Professionele bloeddrukmeter HBP-1100 • Instruction Manual • Mode d’emploi • Gebrauchsanweisung • Manuale di istruzioni • Manual de instrucciones • Gebruiksaanwijzing • РУКОВОДСТВО ПО ЭКСПЛУАТАЦИИ • Kullanım Kılavuzu EN FR DE IT ES NL RU TR AR Dank u voor de aankoop van deze professionele bloeddrukmeter van OMRON. Lees de hele gebruiksaanwijzing door voordat u de meter voor het eerst gaat gebruiken.
Inhoudsopgave Inleiding Beoogd gebruik......................................................................................1 Vrijwaringen ...........................................................................................2 Veiligheid ...............................................................................................3 Het apparaat gebruiken Onderdelen van het apparaat ................................................................9 Optionele accessoires ..............................
Inleiding Beoogd gebruik Medische doeleinden Dit apparaat is een digitale meter die is bedoeld voor gebruik bij het meten van de bloeddruk en hartslag bij volwassen patiënten en kinderen met een armomtrek van 12 tot 50 cm. Beoogde gebruikers Dit apparaat is bedoeld voor gebruik door een medisch professional. Beoogde patiënten Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij volwassenen en kinderen van 3 jaar en ouder.
Vrijwaringen OMRON accepteert geen aansprakelijkheid voor de volgende zaken. 1. Als zich een probleem of schadegeval voordoet dat wordt veroorzaakt wanneer onderhoud en/of reparatie niet wordt uitgevoerd door OMRON-personeel of de door OMRON aangewezen dealer 2. Als het probleem met of de schade aan het OMRON-product wordt veroorzaakt door een product van een andere fabrikant dat niet door OMRON is geleverd 3.
Veiligheid De hieronder weergegeven waarschuwingssignalen en voorbeelden van symbolen zijn bedoeld om een veilig gebruik van het product te waarborgen en schade voor en letsel bij uzelf en anderen te voorkomen. De signalen en symbolen worden hieronder uitgelegd. Gebruikte veiligheidssymbolen in deze gebruiksaanwijzing Waarschuwing Geeft de omstandigheden aan waarin onjuist gebruik Let op kan leiden tot ernstig lichamelijk letsel of de dood.
• Er zijn geen klinische tests uitgevoerd op pasgeboren baby’s en zwangere vrouwen. Gebruik het apparaat niet bij pasgeboren baby’s en zwangere vrouwen. • Sluit de netadapter niet aan en koppel deze niet los met natte handen. Let op • Installeer het apparaat niet op de volgende locaties: - Locaties met stof, zout of zwavel.
• Breng geen mobiele telefoons of transceivers in de ruimte waar het apparaat is geïnstalleerd of wordt gebruikt. • Sluit niet meerdere meters aan op dezelfde patiënt. • Sluit het apparaat niet aan op een stopcontact met een wandschakelaar.
Onderhoud en inspectie Waarschuwing • Inspecteer het apparaat altijd voordat u ermee aan het werk gaat om een veilig en correct gebruik te waarborgen. • Onbevoegde aanpassing is bij de wet verboden. Probeer het apparaat niet uit elkaar te halen of te repareren. Drogecelbatterij Waarschuwing • Als batterijvloeistof in contact komt met de ogen, moet u deze onmiddellijk met ruime hoeveelheden water uitspoelen. Niet wrijven. Roep meteen medische hulp in.
• Buig de slang van de manchet niet tijdens het oppompen en ontluchten, met name na een verandering van lichaamspositie. • Wikkel de manchet niet rond de volgende lichaamsdelen: - Een bovenarm waarop een intraveneus infuus of een bloedtransfusie wordt uitgevoerd. - Een bovenarm waarop een SpO2-sensor, IBP-katheter of ander apparaat is aangebracht. - Een bovenarm met een shunt voor hemodialyse.
