Operating Instructions
4. Instellingen van focus, helderheid (belichting) en kleurtoon
86
Toepasbare modi:
1 Raak het onderwerp aan waarvoor u de helderheid
wilt optimaliseren.
• Het instellingenscherm van de AF-zone verschijnt. (P82)
• De positie voor de optimalisering van de helderheid wordt
op het midden van de AF-zone weergegeven. De positie
volgt de beweging van de AF-zone.
• De [Meetfunctie] wordt op [ ] gezet, die uitsluitend voor
Touch AE gebruikt wordt.
2 Raak [Inst.] aan.
• De aangeraakte positie zal ingesteld worden als een AF-zone met dezelfde functie als
[Ø].
• Om de scherpstelling en de helderheid te annuleren die ingesteld werden met [AF+AE],
raak dan [ ] ([ ] aan als [Ø] geselecteerd is).
De positie van de AF-zone met de Touch-functie specificeren
> [Voorkeuze] > [Bediening] > [Touch inst.] > [Touch AF] >
[AF+AE]
Als de achtergrond bijvoorbeeld te helder wordt kunt
u het helderheidscontrast van de achtergrond
aanpassen door de belichting te compenseren.
• Bij opnamen met de aanraaksluiter worden de scherpstelling en helderheid vóór de opname
geoptimaliseerd voor de aangeraakte positie.
• Aan de rand van het scherm kan de meting worden beïnvloed door de helderheid rondom de
aangeraakte locatie.
In deze gevallen niet beschikbaar:
• [AF+AE] werkt niet in de volgende geval:
– Bij het gebruik van de digitale zoom
MENU
ュリヴヱハ
5HVHW
,QVW
AE










