Operation Manual

111
Opnemen
Over de flitser
De flitsmodus is ingesteld op [Œ] wanneer de flitser gesloten is en op [ ] (AUTO)
wanneer deze open is. Wanneer de flitser open is, stelt de camera automatisch [ ], [ ]
(AUTO/Rode-ogenreductie), [ ] of [ ] in om overeen te doen komen met het soort
onderwerp en helderheid.
Open de flits wanneer de flits gebruikt moet worden. (P123)
Wanneer [ ] of [ ] ingesteld is, is de digitale rode-ogencorrectie in werking gesteld.
De Sluitertijd zal langzamer zijn tijdens [ ] of [ ].
Functies die automatisch werken en menuopties die buiten werking gesteld zijn
De volgende functies worden automatisch uitgevoerd om het toestel in staat te stellen
optimale instellingen tot stand te brengen.
Scènedetectie/Tegenlichtcompensatie/Gezichtsdetectie/Auto witbalans/Intelligente regeling
ISO-gevoeligheid/[Rode-ogencorr]/[I.resolutie]/[Int.dynamiek]/[Lang sl.n.red]/
[Schaduwcomp.]/[Quick AF]/ [AF ass. lamp]
Omdat de camera de optimale instellingen automatisch maakt, worden de volgende
menu's buiten werking gesteld.
Voor het [Opname]-menu raadpleegt u Gebruik van het [Opname] Menu op (P158). Voor
het [Bewegend beeld]-menu raadpleegt u
Gebruik van het [Bewegend beeld] Menu (P188).
[Geh voorkeursinst.]/[Lichtmeter]/[AF/AE vergrend.]/[AE-vergr.-vast]/[Quick AF]/[Oogsensor
AF]/[Direct focuspunt]/[Sluiter-focus]/[AF ass. lamp]/[AF+MF] ([Voorkeuze]-menu)
Compensatie van de achtergrondverlichting
Bij tegenlicht ziet het onderwerp er donkerder uit en zal de camera automatisch proberen om
dit te corrigeren door de helderheid van het beeld te verhogen. In de Intelligent Auto modus
werkt de tegenlichtcompensatie automatisch.