Operation Manual

Andere
94
Batterij
De batterij is een oplaadbare lithium- ion
batterij. De capaciteit van de batterij om
stroom te genereren is gebaseerd op de
chemische reactie die in de batterij plaatsvindt.
Deze reactie ondergaat de invloed van de
omgevingstemperatuur en -vochtigheid. Is de
temperatuur te hoog of te laag dan wordt de
werkingstijd van de batterij korter.
Verzeker u ervan de batterij na gebruik
te verwijderen.
Sla de verwijderde batterij op in het
batterijdragende kistje.
Wanneer u naar buiten gaat,
reservebatterijen meenemen.
Denkt u eraan dat de bedrijfstijd van de
batterij korter wordt bij lage temperatuur
zoal in skigebieden.
Wanneer u reist, ervoor zorgen de
geleverde oplader klaar te leggen om de
batterij op te laden wanneer nodig.
Als u de batterij per ongeluk laat vallen,
controleren of de body van de batterij en
aansluitingen vervormd zijn.
Door een vervormde batterij in de
fotocamera te voeren kan de fotocamera
stuk gaan.
Na het gebruik ervoor zorgen de kaart
en de batterij te verwijderen of de plug
los te maken van de elektrische uitlaat.
Extreem hoge of lage temperaturen zullen
de levensduur van de batterij verkorten.
• Wordt de batterij in rokerige of stoffige ruimtes
bewaard dan kunnen de uiteinden roesten en
storingen van de werking veroorzaken.
Gooi een onbruikbare batterij weg.
De batterij heeft een beperkte levensduur.
Gooi de batterij niet in open vuur, het kan
een ontploffing veroorzaken.
De batterijaansluitingen niet in contact
laten komen met metalen voorwerpen
(zoals kettingen, haarpinnen, etc.).
Dit kan kortsluiting of hittegeneratie
veroorzaken en, als u de batterij in deze
staat aanraakt, kunt u zich lelijk verbranden.
Oplader
Indien u de oplader in de buurt van een
radio gebruikt, zou radio-ontvangst
gestoord kunnen worden. Houd de
oplader 1 m of meer weg van de radio.
• Wanneer de oplader in gebruik is, kan hij
zoemgeluiden maken. Dit is echter geen storing.
Na gebruik, ervoor zorgen de los te
koppelen de AC kabel los te koppelen van
de elektrische uitlaat. (Als deze
aangesloten blijft, wordt er een zeer kleine
hoeveelheid stroom verbruikt.)
Houdt de aansluiting van de oplader en
batterij schoon.
Condensatie (Wanneer de lens
beslagen is)
Wanneer condensvorming heeft
plaatsgevonden:
Zet de fotocamera uit en laat de
fotocamera in deze omstandigheid
gedurende ongeveer 2 uur. Wanneer de
fotocamera dichtbij kamertemperatuur
komt, verdwijnt de condens vanzelf.
Wanneer u de fotocamera verplaatst van
een koude plaats naar een warme plaats,
de fotocamera in een plastic zak doen en
deze vervolgens eruit nemen nadat de
temperatuur van de fotocamera dichtbij de
omgevingstemperatuur wordt om
condensatie tegen te gaan.
FX2_7-DUT.book 94 ページ 2004年7月28日 水曜日 午前1時21分