Operation Manual

Kleurkoppeling> 74
Assistant is toegewezen aan het profiel. Zie "Profile
Assistant" op pagina 61.
8. Selecteer in het menu [Simulatie doelprofiel] (7) het
profiel van het apparaat dat u wilt simuleren.
Vergeet niet dat de namen 'CMYK-bron 1', 'CMYK-bron 2'
en dergelijke verwijzen naar het nummer dat met Profile
Assistant is toegewezen aan het profiel. Zie "Profile
Assistant" op pagina 61.
Als u zwarte en grijze tinten wilt produceren die worden
afgedrukt met alleen zwarte toner, schakelt u de optie
[Zwart behouden] uit. Weliswaar krijgt u met deze optie
een afdruk van betere kwaliteit, maar hierbij worden de
zwarte en grijze tinten niet correct gesimuleerd.
9. Kies [Kleur] [Graphic Pro 2] (8).
10. Selecteer uw printerprofiel in het menu voor
[Printeruitvoerprofiel] (9).
11. Als [Auto] is geselecteerd, worden de
standaardfabrieksprofielen gebruikt die zijn ingesloten in
de printer. Als u zelf een printerprofiel hebt gemaakt met
software voor het maken van profielen, selecteert u dat
hier en kiest u een renderingsintentie (zie
"Renderingsintenties" op pagina 84).
8
9