Operation Manual
Opnemen
- 64 -
∫ Opzetten van [ ] (AF-opsporing)
•
Het kader van AF tracking wordt rood en vervolgens uitgeschakeld als de vergrendeling
mislukt. Probeer het kader opnieuw te vergrendelen.
• De camera neemt beelden met [AF mode] op als [ ], indien vergrendeld, of als Dynamic
Tracking niet werkt.
• AF Tracking wordt gewist als Touch Shutter op [ ] wordt gezet.
• Onder de volgende omstandigheden kan het niet op [ ] gezet worden.
– Tijdens opnemen in 3D
– In [Panorama assist], [Speldenprik], [Zandstraal] of [Hoge dynamiek] in de scènemodus.
– In [Zwart/Wit], [Sepia], [Cool] of [Warm] in [Kleurfunctie]
• De vergrendeling kan mislukken in gevallen met de volgende opnameomstandigheden.
– Wanneer het onderwerp te klein is
– Wanneer de opnameplaats te donker of te helder is
– Wanneer het onderwerp te snel beweegt
– Wanneer een ander onderwerp of achtergrond in kleur op het onderwerp lijkt
– Wanneer er zich golfstoring voordoet
– Wanneer u de zoom gebruikt
Aantekening
•
Bediening door aanraking is rechtsboven op de LCD-monitor niet mogelijk, ook al wordt een
beeld weergegeven.










