Operation Manual

193
9. Stabilisator, zoom en flitser
Beelden maken met de zoom
Toepasbare modi:
U kunt uitzoomen om landschappen, enz. op te nemen met groothoek (Wide) of inzoomen
om mensen en voorwerpen dichterbij te laten lijken (Tele).
¢1 Druk, terwijl u de zoom met de cursorknoppen bedient, op de functieknop waarop
[Zoombediening] in [Fn knopinstelling] (P43) van het [Voorkeuze]-menu ingesteld is.
De zoomwerking eindigt wanneer opnieuw op de functieknop gedrukt wordt of na het
verstrijken van een bepaalde tijd.
¢2 De bediening met de cursorknoppen is alleen beschikbaar als [Ex. tele conv.] in het
[Opname]-menu op [ZOOM] gezet is.
Wanneer een onderling verwisselbare lens met een zoomhendel gebruikt wordt, beweeg de
zoomhendel dan om te zoomen.
Als een onderling verwisselbare lens met een zoomhendel op de camera aangesloten is maar
de zoom bediend wordt met de cursorknoppen, kan men snel zoomen door op 3/4 te drukken
en langzaam zoomen door op 2/1 te drukken.
Onderling verwisselbare lens met
een zoomring (H-FS12032)
Zoomring van een
onderling verwisselbare
lens
Cursorknoppen van dit
toestel
¢1, 2
Wanneer een onderling
verwisselbare lens (H-H020A)
gebruikt wordt die geen zoom
ondersteunt.
Cursorknoppen van dit toestel
¢1, 2
T-zijde:
Vergroot de
onderwerpsafstand
W-zijde:
Verbreedt de
gezichtshoek
3/1:
Vergroot de
onderwerpsafstand
4/2:
Verbreedt de
gezichtshoek
T
W