Operating Instructions
181
10. De menufuncties gebruiken
Toepasbare modi:
Selecteer de sluiter die voor het maken van de foto’ s gebruikt moet worden.
¢1 Deze instelling is alleen beschikbaar in de handmatige belichtingsmodus.
¢2 Tot en met een ISO-gevoeligheid van [ISO3200]. Als de instelling hoger dan [ISO3200] is,
zal de sluitertijd korter dan 1 seconde zijn.
¢3 De instellingen van het elektronische sluitergeluid kunnen veranderd worden in [Shutter vol.]
en [Shutter toon].
• De Elektronische Sluitermodus stelt u in staat foto’s te maken zonder de trilling van de sluiter.
[Sluitertype]
> [Opname] > [Sluitertype]
[AUTO]
Schakelt het type sluiter automatisch om, afhankelijk van de
opname-omstandigheden en de sluitersnelheid.
• De mechanische sluitermodus heeft voorrang op de elektronische,
omdat voor de mechanische sluiter minder functiegerelateerde
beperkingen gelden bij opnamen met een flitser, enz.
[MSHTR] Maakt foto’s in de Mechanische Sluitermodus.
[ESHTR] Maakt foto’s in de Elektronische Sluitermodus.
Mechanische sluiter Elektronische sluiter
Flitser ± —
Sluitertijd (Sec.) [T] (Tijd)
¢1
/60 tot 1/4000 1
¢2
tot 1/16000
Sluitergeluid
Mechanisch sluitergeluid
i
Elektronisch sluitergeluid
¢3
Elektronisch sluitergeluid
¢3
• Als [ ] op het scherm weergegeven wordt, zullen de foto’s met de elektronische sluiter
gemaakt worden.
• Als [ESHTR] ingesteld is, en een foto van een bewegend onderwerp genomen wordt,
kan dit onderwerp er vervormd uitzien op de foto.
• Als [ESHTR] ingesteld is, kunnen horizontale strepen op de foto verschijnen,
bijvoorbeeld bij fluorescente verlichting of LED-verlichting. De horizontale strepen
kunnen afnemen als u een langere sluitertijd instelt.
MENU










