A : MF aanduiding • B : Brandpuntsafstand • e : Verder • r : Dichterbij • De assistent voor handmatige focus C verschijnt. • De MF-assistent verdwijnt 2 seconden nadat u de joystick niet meer beweegt.
Opnames maken (geavanceerd) n MF assistentie Beweeg de joystick naar e/r terwijl [MF ASSIST] is ingesteld op [MF1] of [MF2] om de afbeelding te vergroten om het scherpstellen te vereenvoudigen. (P22) • [MF1]: Het middengedeelte van de foto wordt vergroot. U kunt scherpstellen terwijl u let op de algehele compositie van de foto. n Techniek voor handmatige focus 1 Beweeg de joystick e/r. 2 Ook al is het onderwerp scherpgesteld, verplaats het toch nog een beetje. m 5 2 1 0.5 F2.
Opnames maken (geavanceerd) AF/AE vergrendeling (AF: Auto focus/ AE: Auto exposure) Het vergrendelen van de focus kan handig zijn wanneer het onderwerp zich buiten het AF-gebied bevindt van de foto die u wilt maken. Het vergrendelen van de belichting is handig als er sprake is van een extreem contrast op de opname en u de belichting niet optimaal krijgt. 1 Selecteer [AF/AE LOCK] in het menu [REC] om [AF], [AE] of [AF/AE] te selecteren. REC 2 3 METERING MODE AF MODE C-AF CONT.
Opnames maken (geavanceerd) AF-macromodus Met deze modus neemt u close-up foto’s van het onderwerp, bijv. bij het maken van bloemenfoto’s. U kunt tot op een lensafstand van 5 cm van het onderwerp foto’s nemen door de zoomhendel tot het uiterste naar Wide (1×) te draaien. 1 Selecteer [AFw] met de n Focusbereik • Normaal 1,2 m T 50 cm W focusschakelaar.
Opnames maken (geavanceerd) De aspectratio instellen Aspectratio is de verhouding tussen de breedte en de hoogte van de foto. Bij deze camera kunt u kiezen uit drie aspectratio’s. •j • •h • Het is niet mogelijk om bewegende beelden op te nemen in de aspectratio [ ]. • Afhankelijk van de aspectratio is het mogelijk dat de randen van de foto niet worden afgedrukt. Probeer het volgende om te zien of u ook de randen afgedrukt kunt krijgen.
Opnames maken (geavanceerd) Foto’s nemen met de extra optische zoom De optische zoom van de camera biedt u normaal gesproken een telefotozoom van 4 keer, maar door een resolutie met een EZsuffix te kiezen, bijvoorbeeld 5.5M EZ , treedt de extra optische zoom in werking en wordt de zoomfactor als volgt vergroot. (In dit voorbeeld gaan we uit van een aspectratio van [j].) • Beeldformaat. (P71) 1 Draai de zoomhendel naar T. 5.
Weergave (geavanceerd) Beelden weergeven met geluid/Bewegende beelden n Beelden met geluid Selecteer een beeld met het pictogram van geluid [A] A en geef het geluid weer. A PLAY AUDIO IO 100-0001 1/19 10 00 20.DEC.2005 10:00 20 DEC 2005 n Bewegende beelden Selecteer een beeld met het pictogram van een bewegend beeld B en geef de bewegende beelden weer. B 30 fps 16:9 PLAY MOTION PICTURE 103-0003 16/16 10:00 20.DEC.2005 • De cursor die tijdens het weergeven wordt afgebeeld komt overeen met e/r/w/q.
