Operation Manual
77
Nl
Opmerking
• Deze procedure kan ook worden uitgevoerd vanaf de AV-
receiver met behulp van de SETUP, de pijltoetsen, en ENTER.
■ MAC-adres
Dit is het MAC-adres (Media Access Control) van de AV-
receiver. Dit adres kan niet worden gewijzigd.
■ DHCP
Deze instelling bepaalt of de AV-receiver DHCP wel of
niet gebruikt voor het automatisch configureren van zijn
IP-adres, Subnetmasker, Gateway, en de instellingen voor
de DNS-server.
` Inschakelen
:
DHCP-ingeschakeld.
` Uitschakelen:
DHCP-uitgeschakeld.
Als u “Uitschakelen” selecteert, moet u de instellingen
voor “IP-adres” , “Subnetmasker”, “Gateway”, en
“DNS-server” zelf configureren.
■ IP-adres
Als u de instelling “DHCP” op “Uitschakelen” zet, moet
u een IP-adres invullen. Vul een statisch IP-adres in die u
van uw ISP heeft ontvangen.
Het IP-adres moet binnen de volgende reeksen blijven.
` Klasse A:
10.0.0.0 tot 10.255.255.255
` Klasse B:
172.16.0.0 tot 172.31.255.255
` Klasse C:
192.168.0.0 tot 192.168.255.255
De meeste routers maken gebruik van Klasse C IP-
adressen.
■ Subnetmasker
Als u de instelling “DHCP” op “Uitschakelen” zet, moet
u een subnetmasker invullen.
Vul het adres van het subnetmasker in dat u van uw ISP
heeft ontvangen (meestal: 255.255.255.0).
■ Gateway
Als u de instelling “DHCP” op “Uitschakelen” zet, moet
u een gateway-adres invullen.
Vul het gateway-adres in dat u van uw ISP heeft
ontvangen.
■ DNS-server
Als u de instelling “DHCP” op “Uitschakelen” zet, moet
u een DNS-server invullen.
Vul de DNS-server in die u van uw ISP heeft ontvangen.
■ Proxy URL
Vul hier de URL in voor het gebruik van een webproxy.
■ Proxypoort
Als u van een webproxy gebruikmaakt, vul dan hier het
poortnummer van de proxy in.
■ Regeling
Deze instellingen schakelt de besturing van het netwerk in
of uit.
` Inschakelen:
Besturing van het netwerk ingeschakeld.
` Uitschakelen
:
Besturing van het netwerk uitgeschakeld.
Opmerking
• Als de instelling op “Inschakelen” staat, neemt het
stroomverbruik in stand-by toe.
■ Port Number
Dit is de netwerkpoort die voor de besturing van het
netwerk wordt gebruikt.
Opmerking
• Stel het poortnummer in van “49152” tot “65535”.
2
Gebruik q/w om “Hardware instellingen” te
selecteren, en druk vervolgens op ENTER.
Het “Hardware instellingen”-menu wordt
zichtbaar.
3
Gebruik q/w om “Netwerk” te selecteren, en druk
vervolgens op ENTER.
Het “Netwerk”-scherm verschijnt.
4
Gebruik q/w om de instelling te selecteren, en
gebruik e/r om ze in te stellen.
Selecteer de instelling voor het invullen van een IP-
adres, en druk daarna op ENTER. Vervolgens kan de
pijl worden gebruikt voor het invullen van de
nummers. Druk nogmaals op ENTER om het
nummer in te stellen.
De instellingen worden hieronder uitgelegd.
5
Druk op RETURN nadat u klaar bent.
Het bevestigingsscherm verschijnt.
6
Gebruik q/w om “Opslaan” te selecteren, en druk
vervolgens op ENTER.
Na het aanpassen van netwerkinstellingen is het
noodzakelijk om deze op te slaan via “Opslaan”.
7
Druk op SETUP nadat u klaar bent.
Het instelmenu wordt afgesloten.
7. Hardware instellingen
1. Afstandsbediening-ID
2. Multi Zone
3. Tuner
4. HDMI
5. Automatisch uitschakelen
6. Netwerk
7. Firmware Update
7-6. Netwerk
MAC-adres
DHCP
IP-adres
Subnetmasker
Gateway
DNS-server
Proxy URL
Proxypoort
xx : xx : xx − yy : yy : yy
Inschakelen
aaa.bbb.ccc.ddd
aaa.bbb.ccc.ddd
aaa.bbb.ccc.ddd
aaa.bbb.ccc.ddd
8080
Opslaan
Annuleren
7-6. Netwerk