Opmerking: Instelling • Lees de handleiding voor elk optioneel accessoire en zorg ervoor dat u deze begrijpt. Deze handleiding bevat geen waarschuwingsinformatie voor optionele accessoires. • Wees voorzichtig met de kabels en plaats deze zodanig dat de patiënt niet verstrikt of vastgebonden raakt. Vóór gebruik/tijdens gebruik • Controleer het volgende nadat u het apparaat hebt ingeschakeld: - Er mag geen rook, abnormale geur of abnormaal geluid worden afgegeven.
Het apparaat gebruiken Onderdelen van het apparaat Voordat u het apparaat gaat gebruiken, moet u controleren of alle accessoires aanwezig zijn en of het apparaat en de accessoires niet beschadigd zijn. Als een accessoire ontbreekt of beschadigd is, neemt u contact op met de OMRON-verkoper of -distributeur.
Kenmerken van het product De nauwkeurigheid voor bloeddrukmetingen van deze HBP-1100 is klinisch bewezen. De gebruiksvriendelijke HBP-1100 is bedoeld voor gebruik door medische professionals. ■ Functie voor nulindicatie (pagina 17): voor elke meting geeft dit apparaat aan dat de “nulinstelling” is geslaagd. ■ Auscultatiemodus. ■ 5 manchetten beschikbaar - (XL: 42 tot 50 cm, L: 32 tot 42 cm, M: 22 tot 32 cm, S: 17 tot 22 cm, SS: 12 tot 18 cm).
Functies van het apparaat Voorkant en onderkant van apparaat 12 4 3 5 6 1 Aan-uitknop [POWER] Hiermee schakelt u het apparaat in/uit. 2 Knop [Auscultatie] Druk hierop om naar de “Auscultatiemodus” te gaan (pagina 20). 3 Knop [START/STOP] Druk hierop om bloeddrukmetingen uit te voeren. Houd de knop tijdens het oppompen ingedrukt om de manchet continu op te pompen (pagina 18). 4 Connector voor niet-invasieve bloeddrukmeting Wordt verbonden met de manchetslang.
LCD-display 1 2 8 3 4 5 6 7 Hier wordt de systolische bloeddruk weergegeven. Hier wordt de diastolische bloeddruk weergegeven. Hier wordt de hartslag weergegeven. Licht op in het display voor het meetresultaat als de hartslag onregelmatig was of als er sprake was van lichaamsbeweging tijdens de meting. 1 SYS 2 DIA 3 PULSE 4 Pictogram voor onregelmatige hartslag 5 Auscultatiepictogram 6 Pictogram voor Knippert synchroon aan de hartslag hartslagsynchronisatie tijdens de meting.
De batterijen plaatsen Waarschuwing • Als batterijvloeistof in contact komt met de ogen, moet u deze onmiddellijk met ruime hoeveelheden water uitspoelen. Niet wrijven. Roep meteen medische hulp in. • Gooi de batterij niet in het vuur en demonteer of verhit deze niet. • Probeer de batterij niet uit elkaar te halen of te wijzigen. • Gebruik de netadapter en batterij niet tegelijkertijd. Let op • Als batterijvloeistof in contact komt met de huid en kleding, moet u deze onmiddellijk wegspoelen met water. 1.
Selectie en aansluiting van manchet Waarschuwing • Als een manchet wordt gebruikt bij een patiënt met een infectie, behandelt u de manchet als medisch afval of desinfecteert u deze vóór hergebruik. Let op • Gebruik de manchet niet als deze beschadigd is of gaten bevat. • Gebruik de juiste manchetmaat om zeker te zijn van correcte metingen. Als een te grote manchet wordt gebruikt, is de gemeten bloeddruk meestal lager dan de werkelijke bloeddruk.
De manchet aanbrengen bij de patiënt Het apparaat kan zowel voor de rechter- als voor de linkerarm worden gebruikt. Wikkel de manchet rond een blote arm of over dunne kleding. Dikke kleding of een opgerolde mouw leiden tot onnauwkeurige bloeddrukmetingen. 1. Zorg ervoor dat de manchetslang niet gebogen is. De manchetslang moet zich aan de buitenkant bevinden. 2. Wikkel de manchet zodanig om de bovenarm dat INDEX ARTERY “ ” (indicatie voor ader) zich direct boven de brachiale ader bevindt.
