Operating Instructions
Table Of Contents
- Over deze gebruiksaanwijzing
- Chapters
- Inhoudsopgave
- Inhoudsopgave van de functies
- 1. Introductie
- 2. Aan de slag
- 3. Basisbediening
- 4. Opnamemodus
- 5. Beeld opnemen
- 6. Scherpstellen/Zoom
- 7. Aandrijving/Sluiter/Beeldstabilisatie
- De aandrijfstand selecteren
- Burstfoto’s nemen
- 4K-foto-opname
- Foto’s uit een 4K-burstbestand selecteren
- Post Focus-opname
- Opnemen met gebruik van de zelfontspanner
- Opnemen met Intervalopname
- Opnemen met Stop-motionanimatie
- Video’s met Intervalopname en Stop-motionanimatie
- Bracket-opname
- [Stille modus]
- [Sluitertype]
- Beeldstabilisatie
- 8. Helderheid (belichting)/Kleur/Beeldeffect
- 9. Flitser
- 10. Video’s opnemen
- 11. Beelden afspelen en bewerken
- 12. Camera-aanpassing
- 13. Menugids
- 14. Wi-Fi/Bluetooth
- 15. Andere apparaten verbinden
- 16. Materialen
- Optionele accessoires gebruiken
- Weergave scherm/zoeker
- Displayberichten
- Problemen oplossen
- Voorzorgsmaatregelen voor het gebruik
- Aantal foto’s dat kan worden gemaakt en beschikbare opnametijd met de batterij
- Aantal stilstaande beelden dat kan worden en video-opnametijd met kaarten
- Lijst met functies die kunnen worden ingesteld in elke opnamemodus
- Specificaties
- Inhoud
- Handelsmerken en licenties
- Firmware-update
350
13. Menugids
[Voorkeuze]-menu [Lens / Andere]
[Diafragmaring
verhoging]
[SMOOTH]/
[1/3EV]
[SMOOTH]: U kunt de diafragmawaarde nauwkeurig
aanpassen.
[1/3EV]: U kunt diafragmawaarde in stappen van 1/3 EV
aanpassen.
U kunt de stap van de diafragma-instelling wijzigen door de
diafragmaring te bedienen.
• Deze instelling is beschikbaar wanneer een onderling
verwisselbare lens is bevestigd die een klikloze
diafragmaring (optioneel: H-X1025) ondersteunt (vanaf
juni 2020).
• Wanneer foto’s worden gemaakt, wordt deze instelling
actief wanneer de diafragmaring wordt ingesteld op een
andere positie dan [A].
• Als de positie van de diafragmaring wordt ingesteld op
[A] wordt de diafragmawaarde die ingesteld is door de
camera geactiveerd en kan deze worden ingesteld, zoals
met [1/3EV].
• Tijdens een video-opname kunnen fijne instellingen
worden uitgevoerd, zoals met [SMOOTH].
• Wanneer [SMOOTH] ingesteld is, worden fracties van
diafragmawaarden niet afgebeeld op het scherm.
[Zelf ontsp. auto uit]
[ON]/[OFF]
Als het apparaat uitgeschakeld wordt, wordt de
zelfontspanner geannuleerd.
[Zelfopname]
[ON]/[OFF]
Als u [Zelfopname] instelt op [OFF], schakelt de modus niet
over naar de zelfopnamemodus (85), zelfs niet als u het
scherm draait.
[AF na aftellen]
[ON]/[OFF]
De camera stelt automatisch scherp nadat het aftellen voor
de zelfopname eindigt.