Weergave (geavanceerd) Werken met het modusmenu [PLAY] a : [SLIDE SHOW] (P89) De weergavemodus biedt u diverse manieren om uw beelden weer te geven en te bewerken. Menuopties PLAY b : [ROTATE] (P92) l : [DPOF PRINT] (P93) g: [PROTECT] (P95) R : [AUDIO DUB.] (P96) EXIT MENU MENU • Als u de zoomhendel naar T draait, bladert u naar de volgende pagina van het menuscherm. (vice versa) • Nadat u de optie hebt geselecteerd, verandert u de instellingen zoals beschreven op de volgende pagina’s.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor de menubediening. a Weergeven met een diashow [SLIDE SHOW] DURATION AUDIO 13 SLIDE SHOW FAVORITE ROTATE DISP. ROTATE DPOF PRINT SELECT SELECT EXIT MENU ALL Voor het weergeven van alle beelden. Voor het weergeven van beelden in uw favorietenlijst. • Zie pagina 90 voor instructies voor het toevoegen van beelden aan uw favorietenlijst. • Start vanaf stap 2 als [FAVORITE] is ingesteld op [OFF]. 2 Stel de opties van de diashow in.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor de menubediening. Favorieteninstelling [FAVORITE] 1 Selecteer [ALL DELETE EXCEPT 1 Selecteer [ON] om dit in te stellen. PLAY 13 SET ] tijdens de weergave. MULTI/ALL DELETE MULTI DELETE ALL DELETE ALL DELETE EXCEPT SLIDE SHOW FAVORITE ROTATE DISP. ROTATE DPOF PRINT SELECT n Alle foto’s wissen behalve die in uw favorietenlijst EXIT SELECT CANCEL MENU MENU 2 Druk op e tijdens de weergave om de foto in uw favorietenlijst op te nemen.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor het instellen. • U kunt maximaal 999 foto’s in uw favorietenlijst opnemen. • Eenmaal gewist, kunnen de foto’s niet meer worden teruggehaald. Controleer nogmaals voor u de foto’s wist. • Zet de camera tijdens het wissen niet uit. • Beveiligde foto’s (P95) of foto’s die niet conform de DCF-normen zijn (P47) worden niet gewist. • Gebruik voor het wissen een batterij met voldoende lading (P12) of gebruik de netadapter (DMW-AC5; optioneel).
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor de menubediening. b Het beeld draaien [ROTATE] U kunt de geselecteerde beelden draaien en weergeven in stappen van 90°. n Voorbeeld Bij rechtsom draaien (a) 2 Selecteer de richting waarin u het beeld wilt draaien. ROTATE Oorspronkelijk beeld SELECT SET EXIT MENU MENU 1 Selecteer het beeld dat u wilt draaien en stel het in. ROTATE SELECT a Het beeld wordt rechtsom gedraaid in stappen van 90°.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor de menubediening. l Het af te drukken beeld en het aantal afdrukken instellen [DPOF PRINT] DPOF SET THIS DPOF (Digital Print Order Format) is een systeem dat de gebruiker in staat stelt de beelden te selecteren die moeten worden afgedrukt op compatibele fotoprinters. Met DPOF is de gebruiker tevens in staat in te stellen hoeveel afdrukken van iedere foto moeten worden gemaakt. Veel commerciële fotoafdrukwinkels gebruiken reeds DPOF.