Let op • Zorg ervoor dat de manchet om de arm wordt gewikkeld in de juiste armpositie en dat de arm zich op dezelfde hoogte bevindt als het hart. Opmerking: • Als meting moeilijk is vanwege aritmie, gebruikt u een andere methode voor het meten van de bloeddruk. • Als de patiënt aan een acute ontsteking, een pyrogene aandoening of een externe wond lijdt op de locatie waar de manchet om de arm moet worden gewikkeld volgt u de instructies van de arts.
Functie voor nulindicatie Voor elke meting geeft dit apparaat aan dat de “nulinstelling” is geslaagd. ■ Als u het apparaat inschakelt, knippert de volledige indicator en begint vervolgens de “nulinstelling”. Wanneer deze is voltooid, wordt weergegeven. ■ Wanneer het apparaat al is ingeschakeld, wordt de meting gestart en wordt vervolgens de “nulinstelling” uitgevoerd vanuit het wachtscherm (dat “0” toont). Wanneer deze is voltooid, wordt weergegeven.
Niet-invasieve bloeddrukmeting Meting in “Normale modus” 1. Druk op de knop [START/STOP]. Bloeddrukmeting vindt eenmaal plaats. 2. De meetresultaten worden weergegeven. Als een gemeten waarde zich buiten het overeenkomstige, hieronder aangegeven bereik bevindt, knippert de waarde. SYS: 59 mmHg of lager, of 251 mmHg of hoger. DIA: 39 mmHg of lager, of 201 mmHg of hoger. PULSE: 39 spm of minder, of 201 spm of meer.
Let op • De nauwkeurigheid van een knipperende meetwaarde die zich buiten het meetbereik bevindt wordt niet gegarandeerd. Controleer altijd de toestand van de patiënt voordat u beslist welke stappen u moet ondernemen. Opmerking: • Als de manchet onvoldoende is opgepompt, wordt het oppompen mogelijk automatisch opnieuw gestart terwijl de meting wordt uitgevoerd.
Meting in “Auscultatiemodus” In de “Auscultatiemodus” meet dit apparaat niet de bloeddruk. Metingen moeten door een zorgverlener worden uitgevoerd met een stethoscoop. De zorgverlener gebruikt de stethoscoop om SYS en DIA te bepalen aan de hand van de auscultatiemethode. 1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld. “0” wordt weergegeven. 2. Druk op de knop [Auscultatie]. Het auscultatiepictogram wordt weergegeven en het apparaat gaat naar de “Auscultatiemodus”. 3. Druk op de knop [START/STOP].
Opmerking: • De functie voor detectie van lichaamsbeweging is uitgeschakeld terwijl “Auscultatiemodus” in gebruik is. • In de “Auscultatiemodus” wordt de hartslag niet gemeten en niet weergegeven. De meting stoppen U kunt een meting die bezig is stoppen door op de knop [START/STOP] te drukken.
Beginselen van niet-invasieve bloeddrukmeting Oscillometrische methode Het ritme van de hartslag die wordt gegenereerd door de samentrekking van het hart wordt geregistreerd als de druk binnen in de manchet voor het meten van de bloeddruk. Als de manchet die rond de bovenarm is gewikkeld voldoende onder druk wordt gezet, stopt de bloedstroom, maar is het ritme van de hartslag nog steeds aanwezig en wordt dit binnen in de manchet geregistreerd en treedt er oscillatie op.
Onderhoud Onderhoudsinspectie en veiligheidsbeheer De HBP-1100 moet worden onderhouden om de werking te waarborgen en de veiligheid van patiënten en gebruikers te garanderen. Dagelijkse controles en onderhoud moeten door de gebruiker worden uitgevoerd. Daarnaast is bevoegd personeel nodig om de prestaties en veiligheid te onderhouden en periodieke inspecties uit te voeren. Wij adviseren de verificatietest ten minste eenmaal per jaar uit te voeren.
