Operation Manual

61
3. Basisbediening
Selecteren van de opnamemodus
Selecteer de functie door de functieknop te
draaien.
Draai de functieknop langzaam om de gewenste functie te
selecteren.
Intelligent Auto modus
(P73)
De onderwerpen worden opgenomen met behulp van
instellingen die automatisch gebruikt worden door het
toestel.
Intelligent Auto Plus
modus (P81)
Stelt u ook in staat om de helderheid en de
kleurschakering in te stellen in Intelligent Auto modus.
Programma AE-modus
(P83)
Neemt op bij de lensopeningwaarde en de sluitertijd die
door de camera ingesteld zijn.
Lensopening-Prioriteit
AE-modus (P86)
De sluitertijd wordt automatisch bepaald volgens de
openingswaarde die u ingesteld hebt.
Sluiter-Prioriteit
AE-modus (P87)
De openingswaarde wordt automatisch ingesteld volgens
de sluitertijd die u ingesteld hebt.
Handmatige
Belichtingsmodus (P88)
De belichting wordt aangepast aan de sluitertijd en de
openingswaarde die u handmatig hebt ingesteld.
Creatieve Videomodus
(P116)
Neemt bewegende beelden op met een handmatig
ingestelde waarden van de lensopening en de sluitertijd.
¢ U kunt geen foto’s nemen.
Voorkeuzemode (P118)
Gebruik deze functie om opnamen te maken met eerder
geregistreerde instellingen.
Scene Guide modus (P93)
Hiermee maakt u beelden die passen bij de scène die u
opneemt.
Creative Control modus
(P104)
Opnemen terwijl het beeldeffect gecontroleerd wordt.