Weergave (geavanceerd) n Alle instellingen annuleren Selecteer [YES] om alle instellingen te annuleren. CANCEL ALL DPOF CANCEL ALL DPOF PRINT SETTINGS? NO YES SELECT SET MENU n De datum afdrukken U kunt tijdens het instellen van het aantal afdrukken, het afdrukken van de opnamedatum instellen/annuleren met iedere druk op de knop [DISPLAY]. DPOF SET THIS 1 COUNT SELECT 111 100 _ 0001 1/19 DATE DISPLAY EXIT MENU • Het pictogram van het afdrukken van de datum [L] wordt afgebeeld.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor de menubediening. g Per ongeluk wissen van beelden voorkomen [PROTECT] U kunt beelden die u niet wilt wissen beveiligen tegen per ongeluk wissen. 1 Selecteer [SINGLE], [MULTI] of [CANCEL]. PLAY 23 PROTECT AUDIO DUB. RESIZE TRIMMING ASPECT CONV. SELECT EXIT MENU n Één beeld instellen Selecteer het beeld en stel in of annuleer de beveiliging.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor de menubediening. R Geluid toevoegen aan opgenomen beelden [AUDIO DUB.] U kunt het geluid opnemen nadat het beeld is opgenomen. 1 Selecteer het beeld en start de geluidsopname. AUDIO DUB. SELECT START 100 _ 0001 1/19 EXIT MENU • Als reeds geluid is opgenomen, wordt een bevestigingsscherm afgebeeld. Druk op r en selecteer [YES], en druk vervolgens op q om de geluidsopname te starten. (Het oorspronkelijk opgenomen geluid wordt gewist.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor het instellen. e Het beeldformaat veranderen [RESIZE] 2 Selecteer het beeldformaat en stel het in. RESIZE Deze functie is handig als u de bestandsgrootte van het beeld wilt verlagen in het geval dat u het als aanhangsel per email wilt versturen of wilt uploaden naar een website. 1 Selecteer het beeld en stel het in.
Weergave (geavanceerd) 3 Selecteer [YES] of [NO] om in te stellen. Zie pagina 88 voor het instellen. f Beelden bijsnijden [TRIMMING] Met deze functie kunt u overbodige delen van het opgenomen beeld afsnijden. RESIZE DELETE ORIGINAL PICTURE? NO YES SELECT SET CANCEL MENU MENU 2 keer • Als u [YES] selecteert, wordt de foto overschreven. Als foto’s waarvan het beeldformaat is aangepast worden overschreven, kunnen ze niet meer hersteld worden.
Weergave (geavanceerd) 2 Het beeld vergroten of verkleinen TRIMMING ZOOM 100 _ 0001 1/19 EXIT 4 Selecteer [YES] of [NO] om in te stellen. TRIMMING DELETE ORIGINAL PICTURE? NO YES MENU SELECT SET CANCEL MENU MENU 2 keer 3 Verschuif het beeld en druk de sluiterknop volledig in om vast te leggen. TRIMMING ZOOM TRIM:SHUTTER 100 _ 0001 1/19 EXIT MENU • Als u [YES] selecteert, wordt het oorspronkelijke beeld overschreven.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor het instellen. i 3 Verplaats het kader om de foto bij Aspectratio wijzigen te snijden. [ASPECT CONV.] Het beeldformaat van beelden met een aspectratio van 16:9 aanpassen voor afdrukken met een aspectratio van 3:2 of 4:3. 1 Selecteer [ ] of [h] en stel dit in. PLAY ADJUST. SET:SHUTTER EXIT MENU 23 PROTECT AUDIO DUB. RESIZE TRIMMING ASPECT CONV. SELECT 4 Selecteer [YES] of [NO] om in te EXIT MENU stellen. ASPECT CONV.
Weergave (geavanceerd) Zie pagina 88 voor het instellen. < De kaart opschonen [CLEAN UP] Gebruik deze functie als de overdrachtssnelheid van uw SD geheugenkaart aanmerkelijk lager wordt. Dit gebeurt normaal gesproken na herhaaldelijk opnemen en wissen. Een lagere overdrachtssnelheid is met name van invloed op het opnemen van bewegende beelden, waarbij het opnemen kan worden onderbroken. Voor de beste resultaten, schoont u van tevoren de kaart op.
Weergave (geavanceerd) Beelden weergeven op een tv-scherm 4 Zet de camera aan en zet de modusknop op de weergavemodus [Q]. n Beelden weergeven met de meegeleverde kabel • Zet de camera en de TV uit. • Stel [TV ASPECT] in. (P24) B 2 • U kunt alleen beelden op een tv weergeven wanneer de modusknop op de weergavemodus [Q] staat. 1 A 1 Sluit de AV-kabel A (meegeleverd) aan op de [AV OUT] aansluiting van de camera.