Controle voor gebruik Voordat het apparaat wordt ingeschakeld Controleer, vóór het inschakelen van het apparaat, het volgende: ■ Buitenkant • Het apparaat of de accessoires zijn niet vervormd door een val of andere oorzaak. • Het apparaat is niet vuil. • Het apparaat is niet nat. ■ Netadapter • De netadapter is goed aangesloten op de aansluiting van het apparaat. • Er zijn geen zware voorwerpen op de kabel van de netadapter geplaatst.
Nauwkeurigheid van druk controleren U kunt de nauwkeurigheid van de druk van het apparaat controleren. Aan-uitknop [POWER] Knop [Auscultatie] Knop [START/STOP] 1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld. 2. Houd de knop [Auscultatie] gedurende 3 seconden ingedrukt. De “nulinstelling” wordt uitgevoerd. Wanneer de “nulinstelling” is voltooid, wordt het scherm voor controle van de druknauwkeurigheid weergegeven. 3. Controleer de weergave “0” en voer de druknauwkeurigheidscontrole uit.
Problemen oplossen Het apparaat wordt niet ingeschakeld Oorzaak Oplossing Als het apparaat op batterijvoeding werkt, zijn de batterijen niet geplaatst of zijn deze leeg. Plaats de batterijen of vervang deze door nieuwe exemplaren (pagina 13). De netadapter is niet aangesloten. Sluit de netadapter aan (pagina 13).
Er was geen meting mogelijk Oorzaak/Oplossing Onderzoek de patiënt met behulp van palpatie of een andere methode. Nadat u de patiënt hebt onderzocht, controleert u de foutcode en raadpleegt u “Lijst met foutcodes” (pagina 29) voor niet-invasieve bloeddrukmeting. Abnormale meetwaarde Oorzaak/Oplossing De onderstaande oorzaken zijn mogelijk. Onderzoek de patiënt via palpatie en herhaal vervolgens de meting.
De meetwaarde is dubieus Oorzaak Oplossing Ontluchten gaat snel. Controleer op losse manchetaansluiting. Onjuiste manchetmaat gebruikt Meet de omtrek van de arm van de patiënt en controleer of een manchet met de juiste maat wordt gebruikt. Manchet om dikke kleding gewikkeld. Controleer of de manchet rond een blote arm is gewikkeld of rond een arm met zeer dunne kleding. De patiënt zit niet op correcte wijze. Laat de patiënt gaan zitten met de voeten plat op de vloer en de manchet op harthoogte.
Lijst met foutcodes ■ Voorbeeld: E2 SYSTEEM Foutcode E9 Beschrijving Interne hardwarefout Te controleren punten Raadpleeg de OMRONverkoper of -distributeur. Niet-invasieve bloeddrukmeting (NIBP) Foutcode E1 E2 Beschrijving Te controleren punten De slang van de manchet is niet aangesloten. Breng de manchetslang stevig aan. Vervang de manchet door een Er lekt lucht uit de manchet. OMRON GS-MANCHET die niet lekt.
Overige problemen Foutcode Beschrijving De manchet is opgepompt tot 300 mmHg of hoger tijdens handmatig oppompen in de “Auscultatiemodus”. Bij handmatig oppompen in de “Auscultatiemodus” laat u de knop los als de druk de gewenste waarde bereikt. De manchet wordt te hard opgepompt Als dit gebeurt tijdens een meting, herhaalt u de meting. Als dit gebeurt wanneer geen meting wordt uitgevoerd, neemt u contact op met de OMRON-verkoper of -distributeur. De batterijen zijn leeg.
Verwijdering Aangezien het risico van milieuverontreiniging bestaat, moet u de van toepassing zijnde nationale en lokale wettelijke voorschriften met betrekking tot verwijdering of recycling van deze apparatuur en van de bijbehorende batterijen volgen. De belangrijkste bestanddelen van elk onderdeel worden weergegeven in de onderstaande tabel.
