Operation Manual

Gevorderd (Opname van beelden)
- 90 -
De witbalans fijn afstellen [ ]
U kunt de witbalans fijn instellen als u de gewenste tint niet krijgt met de gewone
witbalans.
Deze kan ingesteld worden vanaf het snelle menu (P26).
1 Selecteer [WITBALANS] en druk dan op 1
Druk weer op 1 als [ ], [ ] of [ ] geselecteerd is.
2 Druk op 3/4/2/1 om de witbalans af te stellen en druk dan
op [MENU/SET].
Als u de witbalans fijn afstelt op A (amber), zal de icoon van de witbalans op de
LCD-monitor oranje worden. Als u de witbalans fijn afstelt op B (blauw), zal de icoon van
de witbalans op de LCD-monitor blauw worden.
Als u de witbalans fijn afstelt op G_ (groen) of M` (magenta), verschijnt er [_] (groen) of
[`] (magenta) naast de icoon van de witbalans op de LCD-monitor.
Selecteer het middenpunt als u de witbalans niet fijn aan het afstellen bent.
U kunt de witbalans onafhankelijk nauwkeurig afstellen voor elke witbalansfunctie.
De fijnafstelling van de witbalans blijft ook opgeslagen als u de camera uitzet.
De instelling voor het nauwkeurig afstellen van de witbalans wordt door het beeld gebruikt
wanneer u de flits gebruikt.
Het fijne afstellingniveau van de witbalans keert terug naar de standaard instelling
(middenpunt) in de volgende gevallen.
Wanneer u de witbalans opnieuw instelt in [ ] of [ ]
Wanneer u opnieuwde kleur- temperatuur handmatig instelt in [ ]
2 :
A (AMBER: ORANJE)
1 :
B (BLAUW: BLAUWACHTIG)
3 : G_ (GROEN: GROENACHTIG)
4 : M` (MAGENTA: ROODACHTIG)
1 2
SET
1 2
SET