Aansluiten op een PC of printer Alvorens aan te sluiten met behulp van een USB-aansluitkabel [4 : USB MODE] Selecteer het USB-systeem voordat u een computer of printer aansluit op de camera met behulp van de USB-aansluitkabel (meegeleverd). Stel de opties in op [USB MODE] in het menu [SETUP]. (P23) 1 Selecteer [USB MODE]. SETUP 34 USB MODE HIGHLIGHT VIDEO OUT TV ASPECT MF m/ft SELECT EXIT • Als [PC] is geselecteerd, wordt de camera aangesloten via het communicatiesysteem USB Mass Storage.
Aansluiten op een PC of printer Aansluiten op een PC • Door de camera aan te sluiten op een computer, kunt u uw beelden uploaden en vervolgens de software gebruiken op de meegeleverde CD-ROM ([LUMIX Simple Viewer] en [PHOTOfunSTUDIO] voor Windows®) om uw beelden per e-mail te versturen of af te drukken. • Als u Windows 98/98SE gebruikt, installeert u eerst het USBstuurprogramma en sluit u vervolgens aan op de computer.
Aansluiten op een PC of printer n Mapsamenstelling Mappen worden als volgt afgebeeld. SD geheugenkaart MultiMedia Card DCIM 100_PANA 100_PANA 1 P1000001.JPG 2 3 P1000002.JPG P1000999.JPG 101_PANA 999_PANA MISC PRIVATE1 1 Mapnummer 2 Bestandsnummer 3 JPG : Foto’s MOV : Film De inhoud van iedere map is: DCIM 100_PANA MISC PRIVATE1 100_PANA tot 999_PANA Foto’s/Film Bestand met DPOF of favorieteninstelling Flip-animatiebestanden • Dit toestel slaat maximaal 999 fotobestanden op in elke map.
Aansluiten op een PC of printer Aansluiten op een PictBridge-compatibele printer Door de camera met de (bijgeleverde) USBkabel rechtstreeks aan te sluiten op een printer met PictBridge-ondersteuning, kunt u de af te drukken foto’s selecteren op het LCD-scherm en het afdrukken vanuit het scherm starten. Maak de noodzakelijke instellingen van tevoren op uw printer. (Lees hiervoor de gebruiksaanwijzing van uw printer.) 3 Sluit de camera aan op een printer via de USB-aansluitkabel A (meegeleverd).
Aansluiten op een PC of printer n Enkele foto n [PRINT WITH DATE] 1 Selecteer de af te drukken foto. F PictBridge 100 _ 0001 1/19 PLEASE SELECT THE PICTURE TO PRINT SELECT PRINT • Een bericht wordt gedurende ongeveer 2 seconden afgebeeld. 2 Maak de afdrukinstellingen. SINGLE PICTURE PRINT START PRINT WITH DATE NUM. OF PRINTS PAPER SIZE PAGE LAYOUT SELECT SET 1 CANCEL MENU • De opties die niet worden ondersteund door de printer, worden grijs afgebeeld en kunnen niet worden geselecteerd.
Aansluiten op een PC of printer n [PAGE LAYOUT] (Mogelijke lay-outs op de camera) F De instellingen op de printer hebben voorrang. G afdruk van 1 pagina zonder rand H afdruk van 1 pagina met rand I afdruk van 2 pagina’s J afdruk van 4 pagina’s n DPOF-foto • Stel van tevoren het DPOF-afdrukken in op deze camera. (P93) 1 Selecteer [DPOF PICTURE]. PictBridge SINGLE PICTURE DPOF PICTURE 3 Selecteer [PRINT START] en druk vervolgens de foto af.
