Operation Manual
53
Nl
■ Contourscherpte
*2
` 0 tot +10
Met deze instelling kunt u de scherpte van randen in het
het beeld bijregelen. “0” is het zachtste. “+10” is het
scherpste.
■ Ontstoring
*2
` Uit:
Ontstoring uit.
` Laag
:
Vermindering van lage ruis.
` Middel:
Vermindering van gemiddelde ruis.
` Boven:
Vermindering van hoge ruis.
Met deze instelling kunt u ruis op het scherm
verminderen.
Opmerking
• Als de instelling “Spelmodus” op “Aan” staat (➔ 52), staat
deze instelling vast op “Uit”.
■ Helderheid
*1*2
` –50 tot 0 tot +50
Met deze instelling kunt u de beeldhelderheid
bijregelen. “–50” is het donkerste. “+50” is het meest
helder.
■ Contrast
*1*2
` –50 tot 0 tot +50
Met deze instelling kunt u het contrast bijregelen.
“–50” is het minste. “+50” is het meest geweldige.
■ Tint
*1*2
` –20 tot 0 tot +20
Met deze instelling kunt u de rood/groen-balans
bijregelen. “–20” is het sterkst groen. “+20” is het
sterkst rood.
■ Verzadiging
*1*2
` –50 tot 0 tot +50
Met deze instelling kunt u de verzadiging bijregelen.
“–50” is de zwakste kleur. “+50” is de sterkst kleur.
Tip
*1
Deze procedure kan ook worden uitgevoerd vanaf de
afstandsbediening met behulp van het hoofdmenu (➔ 26).
*2
Druk op CLR als u de standaardwaarde wilt terugzetten.
U kunt een standaard luistermodus toewijzen aan elke
ingangsbron, die daarop automatisch wordt geselecteerd
als u de ingangsbron selecteert. U kunt bijvoorbeeld de
standaard luistermodus instellen, die moet worden
gebruikt bij Dolby Digital ingangssignalen. U kunt andere
luistermodus selecteren tijdens de weergave, maar de hier
gespecificeerde modus zal weer worden gebruikt nadat de
AV-receiver op standby is gezet.
Hoofdmenu Akoestiekfunctie voorkeuze
■ Analoog/PCM
Met deze instelling kunt u de luistermodus opgeven die
moet worden gebruikt als een analoog (CD, TV, LD,
VHS, MD, draaitafel, radio, cassette, kabel, satelliet,
enz.) of PCM digitaal (CD, DVD, enz.) audiosignaal
wordt weergegeven.
■ Mono/multiplex-bron
Met deze instelling kunt u de luistermodus opgeven die
moet worden gebruikt bij de weergave van een mono
digitaal audiosignaal (DVD, enz.).
■ 2-kanaal-bron
Met deze instelling specificeert de standaard
luistermodus voor 2-kanaals (2/0) stereobronnen in een
digitaal formaat, zoals Dolby Digital of DTS.
■ Dolby D/Dolby D +/TrueHD
Met deze instelling kunt u de luistermodus opgeven die
moet worden gebruikt bij de weergave van een digitaal
audiosignaal in het Dolby Digital of Dolby Digital Plus
formaat (DVD, enz.). Specificeert de standaard
luistermodus voor Dolby TrueHD bronnen, zoals Blu-
ray of HD DVD (input via HDMI).
Akoestiekfunctie voorkeuze
1
Gebruik
q
/
w
voor het selecteren van de ingangsbron
die u wilt instellen, en dan drukken op
ENTER
.
Het volgende menu wordt zichtbaar.
Voor de ingangsselector “TUNER” is alleen
“Analoog” beschikbaar. Voor de ingangsbron
“NET/USB” is alleen “Digitaal” beschikbaar.
Opmerking
• Als u een ingangscomponent (zoals een UP-A1
dockingstation met een iPod) aansluit op de
UNIVERSAL
PORT
-aansluiting, dan kunt u alleen luistermodi voor het
analoge geluid aan de “
PORT
”-selector toewijzen.
2
Gebruik q/w voor het selecteren van het
signaalformaat die u wilt instellen, en gebruik
daarna e/r voor het selecteren van een
luistermodus.
Alleen luistermodi die kunnen worden gebruikt in
combinatie met dat ingangssignaalformaat kunnen
worden geselecteerd (➔ 37 tot 41).
De optie “Laatst geldig” betekent dat de laatst
geselecteerde luistermodus gebruikt zal worden.
1. BD/DVD
2. VCR/DVR
3. CBL/SAT
4. GAME
5. PC
6. AUX
5. Akoestiekfunctie voorkeuze










