Operation Manual

247
12. Gebruik van de Wi-Fi-functie
1 Verbinding met een smartphone/tablet maken.
(P246)
2 Selecteer [ ] op de smartphone/tablet.
De opgenomen beelden worden in de camera bewaard.
Sommige instellingen zijn niet beschikbaar.
Het scherm verschilt afhankelijk van het uitvoerende systeem.
Als de camera tijdens de opname oververhit raakt door een
hoge omgevingstemperatuur, door een continue filmopname of
door andere omstandigheden die oververhitting veroorzaken,
dan knippert [ ]. Als een bericht weergegeven wordt na het
knipperen van [ ] zal de camera uit zelfbescherming
automatisch uitgeschakeld worden. Als dit gebeurt zullen
sommige functies uitgeschakeld worden tot de camera afkoelt.
1 Verbinding met een smartphone/tablet maken. (P246)
2 Selecteer [ ] op de smartphone/tablet.
3 Versleep een beeld om het te bewaren.
Als een beeld aangeraakt wordt, zal de foto vergroot
afgespeeld worden.
De functie kan toegekend worden aan de bovenkant, de
onderkant, links of rechts, al naargelang uw voorkeur.
Fotograferen via een smartphone/tablet (remote opname)
Beelden bewaren die in de camera opgeslagen zijn