Aansluiten op een PC of printer n Datumafdruk bij DPOF-afdrukken van tevoren instellen Als de printer de datumafdruk bij DPOFafdrukken ondersteunt, adviseren wij u de datumafdruk bij DPOF-afdrukken van tevoren in te stellen. (P94) De opnamedatum kan worden afgedrukt door [DPOF PICTURE] te selecteren om het afdrukken te starten. • Koppel de USB-aansluitkabel niet los zolang het waarschuwingspictogram voor kabel loskoppelen [K] wordt afgebeeld.
Overige Schermweergave 1 2 3 4 56 7 8 34 33 9 19 32 31 30 29 28 27 26 25 24 23 10 11 12 13 14 15 F2.
Overige 1 2 3 4 1 6 7 100 _ 0001 1/19 17 16 5 PLAY AUDIO 15 14 8 9 10 P F2.8 1/25 11 10:00 20.DEC.
Overige Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik n Optimaal gebruik van het toestel Wanneer u deze fotocamera draagt, moet u oppassen het niet te laten vallen of er tegen aan te stoten. • De lens of de externe ombouw kan stuk gaan door hard stoten, en dit zou een gestoorde werking van het toestel kunnen veroorzaken. Houd het toestel uit de buurt van magnetische apparatuur (zoals magnetrons, televisie, videospelletjes, enz.).
Overige n Kaart Bewaar de kaart niet op plaatsen met een hoge temperatuur of direct zonlicht of waar gemakkelijk elektromagnetische golven of statische elektriciteit opgewekt kunnen worden. De kaart niet buigen of laten vallen. • De kaart kan beschadigd worden of de opgenomen inhoud zou beschadigd of gewist kunnen worden. • Bewaar de kaart in het kaarthoesje of het bewaarzakje na afloop van het gebruik, of wanneer u de kaart opbergt of meeneemt.
Overige Weergegeven berichten [THIS MEMORY CARD IS PROTECTED] Hef de kaartbeveiliging op. [NO VALID PICTURE TO PLAY] Weergave na opname of na het inbrengen van een kaart met opnames. [THIS PICTURE IS PROTECTED] Na het opheffen van de beveiliging kunt u de foto wissen of overschrijven. [THIS PICTURE CANNOT BE DELETED]/ [SOME PICTURES CANNOT BE DELETED] Foto’s die niet zijn gebaseerd op de DCFstandaard, kunnen niet worden gewist.
Overige [MOTION RECORDING WAS CANCELLED DUE TO THE LIMITATION OF THE WRITING SPEED OF THE CARD] Als u de [PICT.MODE] instelt op [30fpsVGA] of [30fps16:9], gebruik dan kaarten met een snelheid van 10 MB/ seconde of hoger (vermeld op verpakking van kaart) voor de beste resultaten. Het nemen van foto’s kan plotseling niet meer mogelijk zijn bij sommige kaartsoorten of indien u een kaart gebruikt met een gefragmenteerd geheugen als gevolg van herhaaldelijk opslaan en verwijderen.
Overige Problemen oplossen Indien u het menu opnieuw instelt op de gegevens die het toestel had op het moment van aankoop, kan de situatie verbeteren. Verricht de [RESET] in het menu Setup. (P23) n Batterij en voeding Situatie Oorzaken De camera gaat niet aan. Is de batterij correct geplaatst? Controleer de richting van de batterij. Is de batterij voldoende geladen? Gebruik een batterij die voldoende geladen is. De camera schakelt snel De batterij is onvoldoende geladen.
Overige n LCD Situatie Het beeld wordt niet weergegeven op het LCD-scherm. Oorzaken Is de spaarstand (P22) ingeschakeld? Druk de ontspanknop tot halverwege in om deze functie uit te schakelen. Is de batterijlading onvoldoende om de camera te bedienen? Gebruik een batterij die voldoende geladen is.
Overige n Flitser Situatie De flitser is niet geactiveerd. De flitser wordt twee keer geactiveerd. 118 VQT0S25 Oorzaken Zorg dat de flitser openstaat. Verschuif de [< OPEN] schakelaar. (P38) De flitser wordt niet geactiveerd als de functie bewegend beeld [i], [SCENERY], [NIGHT SCENERY], [FIREWORKS] of [STARRY SKY] in de scènefunctie is geselecteerd (P59). Bij AUTO/Rode-ogenreductie [s], Forced ON/Rodeogenreductie [q] en Slow-sync.