Specificaties Technische specificaties: HBP-1100 Hoofdeenheid Parameter voor meting NIBP, PR Afmetingen Hoofdeenheid: 130 × 175 × 120 (mm) 5,12 × 6,89 × 4,72 (inch) (b×h×d) Netadapter: 55 × 25 × 70 (mm) 2,17 × 0,98 × 2,76 (inch) (b×h×d) Gewicht Hoofdeenheid: circa 510 g (accessoires niet inbegrepen) Netadapter: circa 42 g Display 7-segments LCD Beschermingsklasse Klasse 2 (netadapter) Intern aangedreven apparatuur (bij gebruik op alleen batterijvoeding) Mate van bescherming Type BF MDDclassifica
Omgevingsomstandigheden Temperatuurbereik: 5 tot 40 °C (41 tot 104 °F) Werkingsomstandigheden Opslag en vervoer Luchtvochtigheidsbereik: 15 tot 85 % RV (zonder condensvorming) Atmosferische druk: 700 tot 1060 hPa Temperatuurbereik: -20 tot 60 °C (-4 tot 140 °F) Luchtvochtigheidsbereik: 10 tot 95 % RV (zonder condensvorming) Atmosferische druk: 500 tot 1060 hPa Niet-invasieve bloeddrukmeting Meettechnologie Meetmethode Weergavebereik druk Weergavenauwkeurigheid druk Oscillometrische Dynamische lineaire o
Belangrijke informatie met betrekking tot de elektromagnetische compatibiliteit (EMC) Door het gestegen aantal elektronische apparaten, zoals pc’s en mobiele telefoons, kan bij het gebruik van medische apparatuur elektromagnetische interferentie van andere apparaten optreden. Elektromagnetische interferentie kan ertoe leiden dat het medische apparaat niet goed werkt, zodat een potentieel onveilige situatie ontstaat. Medische instrumenten mogen zelf ook geen andere apparaten storen.
Verklaring van de fabrikant De HBP-1100 is bedoeld voor gebruik in de elektromagnetische omgeving die hieronder is gespecificeerd. De koper en/of gebruiker van de HBP-1100 moet er zeker van zijn dat het apparaat wordt gebruikt in een dergelijke omgeving. Elektromagnetische emissie (IEC60601-1-2) Emissietest Compliantie Elektromagnetische omgeving RF-emissie CISPR 11 Groep 1 De HBP-1100 gebruikt RF-energie alleen voor interne functies.
Elektromagnetische immuniteit (IEC60601-1-2) Immuniteitstest Testniveau IEC60601-1-2 Compliantieniveau Elektromagnetische omgeving - richtlijn Elektrostatische ontlading (ESD) IEC 61000-4-2 ±6 kV contact ±8 kV lucht ±6 kV contact ±8 kV lucht Vloeren moeten van hout, beton of keramische tegels zijn. Als de vloer is bedekt met synthetisch materiaal, moet de relatieve vochtigheid ten minste 30 % zijn.
Immuniteitstest Testniveau IEC60601-1-2 Compliantieniveau Elektromagnetische omgeving richtlijn Draagbare en mobiele RF-communicatieapparatuur mag niet dichter bij onderdelen van de HBP-1100, inclusief de kabels, worden gebruikt dan de aanbevolen scheidingsafstand die wordt berekend op basis van de vergelijking die geldt voor de frequentie van de zender.
Aanbevolen scheidingsafstanden: Aanbevolen scheidingsafstanden tussen draagbare en mobiele RF-communicatieapparatuur en de HBP-1100 De HBP-1100 is bedoeld voor gebruik in een elektromagnetische omgeving waarin RF-stralingsstoringen beheerst worden.
Fabrikant OMRON HEALTHCARE Co., Ltd. Vertegenwoordiging in de EU OMRON HEALTHCARE EUROPE B.V. 53, Kunotsubo, Terado-cho, Muko, KYOTO, 617-0002 JAPAN Scorpius 33, 2132 LR Hoofddorp, NEDERLAND www.omron-healthcare.com OMRON DALIAN Co., Ltd. Productiefaciliteit No. 3, Song Jiang Road, Economic and Technical Development Zone, Dalian 116600, China OMRON HEALTHCARE UK LTD. Opal Drive, Fox Milne, Milton Keynes, MK15 0DG, UK www.omron-healthcare.co.