Operating Instructions
Table Of Contents
- Over deze gebruiksaanwijzing
- Chapters
- Inhoudsopgave
- Inhoudsopgave van de functies
- 1. Introductie
- 2. Aan de slag
- 3. Basisbediening
- 4. Opnamemodus
- 5. Beeld opnemen
- 6. Scherpstellen/Zoom
- 7. Aandrijving/Sluiter/Beeldstabilisatie
- De aandrijfstand selecteren
- Burstfoto’s nemen
- 4K-foto-opname
- Foto’s uit een 4K-burstbestand selecteren
- Post Focus-opname
- Opnemen met gebruik van de zelfontspanner
- Opnemen met Intervalopname
- Opnemen met Stop-motionanimatie
- Video’s met Intervalopname en Stop-motionanimatie
- Bracket-opname
- [Stille modus]
- [Sluitertype]
- Beeldstabilisatie
- 8. Helderheid (belichting)/Kleur/Beeldeffect
- 9. Flitser
- 10. Video’s opnemen
- 11. Beelden afspelen en bewerken
- 12. Camera-aanpassing
- 13. Menugids
- 14. Wi-Fi/Bluetooth
- 15. Andere apparaten verbinden
- 16. Materialen
- Optionele accessoires gebruiken
- Weergave scherm/zoeker
- Displayberichten
- Problemen oplossen
- Voorzorgsmaatregelen voor het gebruik
- Aantal foto’s dat kan worden gemaakt en beschikbare opnametijd met de batterij
- Aantal stilstaande beelden dat kan worden en video-opnametijd met kaarten
- Lijst met functies die kunnen worden ingesteld in elke opnamemodus
- Specificaties
- Inhoud
- Handelsmerken en licenties
- Firmware-update
330
13. Menugids
[Filterinstellingen]
[Filtereffect] [ON]/
[OFF]/[SET]
226
[Gelijktijdig zond.
filter]
[ON]/
[OFF]
Deze modus maakt opnames met extra
beeldeffecten (filters).
[Helderheidsniveau]
[0-255]/
[16-255]
263
U kunt het luminantiebereik instellen om bij het
doel van de video-opname te passen.
[Meetfunctie]
[ ]/[ ]/[ ]
209
Type optische meting om helderheid te meten kan
veranderd worden.
[Schaduw
markeren]
[ ] ([Standaard])/[ ] ([Hoger contrast])/
[
] ([Lager contrast])/
[
] ([Schaduw lichter maken])/
[
]/[ ]/[ ] (aangepast)
318
U kunt de lichte partijen en schaduwen in een
beeld aanpassen terwijl u de helderheid van deze
gebieden op het scherm controleert.
[Int.dynamiek]
[AUTO]/[HIGH]/[STANDARD]/[LOW]/
[OFF]
319
Contrast en belichting worden gecompenseerd als
het verschil in helderheid tussen de achtergrond en
het onderwerp groot is.
[I.resolutie]
[Hoog]/[Standaard]/[Laag]/
[OFF]
—
Met de intelligente resolutietechnologie van
de camera kunt u foto’s maken met scherpere
contouren en een hogere resolutie.
[ISO-gevoeligh.
(video)]
[ISO Auto Onderl.
Inst.]
[200] tot [3200]
264
[ISO Auto Bovenl.
Inst.]
[AUTO]/[400] tot [6400]
Stelt de onder- en bovenlimieten van de ISO-
gevoeligheid in als de ISO-gevoeligheid op [AUTO]
gezet is.