Overige n Weergave Situatie De foto wordt niet weergegeven. Oorzaken Is de kaart geplaatst? Staat er een foto op de kaart? Staat de modusknop ingesteld op weergave [Q]? Foto’s worden Een van de functies van dit toestel is dat het automatisch onverwacht gedraaid. herkent of u de camera een slag draait om een foto te nemen. Deze foto wordt dan automatisch gedraaid indien weergegeven. Het kan voorkomen dat het toestel meent dat u de camera heeft gedraaid, terwijl u in feite de camera omhoog of omlaag richt.
Overige n Aansluiten op een TV, computer of printer Situatie De foto verschijnt niet op de televisie. Het TVscherm is gestoord of wordt zwartwit weergegeven. Kan geen filmbeelden afspelen op een televisie. De foto’s kunnen niet met printers worden afgedrukt. De zijkanten van afgedrukte beelden worden afgeknipt. Er kunnen geen foto’s naar de printer worden opgeladen. Het beeldformaat past niet op het TV-scherm.
Overige n Overige Situatie Er werd per ongeluk een niet leesbare taal geselecteerd. Bij het half indrukken van de ontspanknop, gaat er soms een rood lampje branden. De AF-assistentielamp gaat niet aan. De klokinstelling is gereset. De lens klikt. De camera wordt warm. Er verschijnen vreemde kleuren aan de rand van het beeld. Kan de auto reviewfunctie niet wijzigen. Oorzaken Selecteer het pictogram [{] in het menu [SETUP] om de gewenste taal in te stellen.
Overige Specificaties Digitale fotocamera: Energiebron: Stroomverbruik: Informatie voor uw veiligheid DC 5,1 V 2,1 W (Tijdens opname) 1,0 W (Tijdens weergave) Effectieve beeldpunten toestel: Beeldsensor: 8.400.000 beeldpunten 1/1,65″ CCD, totaal aantal beeldpunten 8.610.000 beeldpunten Primair kleurfilter Lens: 4x optische zoom, f=6,3 tot 25,2 mm [35 mm filmcamera equivalent: 28 tot 112 mm (aspectratio [j])] /F2,8 tot F4,9 Digitale zoom: Max.
Overige ISO-gevoeligheid: Witbalans: Belichting (AE): Metingfunctie: LCD-scherm: Flits: Microfoon: Luidspreker: Opnamemedia: Beeldformaat: Stilstaand beeld: Bewegend beeld: Kwaliteit: Bestandsindeling opnames Stilstaand beeld: Beeld met geluid: Bewegend beeld: AUTO/80/100/200/400 AUTO/Daglicht/Bewolkt/Halogeen/Wit-instelling 1/Wit-instelling 2 Programma AE Belichtingscompensatie (1/3 EV stap, –2 tot +2 EV) Meervoudig/Center weighted/Spot Lage-temperatuur polykristallijn TFT LCD 2,5″ (Ongeveer 207.
Overige Interface Digitaal: Analoge video/audio: Aansluitingen AV OUT/DIGITAL: DC IN: Afmetingen: Gewicht: Bedrijfstemperatuur: Bedrijfsvochtigheid: Batterijoplader (Panasonic DE-A12A): Ingang: Uitgang: USB 2.
Overige MEMO 125 VQT0S25
Overige MEMO 126 VQT0S25
Overige MEMO 127 VQT0S25
QuickTime en het QuickTime-logo zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Apple Computer, Inc., onder vergunning gebruikt. Du VQT0S25 H0705MH0 ( 8000 A ) C Matsushita Electric Industrial Co., Ltd. Web Site: http://www.panasonic.co.