Operation Manual

171
Opnemen
Opnamen maken met handmatig scherpstellen
Toepasbare modussen:
Gebruik deze functie als u een vaste scherpstelling wenstof als de afstand tussen de lens
en het object vast is en u de automatische scherpstelling niet wenst te gebruiken.
1
Zet de [Focusfunctie] in het [Opname]-menu op [MF]. (P162)
2
Gebruik de focushendel of focusring op de lens om scherpstelling te
verkrijgen.
A Aanduiding van (oneindigheid)
Als u handmatig scherp stelt, zal het display naar het
assistentiescherm schakelen en wordt het beeld vergroot
(MF Assist B).
Als [Peaking] in het [Voorkeuze]-menu op [ON] gezet is,
worden de scherp gestelde delen geaccentueerd (C).
Wanneer [MF-gids] op het [Voorkeuze] menu ingesteld is
op [ON] en u handmatig scherpstelt, wordt de MF-guide
D afgebeeld op het scherm. U kunt controleren of het
scherpstelpunt richting de kant dichtbij of de kant ver
weg is.
De handelingen die gebruikt worden om handmatig scherp te stellen variëren
afhankelijk van de lens.
Gebruik van de onderling verwisselbare
lens (H-PS14042) met een focushendel
Gebruik van de onderling verwisselbare
lens (
H-FS14140, H-FS1442A, H-FS014042,
H-FS45150
) met een focusring
Verplaats naar A
kant:
Stelt scherp op een
onderwerp dichtbij
Verplaats naar B
kant:
Stelt scherp op een onderwerp ver weg
De scherpstelsnelheid varieert afhankelijk
van hoe ver u de focushendel verplaatst.
Draai naar C kant:
Stelt scherp op een
onderwerp dichtbij
Draai naar D kant:
Stelt scherp op een
onderwerp ver weg
A
B
C
D
B
D
A
C