Operation Manual

UPGRADES VAN DRIVERS INSTALLEREN > 73
PRINTERDRIVERS VAN WINDOWS BIJWERKEN
Nadat u de upgrades hebt geïnstalleerd, moet u de printerdriver van
Windows bijwerken om de extra functies beschikbaar te maken voor
uw Windows-toepassingen.
Als u de printer deelt met gebruikers op andere computers, moet de
printerdriver ook op die computers worden bijgewerkt.
De afbeeldingen die hier worden weergegeven, hebben betrekking op
Windows XP. In andere versies van Windows worden mogelijk
dialoogvensters weergegeven die iets afwijken van deze
afbeeldingen, maar de principes zijn hetzelfde.
Als u extra geheugen hebt geïnstalleerd, hoeft u de printerdriver niet
te wijzigen en kunt u deze sectie overslaan.
Als u een duplexeenheid hebt geïnstalleerd, gaat u als volgt te werk:
1.
Open het venster Printers
('Printers en faxen' in
Windows XP) via het menu
Start
of vanuit het
Configuratiescherm van
Windows.
2.
Klik met de rechtermuisknop op
het printerpictogram van de
printer en kies
Eigenschappen
in het snelmenu.
3.
Schakel op het tabblad
Device Options
(Apparaatopties) het
selectievakje in voor de upgrade die u zojuist hebt
geïnstalleerd.
4.
Klik op
OK
om het eigenschappenvenster te sluiten en sluit
vervolgens het venster Printers.