Operating Instructions - Language - Deutsch
NEDERLAND
■ Automatische Bediening
1 Druk op de knop bewerkingsselectiestand MODE ,
de cursustoets wijst naar AUTO .
2 Druk op de bedieningsknop OFF/ON ; het
bedieningslampje van de airconditioner flitst even
en gaat dan branden.
Opmerkingen:
1. Bij Automatische Bediening wordt de
bedieningsmodus automatisch geselecteerd
in overeenstemming met de
kamertemperatuur.
2. Bij Automatische Bediening is het
temperatuurbereik voor verstelling ±2°C.
Door te drukken op de knoppen
of
verschijnt er resp, of in het display
van de afstandsbediening.
3. Bij automatische bediening met AUTO
Ventilatorsnelheid:
Verwarming:
Bij lage kamertemperatuur draait de
ventilator met lage snelheid. Met het stijgen
van de kamertemperatuur gaat de ventilator
sneller draaien.
Koeling: Eerst staat de automatische
ventilatorsnelheid op hoog. Bij het bereiken
van de ingestelde temperatuur stopt de
ventilator. Dan begint deze weer te draaien
op lage ventilatorsnelheid. Tijdens Koeling
en ‘Soft Dry’ ontvochtiging gaat de ventilator
40 seconden later draaien.
Koeling
‘Soft Dry’ ontvochtiging
Verwarming
C
Temperatuur invoerlucht
23˚C
20˚C
■ Verwarming
1 Druk op de knop bewerkingsselectiestand MODE ,
de cursustoets wijst naar HEAT .
2 Druk op de bedieningsknop OFF/ON ; het
bedieningslampje van de airconditioner flitst even
en gaat dan branden.
3 Druk op of voor het instellen van de
kamertemperatuur.
Opmerkingen:
● Warmte wordt onttrokken aan de
buitentemperatuur om de kamer te verwarmen.
Wanneer de buitentemperatuur daalt, kan de
verwarmingscapaciteit van de unit
verminderen.
● Ontdooien
Afhankelijk van de buitentemperatuur stopt de
werking soms om rijp op de buiten-unit te
ontdooien.
■ Koeling
1 Druk op de knop bewerkingsselectiestand MODE ,
de cursustoets wijst naar COOL .
2 Druk op de bedieningsknop OFF/ON ; het bedie-
ningslampje van de airconditioner gaat branden.
3 Druk op of voor het instellen van de
kamertemperatuur.
Let op:
Bij het instellen van automatische luchtstroom
tijdens Koeling verandert de snelheid en
ontstaat er door het op en neer bewegen van
de lamellen een natuurlijke bries.
■ ‘Soft Dry’ Ontvochtiging
1 Druk op de knop bewerkingsselectiestand MODE ,
de cursustoets wijst naar DRY .
2 Druk op de bedieningsknop OFF/ON ; het
bedieningslampje van de airconditioner gaat
branden.
3 Druk op of voor het instellen van de
kamertemperatuur.
Let op: 1. Het doel van ‘Soft Dry’: voorafgaand aan de
ontvochtiging de kamertemperatuur op de
ingestelde temperatuur houden.
2. Bij het instellen van automatische luchtstroom
tijdens ‘Soft Dry’ ontvochtiging verandert de
snelheid en ontstaat er door het op en neer
bewegen van de lamellen een natuurlijke bries.
3. Tijdens ‘Soft Dry’ ontvochtiging draait de
ventilator op lage snelheid en gaat het
toestel soms aan en uit.
Aanbeveling: Selecteer deze modus op een regen-
achtige dag of als de vochtigheid hoog is.
36
F563553/33-40/Ned 5/6/02, 10:40 am37








