Operation Manual
59
NL
Scherpstellen en opnamefuncties
4
Als het onderwerp een geringer contrast heeft dan zijn omgeving
Als het contrast van het onderwerp gering is, als bijvoorbeeld de belichting niet voldoende is of
het onderwerp door mist niet goed zichtbaar is, kan er niet scherp gesteld worden. Stel scherp
(scherpstelgeheugen) op een onderwerp met een hoog contrast dat even ver van de camera
verwijderd is als het onderwerp dat u wilt fotograferen, kies daarna de gewenste uitsnede en
maak de opname.
Enkelbeeldopnamen
o
Telkens als u de ontspanknop indrukt, maakt de camera één
foto (in de stand Fotograferen).
Repeterende opnamen H
l
Zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt, maakt de camera
5 opnamen per seconde (in de stand JPEG).
Repeterende opnamen L
O
Zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt, maakt de camera
het ingestelde aantal opnamen per seconde
(
g
“
O
fps“ [Blz. 101]).
•
Druk de ontspanknop helemaal in en houd deze ingedrukt.
De camera blijft achter elkaar door fotograferen tot u de knop
loslaat.
•
De scherpstelling, de belichting en witbalans van de eerste
opname (tijdens S-AF, MF) worden vastgehouden.
x
Opmerkingen
•
Als tijdens repeterende opnamen de batterijspanningsindicator begint te knipperen, stopt de
camera met fotograferen en begint de gemaakte foto’s op te slaan op het geheugenkaartje.
Als batterijvoeding te laag is, kan de camera misschien niet alle foto’s opslaan.
Instelmethode
Repeterende opnamen
Directe knop
<
/
Y
/
j
+
k
Superbedieningspaneel
ip
: [
<
/
Y
/
j
]
Het aantal repeterende opnamen
dat kan worden gemaakt
k
<
/
Y
/
j
-knop










