Operation Manual
56
LIJST LEEG
• U probeert een verzending uit het geheugen te wijzigen/wis-
sen zonder dat u er eerder een heeft ingesteld.
• U heeft om afdrukken van het activiteitenrapport gevraagd
maar het faxtoestel heeft geen enkele transactie (verzending/
ontvangst) uitgevoerd.
• U probeert de lijst van binnenkomende/uitgaande oproepen
weer te geven of af te drukken maar het faxtoestel heeft geen
oproepen ontvangen.
LIJST VOL
• U probeert een fax- of telefoonnummer aan de lijst van uitge-
sloten nummers toe te voegen maar de lijst is vol: u moet ten
minste één nummer uit de lijst wissen (zie "Lijst van uitge-
sloten nummers wissen", hoofdstuk "Geavanceerd ge-
bruik").
• U probeert een document uit het geheugen aan meer dan 10
correspondenten te verzenden. Het faxtoestel kan een docu-
ment uit het geheugen aan maximaal 10 correspondenten
verzenden (zie "Een document aan meerdere correspon-
denten verzenden", hoofdstuk "Functies voor verzenden
en ontvangen").
NIET GEPROGRAMM.
U hebt een positie (00 – 59) van het adresboek gekozen
waarop geen fax- of telefoonnummer geprogrammeerd is: kies
een andere positie of programmeer de zojuist gekozen positie
(zie "Programmering van het adresboek", in het hoofdstuk
"Functies voor verzenden en ontvangen").
NIET INGEVOERD
U probeert een polling voor ontvangst te wissen/wijzigen zon-
der dat deze is ingesteld.
NIET INGEVOERD
U probeert een verzending uit het geheugen te wissen/wijzi-
gen zonder dat deze is ingesteld.
NIET TOEGESTAAN
U bent bezig een operatie uit te voeren die niet is toegestaan
op het faxtoestel.
PAPIER PROBLEEM, DRUK op <s>
Het papier is vastgelopen tijdens het kopieren of verzenden:
druk op de toets
. Indien het papier niet automatisch
wordt uitgevoerd, dient u te controleren waar het geblok-
keerd zit, en het handmatig te verwijderen (zie "Vastgelo-
pen papier verwijderen", in het hoofdstuk "Onderhoud").
PATROON CONTR.
• Het faxtoestel detecteert geen printpatroon omdat u vergeten
bent de patroon in het toestel te installeren of omdat hij niet
correct geïnstalleerd is: installeer de patroon of installeer hem
opnieuw.
• Enkele inktsproeiers van de patroon zijn beschadigd, wat in
een slechte afdrukkwaliteit resulteert. Voer de reinigings-
procedure voor de patroon uit (zie "Reinigingsprocedure
voor de printpatroon en testprocedure voor de
inktsproeiers", in het hoofdstuk "Onderhoud").
PATROON VERV.
De inkt in de patroon is op: vervang de printpatroon (zie
"Printpatroon vervangen", in het hoofdstuk "Onderhoud").
REEDS GEPROGR.
U heeft een positie (00 - 59) van het adresboek gekozen
waarop u reeds een fax- of telefoonnummer heeft opgesla-
gen: kies een andere positie (zie "Programmering van het
adresboek", hoofdstuk "Functies voor verzenden en ont-
vangen").
REEDS INGEVOERD
U heeft reeds een polling voor ontvangst ingesteld. U kunt er
niet gelijktijdig nog een instellen.
REEDS INGEVOERD
U heeft reeds een verzending uit het geheugen ingesteld. U
kunt er niet gelijktijdig nog een instellen.
RX FOUT
De ontvangst verliep niet correct; druk op de toets om
de fouten-LED "
" uit te schakelen en het bericht van het
display te wissen.
RX IN GEHEUGEN
De ontvangen gegevens werden in het geheugen opgesla-
gen wegens een fout tijdens de ontvangst, die het afdrukken
belette: zoek op de onderste regel van het display naar het
fouttype en los het probleem op.
TX FOUT
De verzending verliep niet correct; druk op de toets
om de fouten-LED " " uit te schakelen en het bericht van
het display te wissen, en herhaal de verzending.
VERWIJDER DOC., DRUK OP <s>
• Indien het document geblokkeerd raakt tijdens het kopiëren of
verzenden, dient u op de toets
te drukken. Indien het
document niet automatisch wordt uitgevoerd, moet u het do-
cument handmatig verwijderen (zie "Vastgelopen documen-
ten verwijderen", in het hoofdstuk "Onderhoud").
• U hebt het scannen onderbroken door op de toets
te
drukken.










